`Wil je toppen creëren, moet je ook dalen accepteren'

Wordt Nederland inderdaad dommer, loopt het land werkelijk achter? De methoden om de stand van de kenniseconomie te meten, zijn omstreden. Vast staat dat innovaties bedrijven hier verhoudingsgewijs weinig opleveren. Hoe zien werknemers bij internationale technologische bedrijven de positie van de Nederlander?

Het niveau van de Nederlandse onderzoeker is goed, zeggen de Rus Melnikov en de Nederlander Hondmann die bij Unilever werken. Maar de Amerikaan is eerder bereid een groot deel van zijn leven te wijden aan de wetenschap.

Unilever gaat zijn wereldwijd onderzoek naar levensmiddelen concentreren in Vlaardingen. Mensen van bijvoorbeeld het Britse lab verhuizen de komende jaren naar Nederland. ,,Dan gaan we waarschijnlijk alles in het Engels doen'', zegt Sergey Melnikov, die vier jaar geleden bij Unilever Research kwam werken. Melnikov is chemicus, afgestudeerd aan de Universiteit van Moskou, en gepromoveerd in Japan. In Vlaardingen houdt hij zich bezig met de natuur- en scheikundige eigenschappen van margarine, sauzen, dressings, mayonaise. Als de consument een margarine wil die niet spettert of het cholesterolniveau in het bloed verlaagt, zoeken Sergey en zijn collega's uit of, en hoe, dat mogelijk is. ,,We kunnen margarine geler maken of smeerbaarder. We proberen ook margarine te maken met minder vet, of met verschillende smaken'', zegt Melnikov.

Op zijn afdeling werken ruim vijftig mensen. Ongeveer de helft daarvan is analist en uit Nederland afkomstig. De rest is wetenschappelijk geschoold. Op Melnikovs afdeling werken Duitsers, Fransen, Britten, een Japanse, een Zweed, Bulgaren. Hij schat dat nu een kwart van de wetenschappers uit het buitenland komt. En dat aandeel zal zeker niet dalen, meent Melnikov.

Op de vraag of Nederlanders dommer worden, antwoordt Melnikov ontkennend. ,,Het niveau van de promovendi ligt hoog in Nederland. Er zijn sterke groepen op gebied van voeding. Je hebt Wageningen, dat is in Europa erg bekend. En je hebt Utrecht op het gebied van de fysische chemie.'' Hij kent de Nederlander als iemand die veel talen spreekt. En buitenlanders kunnen makkelijk contact met hem leggen. ,,In Japan is dat moeilijker'', zegt Melnikov.

De Rus merkt wel dat natuurwetenschappen minder populair worden in West-Europa. Volgens hem speelt zich in Amerika eenzelfde tendens af. Alleen als je werkelijk geïnteresseerd bent in natuur-, schei- of wiskunde ga je het nog studeren. Het kost namelijk veel moeite. ,,Je moet écht hard leren. Terwijl je je met een stuk minder moeite ook bedrijfseconoom of marketeer kunt noemen. En dat zijn de jongens die het geld verdienen.'' Of dat erg is, betwijfelt Sergey. Steeds meer productie gaat naar Oost-Europa, of naar Azië. Heb je hier dan nog wel technici, of mensen met een bèta-opleiding nodig? Het wordt steeds belangrijker om je producten goed op de markt te kunnen zetten. Wat denkt de consument, hoe communiceer ik met hem, hoe kan ik hem iets verkopen? Sergey: ,,Vanuit die gedachte is het helemaal niet zo vreemd dat hier zoveel mensen kiezen voor bedrijfskunde, economie, of psychologie''.

Zijn collega Dirk Hondmann gelooft evenmin dat de Nederlander dommer wordt, of het aflegt tegen de internationale concurrentie. ,,De meeste Nederlandse universiteiten doen het internationaal gezien goed'', zegt Hondmann, hoofd van de afdeling onderzoek en ontwikkeling van de afslankproducten die onder de naam SlimFast op de markt worden gebracht.

Hondmann is moleculair bioloog, afgestudeerd aan de Universiteit Wageningen, maar nu houdt hij kantoor in Palm Beach, Florida. Voor zijn promotieonderzoek werkte hij in Groningen en aan Harvard. Sinds 1993 is hij bij Unilever in dienst. ,,Wat mij opvalt aan Amerika is dat er een kleine wetenschappelijke top bestaat die erg veel subsidie krijgt'', zegt hij. ,,Het is hier ook eendimensionaler. Mensen zijn eerder bereid een groot deel van hun leven te wijden aan de wetenschap. Dat ken ik van Nederland niet. Dat is geen land van extremen.'' De vraag is volgens Hondmann, waar je als land het meeste aan hebt. ,,Wil je als Nederland toppen creëren, dan zul je ook dalen moeten accepteren.''