Meevaller dankzij uitlaatfabrikant

Een belastingrechtszaak van uitlatenfabrikant Bosal kan de fiscus 1,6 miljard euro kosten. Directeur Karel Bos: `Procederen is niet onze core business, maar ik wist dat we gelijk hadden.'

Het Nederlands bedrijfsleven kan tevreden zijn. Gisteren kreeg het van het Europese Hof van Justitie een lastenverlichting van ruim een half miljard euro in de schoot geworpen. Het gevolg van het feit dat het Europese Hof de Nederlandse uitlatenfabrikant Bosal in het gelijk heeft gesteld in een zaak over de aftrekbaarheid van kosten voor buitenlandse deelnemingen (belangen in andere bedrijven). Bosal had in 1993 de fiscus voor de rechter gedaagd, omdat het de kosten voor binnenlandse deelnemingen wél, maar de kosten voor buitenlandse deelnemingen níet mocht aftrekken van de winst. De hiervoor geldende regeling, de zogenoemde deelnemingsvrijstelling, is volgens Bosal in strijd met het antidiscriminatieartikel in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Bosal hield daarom een bedrag van omgerekend 1,8 miljoen euro achter aan winstbelasting en werd gisteren daarmee in het gelijk gesteld.

,,Ik ben tevreden, we hebben altijd geweten dat we het gelijk aan onze kant hadden'', zegt Karel Bos, directeur van Bosal, desgevraagd. Toen Bosal eind jaren tachtig flink in de lift zat en er ook veel acquisities gedaan werden, liep Bos tegen het probleem van de aftrekbaarheid van kosten aan. ,,Ik vond het vreemd dat Nederlandse deelnemingskosten wel aftrekbaar waren en buitenlandse niet, dat kostte een hoop geld. Eigenlijk wilden we helemaal geen proces beginnen. We hebben er eerst over gedacht om onze houdstermaatschappij te verplaatsen naar het buitenland. Maar uiteindelijk moesten we wel.''

Bosal spande als eerste een proces aan, maar was uiteindelijk niet het enige bedrijf dat bezwaar maakte tegen de verschillende behandeling van binnen- en buitenlandse deelnemingen. Tientallen middelgrote ondernemingen die zaken doen in het buitenland schaarden zich achter het bedrijf en maakten ook bezwaar. Het gevolg van de uitspraak van het Hof is dan ook dat de fiscus, als er niets gebeurt, in een klap jaarlijks voor 1,6 miljard euro aan belastinginkomsten misloopt. Want bedrijven trekken ineens de kosten van buitenlandse deelnemingen af van de winst, hetgeen minder vennootschapsbelasting in het laatje brengt.

Financiën heeft vandaag in de ministerraad inderhaast een reparatiewet ingediend om te voorkomen dat er jaar op jaar gaten in de begroting worden geslagen als gevolg van de uitspraak. Die maatregel is in overleg met het bedrijfsleven tot stand gekomen, en dat is te merken ook. Van het bedrag van 1,6 miljard euro, `incasseert' de fiscus eenmalig 1,2 miljard aan derving van de vennootschapsbelasting. De `geplande' jaarlijkse derving van 950 miljoen euro als gevolg van de uitspraak wordt teruggebracht tot een derving van 550 miljoen euro per jaar. Die 550 miljoen jaarlijks aan belastingderving komt dus terecht bij het bedrijfsleven.

De reparatiemaatregel die staatssecretaris Wijn (Financiën) vandaag in de ministerraad presenteerde, probeert niet alsnog een grens te stellen aan de aftrekbaarheid van deelnemingskosten. De maatregel gooit het over een heel andere boeg, die van de zogenoemde thin capitalisation. Daamee wordt een grens gesteld aan de verhouding tussen eigen vermogen en vreemd vermogen, zodat bedrijven niet te veel van hun groei financieren met vreemd vermogen – de (rente)kosten van vreemd vermogen zijn immers ook weer aftrekbaar. Helemaal budgettair neutraal is de nieuwe wet niet ten opzichte van de oude regeling: jaarlijks schiet de staat er 550 miljoen euro bij in.

De uitspraak van het Hof heeft zo indirect een positieve invloed op het vestigingsklimaat in Nederland. Het is dankzij Bosal voor buitenlandse moederbedrijven met dochters in het buitenland immers aantrekkelijker geworden zich in Nederland te vestigen. Dat betekent meer bedrijven, meer werkgelegenheid, meer belastinginkomsten enzovoorts.

Maar niet iedereen is daar even blij mee. Fiscalist Jurgen Warmerdam van MKB Nederland hekelt de wijze waarop bedrijven als Bosal het EVRM aangrijpen om er zelf beter van te worden. ,,Het antidiscriminatiebeginsel is in de jaren vijftig bedacht om onderscheid op basis van ras en huidskleur onmogelijk te maken. Als je er fiscaal voordeel mee gaat proberen te halen, is dat echt ongelooflijk'', zegt hij. Volgens Warmerdam is het verdrag dan ook aan herziening toe. ,,Grote bedrijven krijgen het op den duur voor elkaar dat alle Europese belastingwetten op elkaar gaan lijken. Dat moet je niet willen, concurrentie is goed'', zegt hij.

Karel Bos is ondertussen blij dat de hele zaak achter de rug is, hoewel hij ook een slecht gevoel heeft bij de bijna een decennium durende procesgang. ,,Onze core business is uitlaten maken, niet procederen. Juist omdat er al in 1989 een notitie lag waarin vraagtekens werden gesteld bij het verbod op aftrek van buitenlandse deelnemingen heb ik het idee dat ook de staat op voorhand al wist dat hij zou gaan verliezen. Dat maakt het allemaal een beetje zinloos.'' Het feit dat de staat vooruitlopend op de uitspraak al een lagere opbrengst van de winstbelasting in de begroting had laten opnemen, bevestigt het vermoeden van Bos. Bosal krijgt nu zo'n 2 miljoen euro terug van de staat. ,,Die zullen we gebruiken om verder te groeien.''