Meer kans met lager stuur en ouderwetse helm

Leontien van Moorsel (33) probeert volgende maand in Mexico Stad voor de tweede keer het werelduurrecord te verbeteren. Ze is beter voorbereid dan twee jaar geleden, met dank aan TNO.

Leontien van Moorsel heeft in haar rijke wielerloopbaan nooit veel belangstelling getoond voor wetenschappelijke snufjes. Hard fietsen, was haar motto. In de herfst van haar loopbaan is ze eindelijk overtuigd geraakt van het nut van windtunnels, racestrategie en vermogensbelasting. Ze oefent niet alleen op ouderwetse wijze achter de derny van haar schoonvader Joop Zijlaard. Ze bezocht de afgelopen twaalf maanden regelmatig het onderzoekscentrum van TNO in Apeldoorn. Met behulp van ergonomische testen hoopt ze begin volgende maand het werelduurrecord van de Française Jeannie Longo te verbeteren.

Hans Bothe is als projectleider van TNO verbonden aan het team van Van Moorsel. Hij heeft veel ervaring met topsporters en raakte onder de indruk van de gedrevenheid van de drievoudig olympisch kampioene. ,,Ze is waanzinnig professioneel met haar sport bezig. Maar ze was altijd zo gefocust op prestaties dat ze haar techniek verwaarloosde. Wij hebben een middenweg gezocht, je moet de aard van de sporter niet verloochenen. We denken met de aanpassingen vijf procent winst te kunnen boeken. Omgerekend in een uur is dat zo'n 2,5 kilometer.''

Bothe liet Van Moorsel, die in een eerder stadium theoretische kennis heeft opgedaan bij de Universiteit van Amsterdam, in de windtunnel van TNO praktijkervaring opdoen. De projectleider kwam tot enkele opmerkelijke verbeteringen. Hij adviseerde haar het stuur twee centimeter lager af te stellen dan ze gewend was, om zo het `ellebogenwerk' te vermijden. Bij renners die moe worden, gaan de armen bijna automatisch naar buiten, wat voor meer luchtweerstand zorgt. Van Moorsel heeft zich naar eigen zeggen ,,met veel pijn en moeite'' haar nieuwe fietshouding aangewend.

Onderzoek van TNO heeft ook uitgewezen dat Van Moorsel haar lange haren in een vlecht én een knot moet doen, om zo de weerstand zo veel mogelijk te verminderen. Bothe spreekt van een spoiler-effect. Het kapsel zit onder een helm, die op advies van TNO ook is aangepast. De aerodynamische tijdrithelm bleek alleen geschikt voor de weg, niet voor de baan.

Bothe: ,,Wegrenners rijden met het gezicht naar voren, waardoor de punt van de helm gestroomlijnd langs de rug loopt. Baanrenners kijken naar beneden, waardoor de aerodynamica een tegengesteld effect heeft. Die punt van de helm was in de windtunnel een soort windhapper. Dus bleek de oude pothelm van Keetie van Oosten-Hage (die in 1973 een werelduurrecordpoging waagde, red.) veel geschikter, want puntloos.''

Overigens is de helm van Hage om veiligheidsredenen niet goedgekeurd door de internationale wielrenunie (UCI). De dood van de Kazak Andrei Kivilev, afgelopen voorjaar in Parijs-Nice, heeft de wielerbestuurders tot voorzichtigheid gemaand. Het hoofddeksel dat wél is goedgekeurd, houdt het midden tussen het oude en het nieuwe model.

De UCI heeft een paar jaar geleden ook strenge regels voor de fiets voorgeschreven. De hypermoderne rijwielen waarmee de Britten Obree en Boardman in de jaren negentig het werelduurrecord verbeterden, zijn verboden – de fiets moet wel op een fiets lijken. Blijft over de locatie. De buitenbaan in Mexico Stad ligt op een zuurstofrijke hoogte van 2.250 meter. Volgens TNO zijn de weersomstandigheden begin oktober ideaal: weinig wind en minder smog dan normaal.

Alleen de betonnen wielerbaan bleek bij een inspectie op ,,een kasseistrook'', zoals echtgenoot en begeleider Michael Zijlaard de piste verwoordde. Hij heeft de banenbouwer van Alkmaar bereid gevonden naar Mexico te vliegen om daar een grondige reparatie te verrichten. Een houtfirma sponsort de reis- en materiaalkosten van 40.000 euro. Het gehele project schommelt tussen de 100.000 en 150.000 euro en wordt mede mogelijk gemaakt dankzij een financiële bijdrage van NOC*NSF, dat dankzij de ergonomische testen van TNO andere topsporters hoopt te kunnen adviseren voor de Spelen in Athene.

Van Moorsel heeft lering getrokken uit haar mislukte recordpoging van twee jaar geleden in Manchester. Een dag na 11 september – de aanslagen overschaduwden al het sportnieuws – kwam ze in zestig minuten ongeveer anderhalve kilometer tekort om het record (45.094 kilometer) van Longo te verbeteren. De excuses lagen voor het oprapen. Ze had dikke benen, was met haar gedachten bij het wereldleed, had zich niet grondig voorbereid en ze was niet ongesteld geweest.

Het laatste excuus was geen flauwe smoes. Van Moorsel wil in Mexico een recordpoging wagen als ze menstrueert. Ze kan dan meer pijn verdragen, luidt haar verklaring. En pijnlijk is het, een uur lang in hetzelfde tempo in dezelfde houding in de rondte fietsen. Eddy Merckx, die in 1972 het werelduurrecord bij de mannen verbeterde, verklaarde zijn mindere vorm in het daaropvolgende jaar door de zware inspanning in Mexico City. ,,Dat record kostte een jaar van mijn leven'', wist de renner die ook wel `kannibaal' werd genoemd.