Frans voor iedereen

Hoewel bijna mijn hele familie in Nederland is geboren, spraken wij thuis toch Frans. Ongeveer één keer in de maand en allemaal tegelijk. Het kon op dinsdag of donderdag zijn, dat maakte niets uit. Zondag mocht ook. We deden het meestal om precies zes uur 's avonds. Wat wel belangrijk was, dat wij dan allemaal om de rechthoekige tafel zaten en mijn moeder daarop een ronde pan neerzette. Als ze het deksel oplichtte was dat het teken om samen Frans te spreken. In koor riepen we dan `Hacheee!!!'

Want dat is Frans. Hachee betekent gehakt. In dit geval vlees: gehakt met een hakmes. Gesneden mag ook.

Als we onze eerste hap zuurzoete hachee hadden genomen spraken we weer gewoon Nederlands zoals: `Mmm!' en `Wauw!'

Hachee is vooral veel vlees, want voor één mens maak je geen hachee. En met de hele familie tegelijk Frans spreken is leuker dan je denkt. Het vlees dat je ervoor gebruikt heet riblappen. Je hebt 750 gram nodig. Dat snij je in blokjes en die bak je zestig seconden in de hete boter. Daarna twee grote uien, geschild en in ringen gesneden. Erbij. Ook een theelepel bruine suiker. Weer bakken. Een eetlepel bloem erop strooien. Opnieuw even bakken. Dan twee eetlepels lekkere azijn. Het wordt al wat. Nog twee kruidnagels en twee laurierbladeren. Helemaal daar bovenop twee koppen runderbouillon. Zelf gemaakt of eventueel van een blokje. Zout en peper natuurlijk. Dat is alles. Moet nog wel gaar worden. Op een heel laag vuur, met deksel op de pan, mag dat best zo'n drie uur duren. Je eet het bij gekookte aardappelen. Of puree. Roep je familie bij elkaar. Vraag of ze Frans kunnen spreken en zet de pan op tafel. Doe de deksel eraf. Proberen maar. Allemaal tegelijk:

`Hhhaaachchcheee!'

Frans is echt niet zo moeilijk als het lijkt.