Regisseur Boermans faalt in monologen

Ricky Koole kijkt met een onrustige glimlach naar het publiek. Ze heeft haar jas al aan, want ze wil weg. Morgen, misschien al eerder, want de wereld zal vergaan en daar is ze opgefokt over. Soms rukt ze een raam open en slingert wat verwensingen de nachtlucht in. Haar enige antwoord is het onverstoorbaar dreunen van Amsterdamse trams.

Het gaat duidelijk niet goed met het meisje dat Koole gestalte geeft in de monoloog Bombsong, geschreven door de Duitse auteur Thea Dorn en geregisseerd door Theu Boermans. Bombsong maakt deel uit van Dwarsdenken: een vijftal monologen die de komende dagen op bijzondere plekken in de Amsterdamse Stadsschouwburg te zien en te horen zijn. Drie ervan zijn eerdere `hits' van de Theatercompagnie: Koliek, De Koorts en Rouwklacht. Twee monologen zijn nieuw: Bombsong en Virus.

Omdat een alleenspraak alleen kan boeien als de acteur contact met het publiek weet te maken, is het goed dat Koole aan de top van het trappenhuis op een bordes speelt. Dat is minder formeel en daardoor minder afstandelijk. Koole spreekt haar toehoorders direct aan, werpt ze vriendelijke blikken toe en gaat dikwijls dicht bij de mensen zitten. Toch is de gespannen ondertoon in haar stem goed hoorbaar, iets wat bij vlagen overgaat in te neurotisch spel. Maar de tekst maakt het haar dan ook niet makkelijk. Het zijn lange, apocalyptische zinnen, heel soms afgewisseld door persoonlijker getinte verhaaltjes, waarbij zowel Koole als publiek even opleven. Helaas wint de ongenuanceerde somberheid en ondanks tranen in de ogen van de actrice, ontroert ze niet.

Hoewel de monoloog Virus door Harry van Rijthoven een heel andere thematiek aansnijdt, vertoont het nogal wat gelijkenissen met Bombsong. Het is alleen erger. Koole kon zich nog vrij bewegen, Van Rijthoven ligt vastgesnoerd op een medische stoel, gestoken in een krakende leren dwangbuis, die vreemd ouderwets bij de klinisch witte omgeving afsteekt.

Van Rijthoven verbeeldt een doorgeflipte beurshandelaar die in zijn val ook zijn vrouw, haar minnaar en zijn kind meesleepte. Net als Koole bedient Van Rijthoven zich van een ietwat hysterische spreektoon. Net als bij Koole komen er pillen aan te pas, is er sprake van vluchtgedrag en tranen in de ogen. Maar meer nog dan Koole gaat Van Rijthoven jammerlijk ten onder aan zijn tekst. Virus is geschreven door de in Duitsland gevierde poëet Albert Ostermaier, die zijn personage grotendeels in computertermen en beursgerelateerde metaforen laat spreken. Het is ronduit pijnlijk om een door de wol geverfde kundige acteur zoveel holle retoriek te horen uitkramen.

Het falen van beide voorstellingen is zowel te wijten aan regisseur Boermans, als aan de ongelukkige keuze van de teksten; te pompeus voor vruchtbare communicatie met de toehoorders. Gelukkig hebben de drie resterende monologen hun succes in het verleden reeds bewezen, zodat Dwarsdenken ook nog inspirerende gedachten kan opleveren.

Voorstelling: Dwarsdenken door de Theatercompagnie: 1. Bombsong door Ricky Koole. 2. Virus door Harry van Rijthoven. Gezien: 17/9, Stadsschouwburg, Amsterdam. Aldaar t/m 22/9. Inl. (020) 624 2311 of www.theatercompagnie.nl