Rechter Garzón klaagt Bin Laden aan

De Spaanse onderzoeksrechter Baltasar Garzón heeft de leider van het terreurnetwerk Al-Qaeda, Osama bin Laden, officieel in staat van beschuldiging gesteld. Bin Laden wordt beschuldigd van deelname aan een terroristische organisatie en de planning en uitvoering van de terreuraanslagen in de Verenigde Staten op 11 september 2001. Tegen hem is een internationaal opsporing- en arrestatiebevel uitgevaardigd.

In totaal worden 35 verdachten voor de rechtbank gedaagd. Sinds eind 2001 loopt er onder leiding van Garzón een vooronderzoek naar een Spaanse cel van Al-Qaeda. Van het bestaan hiervan bestond al snel na de elfde september het vermoeden, toen duidelijk werd dat een van de leidende zelfmoordterroristen, Mohammed Atta, in juli 2001 in Taragona was gesignaleerd. Volgens Garzón was dit bezoek bedoeld om de laatste details van de aanslagen voor te bereiden.

Onder de gedaagde verdachten bevinden zich elf veronderstelde terroristen van de Spaanse cel die reeds sinds november 2001 vastzitten. Ook de correspondent van de Arabische televisiezender Al-Jazira, de eerder deze maand gearresteerde Taysir Alony, behoort tot de verdachten. Alony, een tot Spanjaard genaturaliseerde Syriër, wordt het leveren van hand- en spandiensten aan het netwerk ten laste gelegd.

Het arrestatiebevel van Garzón voegt een nieuw juridisch huzarenstukje toe aan de opmerkelijke loopbaan van deze Spaanse onderzoeksrechter. Garzón (47) geniet al meer dan tien jaar bekendheid als een van de belangrijkste bestrijders van de Baskische terreurbeweging ETA en de grote narcoticabendes in Spanje. Internationaal kreeg hij bekendheid door zijn arrestatiebevel tegen de voormalige Chileense dictator Pinochet en de leden van het vroegere militaire schrikbewind in Argentinië. Hoewel Garzón er uiteindelijk niet in slaagde om uitlevering naar Spanje gedaan te krijgen, werden mede als gevolg van zijn acties juridische procedures in gang gezet tegen de betreffende verdachten.

Garzón is een groot voorstander van de vestiging van het Internationaal Strafhof met grensoverschrijdende bevoegdheden. Daarnaast meent hij dat het onder de geldende internationale rechtsregels mogelijk is om universeel strafvervolging tegen misdaden als terreur te beginnen in landen waar de misdaad niet direct heeft plaatsgehad. De actie tegen Al-Qaeda wordt gelegitimeerd door de cel op Spaans grondgebied en zeker één Spaans slachtoffer onder de doden van `elf september'.

Volgens het bijna 700 pagina's dikke onderzoeksdossier was Spanje een belangrijke schakel in het Europese Al-Qaedanetwerk. De lokale cel, die onder meer was georganiseerd rond een moskee in Madrid, werd volgens Garzón gebruikt als basis voor voorbereiding van aanslagen, werving en indoctrinatie van nieuwe militanten en logistieke en financiële ondersteuning van het netwerk. In zijn toespraken refereerde Bin Laden verschillende keren expliciet aan Spanje, onder meer door het noemen van Al-Andalus, de vroegere kalifaten op het Iberisch schiereiland. Van de 35 verdachten is de verblijfplaats van 17 verdachten, onder wie Bin Laden, onbekend. In totaal lopen er 17 Spaanse verzoeken voor internationale onderzoeken, onder meer in Jordanië.

De Spaanse regering heeft nog niet officieel gereageerd op het arrestatiebevel van Garzón. De algemene verwachting is evenwel is dat het kabinet-Aznar niet erg gelukkig is met het optreden van de onderzoeksrechter. Aznar geldt als onvoorwaardelijk medestander van de Amerikaanse regering, die weinig moet weten van internationale strafacties tegen Bin Laden.