Kritiek VN: arme buurt plat voor Afghaanse rijken

De regering van de Afghaanse president Hamid Karzai is in verlegenheid gebracht door het platwalsen van een arme wijk in de hoofdstad Kabul ten behoeve van woningbouw voor ministers en hoge functionarissen.

Gisteren werd op de Afghaanse televisie het ontslag bekendgemaakt van de politiecommandant van Kabul. De reden voor de vervanging van politiechef Basir Salangi werd niet meegedeeld, maar algemeen wordt aangenomen hij moet boeten voor zijn rol, eerder deze maand, bij het afbreken van de huizen van 30 gezinnen, in totaal meer dan 250 mensen, in de buurt Sherpur. Sommige van de nu verdreven bewoners leefden al tientallen jaren in Sherpur.

Het betreffende terrein is officieel eigendom van het ministerie van Defensie, en ligt vlak in de buurt van de wijk Wazir Akbar Khan waar veel buitenlandse organisaties hun kantoren hebben gevestigd. Sinds de val van het radicaal-islamitische bewind van de Talibaan zijn de huurprijzen daar geëxplodeerd. Tegelijkertijd werd de door strijdgeweld in de afgelopen decennia grotendeels vernielde hoofdstad overspoeld met honderdduizenden terugkerende vluchtelingen voor wie onvoldoende huisvesting is.

Volgens de speciaal rapporteur van de Verenigde Naties voor huisvesting, Miloon Kothari, vormt het ontbreken van een helder huisvestingsbeleid een van de grootste bedreigingen voor de stabiliteit in Afghanistan. Volgens hem is sprake van ,,een klimaat van onveiligheid en onzekerheid, waarin commandanten (van strijdgroepen) en invloedrijke leden van het establishment doorgaan met het straffeloos in bezit nemen van openbare en particuliere eigendommen, en waarin de armen en de kwetsbaren worden gedwongen om te leven in ontoereikende en onveilige omstandigheden (..) en ze voortdurend de kans lopen om met geweld te worden verdreven''.

Een voorbeeld daarvan is, volgens rapporteur Kothari tegenover een het aan de VN gelieerde persbureau Irinnews, de afbraak met bulldozers van de buurt Sherpur. De nu ontslagen politiecommandant Salangi zag twee weken geleden persoonlijk op toe op de operatie, waarbij zo'n honderd gewapende politieagenten werden ingezet.

President Karzai heeft een onderzoek gelast, onder leiding van plaatsvervangend minister van Justitie, Mohammad Qassem. De zaak ligt extra gevoelig omdat het ministerie van Defensie in handen is van Mohammad Qasim Fahim, een Tadzjiekse veldheer van de Noordelijke Alliantie. Waarnemers beschouwen hem als een van de machtigste mannen in de regering van Karzai. Een andere minister van Tadzjiekse afkomst, minister Yunus Qanooni, zou eveneens zijn oog hebben laten vallen op een nieuw huis in Sherpur. Maar ook een reeks andere ministers, de burgemeester van Kabul, de gouverneur van de Centrale Bank en hoge functionarissen zouden verhuisplannen hebben.

Op een persconferentie hebben minister Qanooni en bankgouverneur Anwar Ahady inmiddels weersproken dat zij uit zijn geweest op persoonlijk gewin door grond af te pikken van arme mensen. Volgens hen gebeurde de transactie volkomen legaal en in opdracht van president Karzai. Zij eisen dat VN-rapporteur Kothari zijn verontschuldigingen aanbiedt.

,,Ik geloof in mensenrechten, ik steun mensenrechten. Dit is politiek terrorisme'', zei bankgouverneur Ahady over de VN-beschuldigingen.