Charlois treurt over gettovorming

In het Rotterdamse Charlois dreigt gettovorming. Spreiding van kansarme nieuwkomers moet dat voorkomen. De oorspronkelijke bewoners houden nog steeds van hun wijk.

. Ze heten Peter, Hans, Elske, Riet of Rineke. Ze zijn een jaar of vijftig, zestig. En ze wonen al hun hele volwassen leven in de Rotterdamse wijk Pen-drecht in Charlois.

Die deelgemeente dreigt een getto te worden: herrie, zwerfvuil, criminaliteit en veel, heel veel allochtonen, waar spreiding van kansarme nieuwkomers een oplossing voor moet bieden. Veel autochtone bewoners zijn uit de na-oorlogse portiekflats weggetrokken, naar buitenwijken met grotere huizen en minder verloedering.

Zoniet Peter, Hans, Elske, Riet en Rineke. Zij hechten aan de wijk, omdat ze nog weten hoe het er is geweest. ,,Het was net een dorp. Er was een zwembad, er waren speeltuinen. Je had het park, de singels, er waren nog weilanden. Er was ook een winkelcentrum, dat was toen iets nieuws. Er kwamen hier mensen om te kijken naar de architectuur: zo licht en ruim. Zweden, Duitsers, Japanners: dat kwam hier allemaal naartoe op excursie.''

Woningcorporatie De Nieuwe Unie (4.500 woningen in Pendrecht) organiseerde gisteravond een etentje voor ze. ,,U zet zich al geruime tijd in voor de leefbaarheid van de wijk. Dat waarderen wij buitengewoon'', stond in de uitnodiging. Dus praatte een veertigtal bewoners van zeven tot tien in een restaurant over hoe het was, hoe het is en hoe dat is gekomen.

,,Je had toen de woningtoewijzing. Maar dat moet je niet romantiseren hoor: wij noemden dat de veekeuring. Mijn vrouw kan zich er nog kwaad over maken. Ze zeiden tegen haar: u bent wel een net vrouwtje, u mag hier komen wonen.'' ,,Maar het had wel voordelen natuurlijk: ze zorgden dat er werd gemengd. Niet meer dan één Turks gezin per portiek.''

Niet alleen was er de woningtoewijzing, er was ook controle door de woningbouwvereniging. ,,Als je de was over het balkon hing, kreeg je een briefje: dat dat geen gezicht was en niet mocht.'' ,,Dat was niet leuk hoor. Aan de andere kant: zoals het nu gaat, is het ook niet goed. Staan ze op het balkon een kippenpootje te eten, gooien ze het daarna over de rand naar beneden.'' ,,Dat komt natuurlijk ook door de cultuur: in hun land is het warmer, dan gaat het niet zo rotten en stinken. Dat weten ze niet, denk ik.''

De achteruitgang van de wijk is iets van de laatste tien, vijftien jaar. ,,Dat komt, de flats zijn te lang goedkoop gebleven. Er kwam dubbele beglazing en we kregen cv. Maar het is nu pas dat ze ze groter maken.'' ,,Er is te laat ingegrepen. De mensen zijn weggetrokken. Zie ze dan maar eens terug te krijgen.'' ,,Ik snap het ook wel: die mensen accepteerden de kleine woning vanwege de mooie locatie. Maar toen ging die ook achteruit.''

Niet dat ze de allochtonen de schuld geven. ,,Het is wel vaak: ik heb vier muren gehuurd en daarbuiten is de overheid verantwoordelijk. Maar dat geldt lang niet voor iedereen.'' ,,Als je kansarm bent, denk je volgens mij: laat maar. Pas als je meer geld hebt denk je: dit is mijn huis, ik wil het hier een beetje schoonhouden.'' ,,Het heeft niet met kleur te maken. Het gaat om binding met de buurt: of je dat hebt of niet.''

In het spreidingsidee van hun `eigen' PvdA-deelgemeentebestuurder Dominic Schrijer kunnen ze zich daarom wel vinden. Alleen betwijfelen ze of het ervan komt. ,,Het is een uitspraak voor het publiek. Het klinkt goed.'' ,,Ze hadden het veel eerder moeten doen. Nu is het eigenlijk al te laat.'' Dat late ingrijpen nemen ze de partij kwalijk. ,,Dit was een rooie wijk. Je werd zo ongeveer geacht lid van de partij te zijn om door de keuring te komen.'' ,,Op 1 mei zag het hier rood van de vlaggen. Nou, dat is voorbij, hoor.''

Maar al is alles anders geworden, weg willen ze niet. ,,Dat is de liefde voor Pendrecht. Een gevoel.'' ,,Mijn kinderen willen hier niet meer wonen. Die zeggen: ga toch ook weg. Maar ik blijf.''