Snelle machtsoverdracht in Irak is waanzin

Het is een illusie te denken dat wat in Bosnië zeven jaar heeft gevergd, de machtsoverdracht aan de plaatselijke bevolking, in Irak in één jaar kan, meent Fareed Zakaria.

Het is aandoenlijk om te horen dat Frankrijk vertrouwen heeft in de Iraakse Bestuursraad. Toen die raad werd opgericht, weigerden de Fransen zich er nog achter te stellen. Ten slotte lijkt iedereen het dan toch over Irak eens te zijn. De Franse en Duitse regering hebben voorgesteld Irak weer zo snel mogelijk aan de Irakezen over te dragen. De Bestuursraad zou de regering van Irak moeten worden en eind dit jaar zouden er verkiezingen moeten worden gehouden. Een aantal vooraanstaande Irakezen heeft zich voor dit voorstel uitgesproken. Ook VN-medewerkers hebben zich voorstanders betoond van een versnelde machtsoverdracht. Zelfs enkele Amerikaanse politici zien dit als een bruikbare exitstrategie. Maar er is één probleem. Het idee van een snelle machtsoverdracht aan de Irakezen is onpraktisch, onverstandig en gevaarlijk.

Het is merkwaardig dat in VN-kringen wordt betoogd dat we snel van de `logica van een bezetting' – om met Kofi Annan te spreken – op die van een Iraakse soevereiniteit moeten overgaan. De Verenigde Naties hebben een gezegende bijdrage geleverd aan de bezetting van Bosnië, waar het zeven jaar heeft gekost om de macht aan de plaatselijke bevolking over te dragen. Ze kunnen zich beroemen op de `logica van de bezetting' in Kosovo, die de afgelopen vier jaar gladjes is verlopen maar waarvan het einde voorlopig niet in zicht lijkt. Ze hebben twee jaar lang het nietige Oost-Timor bestuurd voordat de macht werd overgedragen. Denkt Kofi Annan nu écht dat iets wat in Bosnië zeven jaar heeft gevergd, in Irak met zesmaal zoveel mensen in één jaar te doen is?

Het is aandoenlijk om te horen dat Frankrijk vertrouwen heeft in de Iraakse Bestuursraad. Toen die raad werd opgericht, weigerde de Franse regering (evenals de Duitse) zich er achter te stellen, waarbij de groep heimelijk werd weggezet als Amerikaanse marionetten.

Het kostte de Verenigde Staten alleen al een maand om de Veiligheidsraad zover te krijgen dat die met de vórming van de raad instemde. De pas ontloken Franse liefde voor de raad is slechts een poging om zo snel mogelijk de Verenigde Staten weg te krijgen.

De Bestuursraad is een wezenlijk onderdeel van het nieuwe Irak. Maar op dit moment kan de raad onmogelijk de regering vormen. Het is een groep van 25 uiteenlopende mensen – gekozen om tegemoet te komen aan etnische, godsdienstige en andere verhoudingen – die nog nooit hebben samengewerkt. Toen hun werd gevraagd een voorzitter te kiezen, kozen ze er negen. Zelfs als de raad goed werkt, zal dat op zijn best als wetgevend en niet als uitvoerend orgaan zijn. Je kunt Irak niet laten besturen door 25 gelijkwaardige leiders, vooral niet in deze beslissende periode van hervorming en herstructurering.

Als de raad iets nodig heeft – geld, veiligheid – moet hij zich tot de Coalitie wenden. Na de recente bomaanslag in Najaf veroordeelde de bewindvoerder van de Coalitie deze aanslag, maar deed deze vervolgens een stap terug door te verklaren dat dit een zaak van de Bestuursraad was. Uren later had de raad nog niet eens een verklaring afgelegd. ,,Ik geloof wel dat er iemand een verklaring opstelt, ik meen dat iemand daar mee bezig is'', verklaarde een lid van de raad. ,,Wij hebben geen satellietschotel... De Amerikanen zouden ons een schotel moeten geven.''

Irak is misschien geen failliete staat, maar wel één die heel slecht functioneert. Irak heeft dertig jaar totalitair bewind, drie oorlogen, dertien jaar economische sancties en een grootscheepse binnenlandse onderdrukking achter de rug. De ministeries zijn georganiseerd volgens stalinistisch recept. Het volk is tientallen jaren met geweld onder de duim gehouden. Het zal tijd kosten om de Iraakse staat te hervormen en de Iraakse politieke cultuur te herstellen. Een onmiddellijke machtsoverdracht zal dit hervormingsproces vertragen en misschien zelfs op achterstand zetten. Nieuwe politieke leiders zullen de Iraakse staat proberen te gebruiken om hun macht te bestendigen, níet om het bereik daarvan te beperken.

Een snelle overdracht aan de plaatselijke bevolking zou ook het einde van de Amerikaanse hulp betekenen. De Verenigde Staten zijn van plan dit jaar zeker 20 miljard dollar in Irak te pompen – de helft van het bruto nationaal product van het land. Irak heeft al sinds 1979 geen begroting meer gepubliceerd. De ministeries kunnen geen 20 miljard dollar besteden – laat staan goed besteden. Het is uitgesloten dat de Verenigde Staten deze hulp zouden handhaven als ze rechtstreeks in een dergelijk gat zou vloeien.

Toch moeten de Verenigde Staten instemmen met een zekere verandering in de politieke structuur van de bezetting, anders krijgen ze niet de hulp die ze dringend nodig hebben. Zelfs als de VN een resolutie aannemen, zal die zich niet vertalen in troepen en geld, tenzij het een sterke resolutie is die wordt gesteund door belangrijke landen. De oplossing is misschien dat Paul Bremer wordt benoemd tot VN-functionaris die rapporteert aan de Veiligheidsraad. Daarmee zou de controle over Irak worden gedeeld, met behoud van de inmiddels ontstane gezagsstructuur en het hervormingsklimaat dat zich heeft ontwikkeld.

Behalve troepen en geld geeft een internationalisering de bezetting ook extra tijd. Bremer heeft een zeven-stappenplan opgesteld dat zou moeten leiden tot de goedkeuring van een grondwet, gevolgd door verkiezingen – waarschijnlijk over twee jaar. In die tijd zouden in Irak rechtbanken, politie, leger en bestuur worden vernieuwd. Dit is een verstandige weg, en misschien is zelfs die al te overhaast.

Volkssoevereiniteit is een groot goed, maar belangrijker nog is een constitutioneel proces. De Fransen weten dit. De Franse Revolutie beklemtoonde de volkssoevereiniteit zonder veel acht te slaan op beperking van de staatsmacht. De grondleggers van Amerika daarentegen waren geobsedeerd door de opstelling van een grondwet. In beide landen ontstond een echte democratie. Maar in Frankrijk vergde het twee eeuwen, vijf republieken, twee keizers en één dictatuur eer het zover was. Dat willen we in Irak vast beter doen.

Fareed Zakaria is columnist van Newsweek. ©Newsweek Inc.