Grootste `Sin' onder de katholieken

Hij leidde twee volksopstanden die resulteerden in het afzetten van evenveel Filippijnse presidenten. Want alleen als hij het goed vindt, blijft zo'n president zitten. En elke poging tot staatsgreep, de laatste op 27 juli, kan worden afgebroken zodra hij zijn morele gewicht in de strijd gooit.

En toch had de deze week teruggetreden kardinaal Sin, 17de aartsbisschop van Manila (sinds 1974) en hoofd van de rooms-katholieke kerk van de Filippijnen (sinds 1976) formeel geen enkele politieke macht. ,,De scheiding tussen kerk en staat is een realiteit die ik accepteer'', zei Sin twintig jaar geleden, ,,maar scheiding betekent geen afzondering.'' Sin zal dan ook eerder herinnerd worden als, zoals hij zelf zei, ,,amateur-politicus'', dan als prelaat.

Drie decennia was Jaime Lachica Sin kerkvorst in een land waar ruim zestig van de meer dan tachtig miljoen inwoners devoot katholiek zijn. De kerk heeft grote invloed op het doen en laten van de bevolking en aldus geniet de kerkleider bijna automatisch enorm gezag. Op 31 augustus werd Sin echter 75 en was hij verplicht een ontslagbrief aan het Vaticaan te schrijven. Deze week accepteerde de paus het aftreden van Sin.

Sin maakte geregeld grappen over zin ongebruikelijke naam. ,,Ik ben de enige `Sin' (zonde) die door de kerk wordt opgehemeld.'' Zijn Chinese vader, Sin Puat-co, en Spaanse moeder kregen zestien kinderen, de oudste zeven stierven allen op jonge leeftijd.

Deze treurige jeugdervaringen hebben Jaime Sin er als kerkvader niet van weerhouden geboortebeperkende middelen en abortus fel te bestrijden. Veel laagopgeleide parochianen zijn door de kerk opgevoed met de notie dat het gebruik van condoom en pil moreel gelijk staat aan abortus. Dankzij de kerk doet slechts een op de tien Filipino's aan geboortebeperking. Overbevolking is het gevolg en bijna de helft van de mensen leeft nu onder de armoedegrens. Wetenschappers schatten dat in 2050 die bevolking verdubbeld zal zijn.

Maar dat zal waarschijnlijk niet als een feilen van Jaime Sin worden gezien. Hij zal eerder voortleven als de man die in 1986 en in 2001 het volk mobiliseerde om op geweldloze wijze een gehate dictator het land uit te jagen en vijftien jaar later om een corrupte, amorele president achter de tralies te krijgen. In 1986 was het Ferdinand Marcos die na twintig jaar terreur de macht van de kerk voelde. Behendig manoeuvreerde kardinaal Sin zijn kudde zonder dat het tot een confrontatie kwam. Sin wilde een opstand, geen revolutie.

Op dezelfde plek waar `People Power 1' plaatsvond, stroomden in november 2000 mensen samen voor het begin van nummer 2. ,,Hij heeft het morele overwicht verloren om te regeren'', zei kardinaal Sin over toenmalig president Joseph Estrada, voorheen een spaghettiwestern-acteur die verwikkeld was in corruptie en vriendjespolitiek. ,,Hij moet zijn ambt opgeven.''

Dat daarmee Estrada's dagen als president geteld waren, was voor iedereen duidelijk. Toch duurde het nog twee maanden voordat het zover was. Toen kwamen die twee andere partijen in beweging die in de Filippijnen zoveel politieke invloed genieten: de strijdkrachten en de politie. Net als in 1986 was in januari 2001 de volksopstand pas voltooid toen de leger- en politieleiding meende dat het beter was de zittende president te verlaten en over te steken naar de protegé van de kerk en het volk. In 1986 was dat Cory Aquino, vijftien jaar later Gloria Arroyo, de huidige president.

Jaime Sin was de eerste om zijn rol bij People Power 1 en 2 te relativeren: ,,Ik ben slechts een instrument. Ik ben als de ezel waar de Heer op reed.''