LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT

Wie: C.P. Veerman (CDA)

Wat wil hij? Een debat met belangenorganisaties over de hervorming van de intensieve veehouderij. Minder administratieve lasten voor boeren en een onafhankelijke Voedsel- en Warenautoriteit.

Hoe? Nu de vogelpest onder controle is, wil Veerman volgende maand met veehouders en dieren- en milieuorganisaties rond de tafel gaan zitten voor een debat over de toekomst van de intensieve veehouderij. De sector kampt met een slecht imago, de productie is eenvormig, de winsten zijn laag, en de milieubelasting is te hoog.

Boeren zuchten onder een enorme hoeveelheid administratieve verplichtingen. Vooral de boekhouding die boeren voor hun mestuitstoot moeten bijhouden is berucht. Veerman wil het papierwerk met een kwart terugbrengen.

LNV wil geen ministerie zijn dat uitsluitend de belangen van boeren behartigt. Nadat de vorig jaar opgerichte Voedsel- en Warenautoriteit (VWA) bij LNV was ondergebracht, veranderde het departement zijn naam in ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (was: Landbouw, Natuurbeheer en Visserij). Dit was een wens van Veerman, en past in het streven naar verbreding en vermaatschappelijking van het ministerie. Veerman bezweert dat de voedsel- en veekeurders van de VWA volstrekt onafhankelijk zullen kunnen werken, maar de Consumentenbond, PvdA, GroenLinks en SP zijn wantrouwig: ,,De slager hoort zijn eigen vlees niet te keuren.'' Begin oktober zal in de Tweede Kamer een debat worden gevoerd over hoe de onafhankelijkheid van de VWA binnen het ministerie van LNV kan worden gewaarborgd.

Langlopende projecten als de reconstructie van het platteland, de opbouw van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en de versterking van het platteland worden voortgezet. Voor de aankoop en inrichting van 35.000 hectare natuurgebied in het kader van de EHS is deze kabinetsperiode een bedrag van 700 miljoen euro beschikbaar gesteld. Het in juni ingrijpend hervormde Europese landbouwbeleid stelt meer Europees geld beschikbaar voor natuurbeheer en verbetering van de infrastructuur van het platteland.

Het ministerie zelf slankt de komende jaren flink af: het aantal ambtenaren daalt tot 2007 met een kwart.