Lage inkomens krijgen de hardste klappen

De koopkrachtplaatjes van het kabinet zijn abstract. Hoe evenwichtig is de inkomensverdeling echt?

Precies 1 euro per maand gaat een echtpaar met een modaal inkomen van 29.000 euro met twee kinderen er in 2004 op achteruit. Verliest de kostwinner zijn baan dan valt het maandelijks te besteden inkomen terug van 1.918 naar 1.491 euro.

De kabinetsvoornemens zoals vastgelegd in de vandaag gepresenteerde miljoenennota 2004 pakken voor een bijstandsmoeder met één kind ook ongunstig uit. Zij levert op een te besteden inkomen van 1.240 euro per maand 23 euro in. Dit alles blijkt uit berekeningen die onderzoeksinstituut Nibud heeft gemaakt naar aanleiding van de kabinetsvoornemens.

Tweeverdieners met drie keer modaal (86.000 euro), geen kinderen, met leaseauto en eigen huis gaan er volgens het Nibud 17 euro per maand op vooruit. Zij kunnen in 2004 maandelijks 5.041 euro uitgeven. Hun inkomensstijging komt vooral door de gunstige veranderingen die het kabinet in petto heeft voor de leaseauto, vooral de verlaging van de fiscale bijtelling van 25 naar 20 procent.

Het kabinet wil bij de miljardenbezuinigingen naar eigen zeggen vasthouden aan `een evenwichtige inkomensverdeling'. ,,Aandachtspunt hierbij is het beschermen van de inkomenspositie van de zwaksten'', schrijft minister De Geus (Sociale Zaken), verantwoordelijk voor de inkomens, in zijn begroting. En premier Balkenende zei gisteren op zijn persconferentie over de miljoenennota dat ,,de overheid het schild voor de zwakken blijft''. Of deze doelstelling van het kabinet wordt bereikt, kan vooralsnog alleen worden afgemeten aan de gepresenteerde koopkrachtplaatjes.

Het ministerie van Sociale Zaken en het Centraal Planbureau (CPB) presenteren vandaag abstractere koopkrachtcijfers dan het Nibud. Modaal gaat er een kwart procent op achteruit, een alleenstaande met minimumloon 1 procent. Maar hoe betrouwbaar zijn de koopkrachtcijfers? Het Nibud maakt bij de berekening een belangrijke kanttekening: vorig jaar waren de prognoses bij prinsjesdag nog dat de meeste gezinnen er niet op vooruit zouden gaan, maar ook niet op achteruit. Dat is door verhoging van de ziekenfondspremies en de AWBZ-bijdrage (bijzondere ziektekosten) niet uitgekomen, aldus het Nibud.

Ook Sociale Zaken maakt bij zijn berekeningen een voorbehoud. De maatregelen in de zorg – zoals pakketverkleining, eigen bijdragen voor geneesmiddelen en de AWBZ – en de verlaging van de huursubsidie zijn niet meegenomen. Het zijn net die versoberingen die grote effecten kunnen hebben op de lage inkomens, al is het ook de bedoeling deze groepen nog deels te compenseren.

Maar zelfs als die zaken wel meegenomen worden, zegt een koopkrachtplaatje nog steeds weinig. Het is slechts een gemiddelde van grote groepen huishoudens met verschillende kenmerken die bij elkaar worden geveegd. Het CPB drukt in zijn analyse dan ook altijd de zogenoemde puntenwolken af. Daarin rekent het bureau 40.000 verschillende huishoudens door. Zo zijn er binnen de groep werkende tweeverdieners in de vandaag gepresenteerde Macro Economische Verkenning huishoudens die er bijna 6 procent op vooruit zullen gaan, maar ook die er iets meer dan 5 procent op achteruitgaan. Wel of geen leaseauto, een dure of een goedkope, wel of geen eigen huis, twee of drie kinderen; het kan allemaal zorgen voor andere uitkomsten. Het CPB verklaart de variatie binnen deze inkomenscategorie vooral door de verhoging van de zogenoemde combinatiekorting tot 290 euro.

Wat zeker uitmaakt is het verschil tussen werknemers in de collectieve sector en de marktsector. Ambtenaren en aanverwanten, inclusief uitkeringstrekkers gaan er 1,5 procent op achteruit, omdat het rijk al besloten heeft de inkomens te bevriezen. De `markt' is nog onduidelijk, maar komt waarschijnlijk hoger dan het rijk doordat de looneisen hoger zijn: het CPB houdt het op gemiddeld -0,25.

Voor het Nibud is één vraag in ieder geval al duidelijk te beantwoorden. Het is het kabinet niet gelukt om te komen tot een evenwichtige inkomensverdeling en bescherming van de zwakste groepen. Als je gezond bent, werkt in het bedrijfsleven en gezonde kinderen hebt, valt het allemaal wel mee in 2004. Maar met name bij de lage inkomens vallen, de woorden van De Geus en Balkenende ten spijt, harde klappen.