Weinig steun EU voor lage BTW

Nederland krijgt nauwelijks steun van andere EU-lidstaten in zijn streven het lage BTW-tarief voor arbeidsintensieve diensten te handhaven. Dat bleek zaterdag na afloop van de informele bijeenkomst van de EU-ministers van Financiën in het Italiaanse Stresa. ,,Dit is een heel lastig traject'', zei minister Zalm.

Nu nog vallen dienstverleners als kappers en rijwielherstellers in het kader van een experiment voor werkgelegenheid onder het lage BTW-tarief van 6 procent. Als vanaf 1 januari 2004 het BTW-tarief van 19 procent zou gelden, dreigen volgens Zalm prijsverhogingen. Het hogere BTW-tarief zou de Nederlandse schatkist 300 miljoen euro per jaar opleveren. Zalm zei dat hij dit bedrag niet heeft ingeboekt in de begroting voor prinsjesdag. Hij wees op de belofte aan de Tweede Kamer dat Nederland zal proberen op Europees niveau steun te krijgen voor een laag BTW-tarief voor arbeidsintensieve diensten. De EU-ministers bleken zeer verdeeld over het voorstel van Eurocommissaris Bolkestein (Interne Markt) de regels voor het gereduceerde BTW-tarief te stroomlijnen en zo de interne markt te verbeteren.

Lidstaten als Duitsland, Zweden, Oostenrijk en Denemarken willen om budgettaire redenen zeker geen uitbreiding van de door Bolkestein in juli gepresenteerde lijst van goederen en diensten die voor het lage BTW-tarief in aanmerking komen. Nederland, België, Groot-Brittannië, Luxemburg en Portugal willen een uitbreiding.

De ministers van Financiën bespraken ook de gevolgen van de dalende dollarkoers en de schade die de eurozone ondervindt van de koppeling van Aziatische munten aan de Amerikaanse dollar. De Eurogroep wil de kwestie deze maand aan de orde stellen tijdens de G7 in Dubai. Volgens ECB-president Duisenberg is het probleem ,,breder'' dan alleen de koers van de Chinese renminbi. Volgens minister Zalm valt te denken aan de koppeling van Aziatische munten aan een mandje van andere munten, in plaats van alleen aan de dollar.