Van piepkuiken tot Goudmijntje

Aanvoerster en recordinternatio- nal Mijntje Donners (29) had met dertien treffers een belangrijk aandeel in de Europese titel, die de Nederlandse hockeysters zaterdag met succes verdedigden. Over een kreng, persoonlijke brieven en achttien zonnebrillen.

Het was niet eens een slip of the tongue. ,,Mijn meiden hebben een hekel aan Mijntje'', sprak Jack Holtman donderdag zonder blikken of blozen, nadat zijn Spaanse hockeysters zich ten koste van het hoger aangeslagen Engeland hadden geplaatst voor de finale van het Europees kampioenschap. Daar is geen woord aan gelogen en, zo benadrukte de Groningse no-nonsense-coach, eerder een blijk van ontzag dan van afkeer. ,,Mijn kan in het veld een kreng zijn, omdat ze nooit tevreden is en vreselijk gedreven is. Ze provoceert, ze doet en is succesvol, dat roept afgunst en irritatie op.'' Het recept om Nederland onschadelijk te maken, was in de ogen van Holtman dan ook samen te vatten in twee woorden: ,,Mijntje uitschakelen.''

Maar Mijntje Donners laat zich niet (zomaar) beteugelen, zeker niet door elf goedwillende maar technisch beperkte Spaansen die tegen Engeland zo diep in hun reserves hebben moeten tasten dat de brandstoftank twee dagen later leeg is. Zoals zo vaak, en zoals het een aanvoerster betaamt, wijst Donners zaterdag de weg. Al na vier minuten opent de spits de score. Een droge uithaal met de backhand is keepster Jesús María Rosa te machtig.

Dat haar opponentes haar bloed wel kunnen drinken, laat Donners al helemaal Siberisch. Nederlands recordinternational (205 caps en 72 doelpunten) stapt, zwoegt en sjouwt niet over het kunstgras om vriendinnen te maken. Het tegendeel is het geval: hoe groter de weerzin, hoe groter Donners' geldingsdrang. Het Spaanse publiek roept het onheil dan ook over zichzelf af, als het zich massaal tegen de tengere Brabantse keert na het grimmige lijf-aan-lijf-gevecht dat de onfortuinlijke Mar Feito moet bekopen met een gebroken hand. De daaropvolgende fluitconcerten klinken Donners als muziek in de oren. Niet veel later schiet ze Nederlands eerste strafcorner langs Rosa. ,,Altijd prettig, zo'n reactie'', luidt na afloop haar laconieke commentaar.

Youp van 't Hek riep haar ooit uit tot Goudmijntje. Raker kon de typering niet zijn. In de wandelgangen heet Donners nog steeds zo, en dat is geen wonder: de spits heeft een patent op beslissende goals. ,,Mijn is een killer, iemand die er altijd staat zodra het moet'', weet collega-international Minke Booij. ,,Grote wedstrijden brengen het beste in haar naar boven.''

Donners' finishing touch is vrijwel ongeevenaard, beseft ook bondscoach Marc Lammers. Maar het belang van de aanvalster die twee maanden geleden het interlandrecord (192 caps) van Suzan van der Wielen verbrak, reikt verder. ,,Anderen trekken zich op aan haar onverzettelijkheid. Dat is enerzijds een aangeboren gave, anderzijds een gevolg van het feit dat Mijntje zich enorm vereenzelvigt met Den Bosch. Dat is haar club, waarmee ze op jonge leeftijd de stap naar de hoofdklasse (seizoen 1989-'90, red.) heeft gemaakt, langzaam is opgeklommen en sinds 1998 het ene na het andere succes heeft behaald.''

Lammers herinnert zich Miss Den Bosch als ,,een piepklein meisje met een piepklein paardenstaartje'' dat op veertienjarige leeftijd voor het eerst met de meisjes van A1 mee mocht doen, net op het moment dat hij zijn eerste stappen in het trainersvak zette. Lachend: ,,We noemden haar `piepkuiken', ook vanwege dat grappige hoge stemmetje. Ze had talent, maar nog niet de mentale vaardigheden die haar later zijn gaan kenmerken.''

Typerend noemt Lammers een voorval tijdens het toernooi om de Champions Trophy, vorig jaar in Macau. ,,Mijntje vond dat we te weinig uitstraalden en kocht, vlak voor de strijd om de derde en vierde plaats, daarom achttien zonnebrillen. Die Australische meiden liepen tijdens een toernooi altijd heel arrogant met zo'n zonnebril op hun hoofd rond. Tijdens onze voorbespreking vroeg ze het woord en toverde ze die zonnebrillen tevoorschijn. Wij moesten ook maar eens met een air rondwandelen, zo van: wie doet ons wat? Het hele toernooi verliep stroef, ook voor Mijntje zelf. Of het door die zonnebrillen kwam, kan ik niet bewijzen, maar feit was dat we in de troostfinale eindelijk `los' kwamen en Mijntje het beslissende doelpunt maakte.''

Ook Booij hoeft niet lang na te denken over een kenmerkend voorbeeld van de speelster met wie de verdedigster al bijna veertien jaar samenspeelt bij Den Bosch. ,,Vorig jaar, in de finale van de play-offs. Rotterdam had met nog twee minuten te spelen de titel in handen. Sommigen hadden de moed al een beetje opgegeven, maar Mijntje niet. Die pakte die bal met een blik van: dit gaat mij niet gebeuren. Een dikke minuut later maakte ze de 2-2 en in de verlenging de 3-2.''

Ageeth Boomgaardt speelt ook al ,,bijna mijn hele hockeyleven'' samen met het Bossche fenomeen, dat op de slotdag van het EK twee keer werd gehuldigd: als topscorer (dertien doelpunten in zeven duels) én als beste speelster van het toernooi. ,,Die tweede finalewedstrijd, dat was inderdaad Mijntje ten voeten uit. Ze raakte geïrriteerd doordat een aantal meiden van Rotterdam wel heel uitbundig die 1-2 aan het vieren was, alsof de buit al binnen was. Mijn werd daardoor zo vreselijk giftig dat ze eigenhandig orde op zaken heeft gesteld. Die winnaarsmentaliteit die toen naar boven kwam, dat is haar grootste kracht. Niet alleen als speelster, ook als aanvoerster. Ze moet ook wel, want bij Den Bosch iedereen kijkt op zo'n moment naar haar. Mijn is Den Bosch.''

Siegfried Aikman kan het weten. Drie seizoenen (1995-'98) had de coach de vrouwenploeg van Den Bosch onder zijn hoede. Hij roemt Donners als ,,het onverwoestbare boegbeeld van het Nederlandse vrouwenhockey''. Aikman: ,,Wat bijna niemand weet, is dat Mijn in het eerste kampioensjaar (1997-'98, red.) zo zwaar geblesseerd was dat het weinig had gescheeld of het was over en uit met haar carrière. Ze heeft op haar tanden gebeten en doorgezet, puur op karakter. Dat gevecht heeft haar verder gevormd en gesterkt. Net op tijd was ze klaar voor de play-offs, en was het alsof ze nooit was weggeweest: zeer indrukwekkend.''

Zo meedogenloos als Donners voor haar tegenstandsters kan zijn, zo zorgzaam is ze voor haar ploeggenotes, weet Aikman, tegenwoordig werkzaam bij de mannen van Hurley. ,,Mijn heeft mij vaak geraakt met haar persoonlijke aandacht voor anderen. Voor de buitenwereld is Mijn vaak een bitch, maar in eigen kring heeft ze haar zachte kant. Ze schreef ooit iedereen een persoonlijke brief, heel gevoelig van toon. Zodra zich binnen de groep een probleem voordeed, sprong zij er bovenop. Een discussie had ze altijd volledig onder controle, met als gevolg dat ik er niet aan te pas hoefde te komen als er heibel in de tent was. Over het vrouwenhockey wordt wel eens geringschattend gesproken, maar een groep met zo'n groot zelfoplossend vermogen beschouw ik als topsport in optima forma. Dat was in de tijd bij Den Bosch grotendeels haar verdienste.''

Booij kan dat beamen. ,,Als het moet, denkt Mijn heel zwart-wit. Dan is het ook verrekte lastig met haar discussiëren. Ze is recht-door-zee, omdat ze precies weet wat ze wil. Haar verantwoordelijkheden neemt ze zeer serieus, en dat moet ook wel. Een sportploeg werkt als een bedrijf: je hebt leiders en je hebt volgers. Mijn behoort tot de eerste categorie.''

En tot de categorie die in het veld zelf ook uitdeelt, weet Boomgaardt, die andere pijler van Den Bosch. Donners mag dan breekbaar ogen, maar wee degene die haar een beuk geeft. Die krijgt niet veel later zelf een por. Boomgaardt: ,,Mijn is niet gemeen, maar je moet haar niet opzettelijk raken, dan wordt ze link. Dan schroomt ze niet om in de cirkel even met haar stick een duwtje uit te delen.''

Bescheidenheid overheerst zodra de strijd gestreden is. Aikman: ,,Dat is de paradox: als hockeyster zeer aanwezig, buiten de sport een verlegen meisje. En dat terwijl ze enorme leiderschapskwaliteiten heeft. Daar zou ze buiten het hockey meer mee moeten doen.'' Maar ook zaterdag regeert de nederigheid. Scoren doet haar niet zoveel, wil ze na de afgetekende zege op Spanje doen geloven. Als de ploeg maar presteert, dan is Mijntje Donners tevreden. En een strafcorner raak kogelen? ,,Ach, gewoon ogen dicht en hard schieten.''