Kritische uitspraken in M

In het maandblad M van vorige week leverden diverse hoogleraren vorige week scherpe kritiek op het, huns inziens, grote gebrek aan mobiliteit binnen de Nederlandse wetenschap. Een greep uit hun uitspraken.

Socioloog Dick Pels ging in 1998 naar Londen, waar hij benoemd werd tot hoogleraar sociologie aan de Brunel University. Hij zegt: ,,De gesloten cultuur van Nederland benauwde me. Het systeem van de levenslange aanstellingen, het ambtenarenreglement en het gebrek aan concurrentie. (...) Concurrentie op reputatie is heel goed, dat zou er in Nederland meer moeten komen. De mobiliteit vind ik cruciaal.''

Frances Gouda woonde dertig jaar in de VS. Sinds vorig jaar leidt zij het Belle van Zuylen Instituut van de UvA voor multiculturele en comparatieve genderstudies. ,,Ik ben een nieuwkomer in de Nederlandse academische wereld, en dat valt niet mee'', zegt ze. ,,Per discipline zijn het kleine wereldjes, waar je heel moeilijk binnenkomt. Alle historici kennen elkaar al twintig, dertig jaar. Als je later binnenkomt, blijf je een buitenstaander. In de VS functioneerde ik in verschillende netwerken. Hier heb je geen keuze, er is maar één gemeenschap.''

Bioloog en biochemicus Hidde Ploegh, sinds 1997 werkzaam aan de Harvard Medical School, ziet ,,een heel groot verschil'' in kwaliteit tussen Nederlandse en Amerikaanse hoogleraren. ,,Ik denk dat het iets te maken heeft met de manier waarop je omhoog kunt komen in de universitaire hiërarchie. In Nederland klim je van universitair docent naar hoofddocent, waarna je hoogleraar wordt. Die benoemingen zijn niet altijd gebaseerd op talent maar op lokale connecties en zitvlees. In Amerika worden die benoemingen veel serieuzer bekeken.''