Dwarse dans van acht mannen en één vrouw

Het Nationale Ballet begint het nieuwe seizoen niet in eigen huis in Amsterdam maar met een landelijke tournee waarbij zeven verschillende grote steden worden bezocht. In het programma dat daarvoor is samengesteld is zelfs een wereldpremière opgenomen: Solitaire gemaakt door Annabelle Lopez Ochoa, voormalig danseres van Djazzex en het Scapino Ballet Rotterdam. In juni van dit jaar sloot zij haar twaalfjarige danscarrière af om zich geheel op het choreograferen te gaan toeleggen. Tijdens haar dansperiode heeft zij zich al regelmatig als dansmaakster gemanifesteerd. Zo hield ze workshops bij het Scapino Ballet en Het Nationale Ballet en werden verschillende van haar creaties in het reguliere programma van het Scapino Ballet opgenomen.

Voor Solitaire, haar eerste grote ballet voor het nationale gezelschap, koos ze een verrassende dansersbezetting: acht mannen en één vrouw. Die vrouw – voortreffelijk gedanst door Yumiko Takeshima, die ook de gestileerde kostuums ontwierp – heeft met ieder van die acht mannen een kortstondige relatie, waarvan één een wat langer en diepgaander karakter heeft. Toch blijft de vrouw uiteindelijk alleen achter. Niet als een zielig, afhankelijk wezentje, eerder als iemand die bewust gekozen heeft voor een solitair bestaan.

Lopez Ochoa heeft een stevige greep op haar materiaal, zowel wat compositie als dramatische opbouw betreft. Ze gebruikt krachtige, heldere bewegingen die harmonieus aan elkaar verbonden zijn en tegelijkertijd een dwarse eigenzinnigheid laten zien die prikkelend werkt. De speciaal gecomponeerde muziek van Michel van der Aa - een werk voor viool tegenover `klankvelden op tape'- heeft eenzelfde dubbelheid: schurend zonder onherstelbaar kwetsend te worden. Het koele, sobere toneelbeeld waarin een serie zo nu en dan fel oplichtende verticale neonbuizen een variabele achtergrond vormen met als vurig accent één rode lichtstaaf, past goed bij de sfeer en de structuur van Solitaire. Een volwassen werk van een choreografe die de kans moet krijgen vaker met een zo goed getraind klassiek dansers-ensemble te werken.

Toch staat een dergelijk ensemble niet automatisch garant voor een boeiende en spirituele uitvoering. Dat bleek helaas overduidelijk in de reprise van Paquita, een Spaans getint divertissement uit het romantisch-klassieke repertoire van de negentiende eeuw. De aaneenschakeling van virtuoze soli en pittige corps-de-balletfragmenten, werd in deze voorstelling vooral een aaneenschakeling van redelijk tot goed uitgevoerde pasjes waaraan iedere dynamische en muzikale nuance ontbrak en de robotachtige lachjes op de gezichten gingen irriteren omdat ze nooit voortkwamen uit een wezenlijk plezier. Een uitzondering vormde het dansen van Marisa Lopez, Cedric Ygnace en Natalia Hoffman. Er moet nog maar eens goed gerepeteerd worden op deze Paquita, en dan niet alleen op technische precisie. De goed ingedanste reprise van Ted Brandsens Carmen kreeg extra spanning en kleur door de gedreven en geloofwaardige vertolking van de rol van José door Gaël Lambiotte, na twee jaar in Amerika gewerkt te hebben gelukkig weer terug bij Het Nationale Ballet.

Voorstelling: Solitaire door Het Nationale Ballet. Choreografie: Annabelle Lopez Ochoa. Muziek: Michel van der Aa. Kostuums: Yumiko Takeshima. Reprises: Paquita (Petipa/Minkus) en Carmen (Brandsen/Shchedrin). Gezien: 12/9, Lucent Danstheater, Den Haag. Tournee t/m 15/11. Inl: 020-5518225 of www.het-nationale-ballet.nl