VVD in beweging

De VVD wil weer een swingende, vitale en leuke partij worden. Hoe dat kan, blijkt uit een deze week gepresenteerd organigram.

Politiek mag weer in zijn, voor politieke partijen ziet het er nog somber uit. Althans, wel voor de VVD, zo blijkt uit het deze week verschenen rapport Idee voor structuur. De VVD op weg naar een ideeën- en debatpartij. De VVD, zo staat in het rapport van een partijcommissie onder leiding van de Utrechtse wethouder Jan van Zanen, lijkt momenteel nog het meeste op een zonnestelsel zonder verband tussen de planeten.

Tijd dus om enige nieuwe lijnen te trekken in de structuur van de partij. Uitkomst daarvan is bovenstaand `concept-organigram VVD'. De middelste kolom (de `politieke lijn') moet mogelijk gelezen worden als een toto pro parte – of als een ambitie. Vooralsnog maken de Eerste en Tweede Kamer, de gemeenteraden en het Europees parlement immers geen deel uit van de partijstructuur – al zendt de VVD, volgens de pijlen in het schema, er kandidaten, partijstandpunten en ideeën heen. De linker kolom is de echte partijstructuur, met een hoofdbestuur, Kamercentrales (KC's) en afdelingen. Daarachter gaat nog een hele wereld schuil. Zo zijn Kamercentrales op zichzelf weer bundelingen van kieskringen die binnen afdelingen te onderscheiden zijn. Op hun beurt benoemen de KC's in het schema weer leden in de `partijraad' – geheel rechts opgenomen in het schema.

In die rechter kolom schuilt de `echte' partijvernieuwing. Daar moeten potentiële leden en kiezers straks met frisse prikkels en ideeën via nieuwe ideeënkanalen in debat met de VVD-politici. Deze moeten niet langer denken `zonder last' van de partij hun vertegenwoordigende rol te kunnen spelen. De VVD moet door deze `input' uitgroeien tot een echte ideeën- en debatpartij. Dat is een nieuw concept, schrijft de commissie. De leidende gedachte erachter is ,,dat een partij een merk is''. En, merkt de commissie op: ,,Een merk heeft een imago en dat moet positief zijn.'' Anders gezegd: de VVD moet weer `talk of the town' worden – een ,,swingende, vitale en leuke partij''.

Eigenlijk is het organigram daarbij maar een `afgeleide kwestie', vinden Van Zanen c.s. De ,,levensgrote uitdaging voor de VVD'' is niet of de structuur deugt, maar de vraag ,,welke partij ze wil en kan zijn''. Want wat is de VVD nu, behalve een regeringspartij? Niet veel goeds, zo blijkt uit de kritiek die de commissie heeft verzameld bij enkele partijleden. Om een paar `slagwoorden' te citeren: de VVD heeft ,,het contact met de realiteit verloren'', is ,,weinig inhoudelijk'' en ,,fossiel''.