Dom, dommer, domst

Maandagochtend tien uur. Drie universiteitsdocenten, voorbij de middelbare leeftijd, in een van de kantines van de Faculteit der Geesteswetenschappen. Ze drinken koffie uit plastic bekertjes. In de kantine zijn onlangs de zakelijke formicatafels en harde houten stoelen omgewisseld voor in diagonalen opgestelde zachtleren banken in felle kleuren en speelse tafeltjes. Men zou er makkelijk een hele dag kunnen verblijven, en bovendien een middagtukje doen. De banken worden al ingenomen door studenten, de docenten staan aan een hoge tafel zoals ze bij recepties gebruikt worden.

`Heb je het magazine van NRC gelezen?'

`Jazeker. Mooie boel hoor. Ga ik een paar weken op vakantie, kom ik terug en de studenten zijn weer dommer geworden.'

`Veel erger nog, de universiteit gaat de Titanic achterna.'

`Maar die elf hoogleraren met wie ze spraken, dat waren vooral bèta's.'

`Onzin, Gouda, Frijhoff en Van den Hout zijn alfa's.'

`Die waren dan ook het meest genuanceerd.'

`Er stond ook echt nonsens in. Er worden hier geen student-assistenten voor de eerstejaars gezet. De man die dat zei is al tien jaar uit Nederland. Student-assistenten bestaan niet eens meer.'

`Maar geldt dat voor ons dan niet, dat het niveau steeds lager wordt? Wij hebben toch ook van die horecamedewerkers die in hun vrije tijd studeren?'

Gelach en sterke verhalen over studenten die niet om negen uur op college kunnen komen omdat ze dan moeten uitslapen van de horeca, niet om één uur omdat ze dan overblijfvader op een basisschool zijn en niet om vijf uur omdat ze dan avonddienst bij Albert Heijn hebben. Om nog maar te zwijgen van de studenten die met hun ouders zo voordelig op skivakantie, duikvakantie of wildparkvakantie konden dat ze die kans niet wilden laten schieten en onbeschaamd via een mailtje hun absentie meldden.

`We zijn veel te coulant geworden. We moeten meer eisen stellen.'

`'Ja zeker. Ik heb laatst een tentamen in zijn geheel met een punt op moeten hogen. Er waren maar 30% voldoenden. Ik was er tegen, maar de andere docenten vonden het nodig.'

`En hielp die ophoging?'

`Nee, de drieën werden vieren.'

`Waar blijft je norm als je zo maar een punt extra weggeeft omdat er te veel onvoldoenden waren?'

`Ik heb er ook een hele nacht niet van kunnen slapen.'

`Maar als een tentamen zo slecht gemaakt wordt, is er toch iets mis. Dan is je onderwijs niet goed geweest. Of het tentamen is te snel na een ander geroosterd. Of je vragen waren te zwaar. Ten minste tweederde van je kandidaten moet kunnen slagen.'

`Jij redeneert nu typisch jaren zeventig. Je moet gewoon een standaard vasthouden.'

De ander valt hem bij: `Al die herkansingen bijvoorbeeld, daarin zijn we toch ook volstrekt doorgeslagen. Waar kun je in godsnaam vijf keer een mislukt tentamen overdoen, zoals hier bij die oude onderdelen van de studie?'

`Dat is afgedwongen door de studentenraad. Wij waren daar zelf ook tegen.'

`Eén herkansing zouden we moeten geven, niet meer, en dan alleen nog als de student ook daadwerkelijk de eerste keer meegedaan heeft. Hoe vaak komt het niet voor dat je een lege zaal hebt bij een herkansing?'

`Bij studies waar ze te veel inschrijvingen hebben, gaan ze niet zo lief met de studenten om. Bij rechten of economie vliegen ze uit de werkgroep als ze een keer niet komen. Wij zijn nog steeds veel te bang dat we studenten afschrikken en dat ze dan weglopen. Maar dat keert zich tegen ons, want daardoor doen ze veel te lang over de studie.'

Een van de drie kijkt op zijn horloge. `Ik moet nog wat kopiëren. Ik had een lijst van twintig studenten gekregen, maar er zitten er dertig.' We hebben te maken met stijgende inschrijvingscijfers, maar de nieuwe studenten schrijven zich steeds later in, zodat chaos in de eerste week vrijwel niet te vermijden is.

Een nieuwe docent voegt zich bij de twee overgeblevenen. `Jaap, jij bent pas in Amerika geweest. Zijn onze studenten dommer?'

`Dat ligt eraan waar je komt. In Harvard is zo'n zware selectie dat alleen de top van de studenten aangenomen wordt, en dan heb je echt wel een andere populatie dan hier.'

`Werken ze ook harder?'

`Ja, dat is ongelooflijk. Binnen een week hebben ze stof afgewerkt waar ik hier een semester over doe en spreken ze op hoog niveau mee. Ze stellen slimme vragen en ze gaan zelf op zoek naar allerlei uitbreidingen en verbanden.'

Lichte beteutering bij de twee. `Maar als je op congressen in Amerika komt, valt het me nooit zo op dat het niveau hoog is. Ja, bij de keynote speakers, maar in de sessies is het toch altijd van dat impressionistisch gezeur. Altijd maar weer over een gender-leeswijze van een of andere totaal onbekende schrijfster.'

`Dat komt voor op de grote congressen waar geen of nauwelijks ballotage is. Het echte contact tussen wetenschappers speelt zich meer in seminars af.'

`En buiten Harvard? Is de sfeer bij de studenten daar anders dan hier?'

`Het maakt gewoon ontzettend veel uit of ze flink moeten dokken of niet. Waar het moeilijk is om op een universiteit te komen en je veel moet betalen, wordt ook harder gewerkt.'

`Dus we zouden weer terug moeten naar de klassenuniversiteit?'

`Nee, geen klassen, maar klasse, dáár gaat het om. Geld is maar de helft van het probleem. Natuurlijk is dat er te weinig in Nederland. Er is geen universiteit waar een hoogleraar tegelijk bij zijn aanstelling een handvol aio's krijgt. En toch zou je dan pas kwaliteit kunnen ontwikkelen, omdat zo'n nieuwe hoogleraar dan geprikkeld wordt om een mooi project te starten. Die prikkeling van de wetenschappers, daaraan ontbreekt het.'

`En hoe komt het dan dat die hier kleiner is dan in Amerika?'

`Voor een deel is dat niet te verhelpen.

In een klein land zijn nu eenmaal geen twintig topwetenschappers in de hettitologie, en dus kun je ook minder op topniveau overleggen. Dat wil niet zeggen dat we met z'n allen dommer zijn. Er is toch ook niemand die zegt dat Nederland steeds minder muzikaal wordt omdat we maar eenmaal in de vijftig jaar een Christina Deutekom afleveren.'

Het voorbeeld wordt weggehoond. La Deutekom is nou typisch opera op z'n Hollands, de noten deugen wel maar het zingen moet nog komen. Eigenlijk een voorbeeld van de Hollandse universiteit dus, wel talent maar geen genie.

`Dat zou betekenen dat je de universiteiten internationaler zou moeten maken. In Nederland is dan misschien maar één toponderzoeker in, zeg maar, het jiddisch, maar in Europa zijn er toch zeker wel tien.'

`Precies, en als je die tien nou af en toe bij elkaar zet, en er dan ook honderd goeie studenten bij laat komen, allemaal met EU-geld, dan heb je Europees toponderzoek.'

`Dus toch opera. Je nodigt Pavarotti, Cheryl Studer, Brian Terfel en Chailly uit, je trekt je chequeboek open en je hebt top.'

Het is bijna kwart over tien. Het professoraal kwartiertje is voorbij. `Jongens, ik moet nodig weer eens gaan zingen. Maar de hoge c heb ik nog nooit gehaald.'

`Geeft niet, Pavarotti kan het ook niet meer. Maar jij kunt nog jaren op je luie reet blijven zitten en Pavarotti wordt nergens meer gevraagd.'