De tovenaars zijn onder ons

Dinsdag was er een huilende mevrouw op de radio. Ze werkt al sinds 1980 bij V&D, en nu moet haar filiaal dicht. Of ze ontslagen zou worden was nog helemaal niet aan de orde; het ging erom dat de winkel, waar ze al die jaren haar best gedaan had, gesloten zou worden. Dat kon ze niet aan.

Bent u wel eens gereorganiseerd? Vast wel. Misschien heeft u zelfs al eens gereorganiseerd. Zo'n operatie komt altijd hard aan - sorry, zei ik `operatie'? Ik bedoelde natuurlijk `veranderingstraject'. Zo'n veranderingstraject komt altijd hard aan, omdat je nou eenmaal veel van je eigenwaarde baseert op het werk dat je doet - soms vanwege het belang van het werk, soms vanwege je rol in de minisamenleving die jij en je collega's vormen. Als men dan besluit dat het voortaan anders moet, is dat dubbel ongerief: kennelijk was het werk dat je deed al niet meer belangrijk; daarnaast ga je een periode tegemoet waarin je je weer in een prettige positie tussen je (nieuwe) collega's moet zien te boksen. Maar het ergste is dat reorganisaties het slechtste in de mens naarboven halen, vooral in hen die de leiding hebben.

De ellende die de werknemers op hun dak krijgen, is onvermijdelijk. Maar meestal is de leiding zelfs niet bereid erover te práten. De instelling is: het is nou eenmaal kut, en we gaan niet proberen het minder kut te maken. Dat is de instelling van een veevervoerder die met een vrachtwagen vol Nederlandse varkens naar Parma rijdt, en besluit om de beesten de twee dagen die het duurt geen drinken te geven omdat ze toch dood gaan.

Geen menselijke behandeling dus. Het enige dat de chef te bieden heeft, zijn toverspreuken. Zinnen die hij uitspreekt, en die daarmee kennelijk bewaarheid zijn. Zinnen als: `we gaan eindelijk de werkprocessen inzichtelijker maken. Of: `we bekijken onze business voortaan vanuit een Europees perspectief'. Nog erger, een metafoor: `we blijven niet langer op de reservebank zitten, we gaan het veld in en scoren!' En natuurlijk de klassieker `ik zie dit niet als probleem, maar als een kans'. Dat heet dan `de medewerkers motiveren', maar geen manager lijkt zich er iets van aan te trekken dat de afdeling hem gegeneerd aanstaart, in plaats van in enthousiast gejuich uit te barsten. Het is een bekende valkuil voor mensen die leiding geven: ze denken dat ze alle problemen moeten kunnen oplossen, dus proberen ze de problemen zo veel mogelijk te negeren.

Maar kun jij als manager er wat aan doen dat alle call centers worden samengevoegd op één locatie, en dat de medewerkers dus zullen moeten verhuizen om hun baan te behouden? Nee, en je kunt de beslissing ook niet terugdraaien. Maar hoe langer je praat over het kostenniveau en de gevolgen daarvan voor de concurrentiepositie, hoe minder ze zullen geloven dat je geïnteresseerd bent in hun welzijn, en hoe minder ze geneigd zullen zijn mee te werken. De oplossing is eigenlijk erg simpel: erken dat de reorganisatie de mensen in moeilijkheden brengt, en heb het er uitgebreid over. Dát is wat ze bezighoudt, en als dat eenmaal aan de orde geweest is, kan iedereen weer vooruit kijken. Nee, echt leuk wordt het niet, maar je hoeft in ieder geval niet meer te doen alsof je gek bent, en je kunt er samen het beste van maken. Een enorm verschil met de ijzige sfeer die volgt op het uitspreken van een toverformule als `we gaan deze uitdaging met zijn allen aan.'

Tovenaars zijn niet alleen op de werkvloer te vinden, ze zitten overal. Wat dacht u van de pr-afdeling die een donker bejaardenhuis in een grauwe werderopbouwwijk `Het Zonnehuis' doopt. En u kent vast wel de bezwering `dankzij deze herstructurering zal het onderwijs beter op de (internationale) arbeidsmarkt aansluiten'. Die gaat alweer 25 jaar van voortdurende bezuinigingen op onderwijs mee, en elke keer weer weet zo'n minister hem zonder blozen, recht in de camera, uit te spreken. Knap! Stel, je vader is net ontslagen en in de bijstand beland, en hij spreekt het gezin toe: ,,we eten voortaan alleen nog bruine bonen met rijst, want dat is veel gezonder''. Dat geloof je toch niet? Ook al heet je vader Harry Potter.

Een bekentenis: ik ben zelf ook een tovenaar. Een greep uit de spreuken van vandaag: `ik ben al onderweg'; `nee hoor, maak je geen zorgen, die column komt eraan, ik heb de eerste alinea al af'; `als ik maar eenmaal langs deze alinea ben, dan schrijft de rest zich vanzelf'; `Nog een halfuurtje, denk ik'; `ik kom over vijf minuten naar bed.'