Roetfilters voor diesels

Met ingang van 2005 worden de nieuwe Euro4 uitlaatgasnormen van kracht, ook voor dieselmotoren. Euro4 stelt onder andere stringentere maximum emissies voor stikstofoxide en roetdeeltjes. Steeds hogere inspuitdrukken voor directe injectie van dieselbrandstof alleen, ten behoeve van een completere verbranding, zijn echter niet voldoende om de uitstoot van roetdeeltjes te beperken. Roetfilters zijn dan ook voor de Duitse industrie het centrale thema op de Frankfurter autotentoonstelling die morgen de poorten opent. Maar vier jaar geleden introduceerde PSA Peugeot Citroën al een additioneel roetfilter waarmee die emissie tot een absoluut minimum kon worden beperkt. Sindsdien werden 500.000 dieselmodellen van het concern ermee uitgerust.

De Duitse auto-industrie hechtte aanvankelijk geen geloof aan het nut van zo'n roetfilter en dacht het emissieprobleem door efficiëntere motorconstructies te kunnen oplossen. De Duitse autolobby ging zelfs zover dat men bij PSA's oplossing – waarbij het filter werkt met een additief dat na 80.000 kilometer moet worden ververst – openlijk vraagtekens plaatste. Een onafhankelijke duurtest over 80.000 kilometer met een Peugeot 607, uitgevoerd door de Duitse ADAC, bracht echter aan het licht dat PSA's oplossing wel degelijk werkte. De uitstoot van roet bedroeg slechts 0,001 gr/km, terwijl de Euro4 norm voor 2005 nog 0,025 gr/km bedraagt.Inmiddels is de Duitse industrie overstag: Bosch werkt onder hoogspanning aan een eigen roetfiltertechnologie, die zonder additief functioneert.

Mercedes-Benz en BMW bieden binnenkort ook een roetfilter aan voor grotere dieselmotoren.