Paard in de sloot

De meeste paarden houden niet van water. Mijn pony Belinda bijvoorbeeld weigert om door plassen te lopen.

Ze heeft zo'n hekel aan natte voeten dat ze, wanneer we op het strand rijden, bij iedere golf opzij springt. Soms zie ik op tv wel eens wedstrijden waarbij paarden over een hoog hek springen en vervolgens in een meertje landen. Dat zou Belinda dus nooit doen. Ik heb het nooit geprobeerd, maar ik weet zeker dat ze dan vlak voor de hindernis een noodstop zou maken. En dat ik dan met een grote boog in het water zou belanden.

Belinda staat samen met tien andere pony's en paarden in een groot weiland met een sloot eromheen. Die sloot wordt gebruikt als drinkbak, maar zorgt er ook voor dat de dieren niet weglopen. Geen paard dat het in zijn hoofd haalt om naar de overkant te zwemmen. Tenminste, dat dacht ik. Want deze zomer werd er in onze kudde een hengstje geboren dat dol bleek te zijn op water. Zijn baasje noemde hem Typhoon (dat betekent wervelstorm), omdat hij al direct na zijn geboorte als een gek door het weiland ging rennen. De meeste veulens blijven het liefst zo dicht mogelijk bij hun moeder, maar Typhoon wilde onmiddellijk de wereld ontdekken. En zijn belangstelling ging vooral uit naar de sloot.

Het begon met voorzichtig pootjebaden. Maar al na een paar dagen nam Typhoon zijn eerste echte duik. Dat zijn moeder bezorgd naar hem stond te hinniken maakte hem niets uit. Hij zwom gewoon door en krabbelde bij het weiland van de buren weer aan wal. Hij schudde als een hond het water uit zijn vacht, snuffelde wat aan een rietstengel en maakte een paar gekke bokkensprongen. Pas toen hij oog in oog kwam te staan met een grote koe werd hij een beetje bang en zwom hij weer snel naar zijn moeder terug.

Ook in de weken daarna ging Typhoon regelmatig bij de koeien op bezoek. Op warme dagen zwom hij wel drie keer heen en weer. Ik denk dat hij met zijn enthousiaste verhalen ook de andere paarden op een idee heeft gebracht. Want op een dag sprong ook Jester, het grootste paard van de kudde, in de sloot om een bad te nemen. Alleen zonk Jester met zijn grote zware lijf meteen naar de bodem! Zijn benen zakten diep weg in de modder en het lukte hem niet meer om overeind te komen. Toen we hem vonden, stak alleen nog zijn hoofd boven het water uit.

Hoe hard we ook aan zijn hoofd en zijn manen sjorden, we kregen Jester er niet uit. Ten einde raad hebben we toen het alarmnummer 112 gebeld. Een paar minuten later kwamen er twee brandweerwagens aanrijden, waar tien brandweermannen in uniform uitsprongen. Een van hen trok een regenpak aan en stapte in de sloot. Met een brandslang maakte hij een soort tuigje om de billen van Jester. De andere paarden keken ademloos toe terwijl de brandweerlieden hem voorzichtig op de wal trokken. Alleen Typhoon rende zenuwachtig in het rond en hapte brutaal in de jassen van de brandweermannen.

Eenmaal op het droge begon Jester heel hard te rillen. Hij had zo lang in het water gelegen dat hij helemaal onderkoeld was. We veegden het kroos van zijn lichaam en zijn toen rondjes met hem gaan lopen, net zolang tot hij het weer warm had. De dagen na het ongeluk had hij nog wat last van spierpijn, maar inmiddels is Jester weer helemaal de oude. Alleen denk ik wel dat hij de rest van zijn leven een hekel aan water zal hebben.