Dringend gezocht: uitgever

Prometheus was een dynamische en winstgevende literaire uitgeverij. Dit jaar liep het bedrijf leeg en stagneerde de verkoop.

Debutanten worden niet goed begeleid, bestsellers blijven uit en het personeel loopt nogal vaak weg. Maar de omzet van uitgeverij Prometheus rees de afgelopen jaren de pan uit, en als een auteur of redacteur een goed idee had, was alles mogelijk. De uitgeverij maakte een brutale start. De recht voor zijn raap-mentaliteit van uitgever Mai Spijkers gaf de onstuimig groeiende uitgeverij een controversieel imago, dat het tot de dag van vandaag bezit. De laatste tijd gaat het minder goed.

Met het vertrek van de uitgever van Prometheus, Plien van Albada, afgelopen maand, en de uittocht van drie van de vier redacteuren het afgelopen halfjaar, staat interim-directeur Mai Spijkers – in 1990 oprichter van de uitgeverij – voor de moeilijke taak Prometheus weer op sterkte te krijgen. De auteurs zijn tevreden met Spijkers als tussenpaus, maar zijn zorgelijk over de toekomst. ,,Het is hoog tijd voor rust in de tent, en voor een nieuwe uitgever'', aldus auteur Adriaan Jaeggi. ,,Maar goede uitgevers zijn dun gezaaid.''

Uitgeverij Prometheus bestaat uit drie fondsen. De oude, van origine Haagse uitgeverij Bert Bakker, met in het fonds auteurs als Marga Minco en Tim Krabbé, kinderboekenuitgeverij Van Goor, met Carry Slee als bestseller en Prometheus, het kindje van Mai Spijkers, nu hoofd PCM Algemene Boeken en ad interim weer aan het roer bij Prometheus.

In oktober 1989 startte Spijkers, tot dan toe directeur-uitgever bij Bert Bakker, in een voormalige schuilkerk aan het Singel in Amsterdam een eigen uitgeverij: Prometheus. Onder de vroege uitgaven bevond zich de eerste roman van Connie Palmen, De wetten (1991). Palmens debuut stond aan het eind van 1991 op de eerste plaats van de literaire bestsellerlijst. De jonge uitgeverij maakte een bliksemstart: ook de non-fictielijst van 1991 werd aangevoerd door een Prometheus-uitgave: Je begrijpt me gewoon niet van Deborah Tannen. En dat was pas het begin.

,,We wilden geen kleine uitgeverij blijven, zoals de Harmonie, of de Wereldbibliotheek, maar snel tot een flinke omvang komen'', vertelt Mai Spijkers op het kantoor van Prometheus aan de Herengracht. ,,We gingen de concurrentie aan met de Arbeiderspers, De Bezige Bij en Bert Bakker.'' Spijkers zette met de nieuwe uitgeverij breed in. Niet alleen Nederlandse en vertaalde fictie, maar ook academische non-fictie (Herman Pleij, Frits van Oostrom) stond op het programma.

Een beginnende uitgeverij heeft echter geen zogenoemde `backlist', de lijst met oude titels die op ieder gewenst moment – zonder extra kosten – kunnen worden herdrukt. Er moest hard worden gewerkt om nieuwe titels op de markt te brengen en zo een fonds op te bouwen. Grote ambities dus, en maar weinig geld voor personeel. ,,De kosten kunnen niet te ver voor de baten uitlopen'', zegt Spijkers daarover. Prometheus maakte in die tijd veel gebruik van stagiaires, die snoeihard moesten werken.

Plien van Albada was zo'n stagiaire. Zij kwam als net afgestudeerd historica in 1991 bij de uitgeverij werken. ,,Ik vond het zwaar. Spijkers stelde hoge eisen, terwijl ik nog niet wist hoe alles in elkaar stak. Op mij had dat uiteindelijk een stimulerend effect.'' Van Albada wist de ongeduldigheid, veeleisendheid en weinig zachtzinnige houding van Spijkers in haar voordeel uit te buiten en werd redacteur. ,,Als je zijn respect had gewonnen, dan kreeg je veel ruimte.''

Met uitgeverij Bert Bakker, begin jaren negentig opgekocht door PCM-voorloper Meulenhoff & Co., ging het ondertussen niet goed. Slecht beleid bracht de uitgeverij aan de rand van de afgrond, en in 1993 fuseerde Bert Bakker met Prometheus. Spijkers werd directeur van Prometheus/Bert Bakker. De oude redactie van Bert Bakker vertrok gedesillusioneerd. Het bedrijf maakte in de periode 1994-'95 een explosieve groei door. Spijkers: ,,In 1994 verviervoudigde de omzet naar ruim 5 miljoen euro, in 1995 groeiden we nog vijftig procent.'' Van Albada werd in 1993 chef-redactie van Prometheus/Bert Bakker, waarbij ze zowel fictie als non-fictie onder haar hoede nam. In de periode 1995-'98 was Van Albada hoofdredacteur, wat nog meer vrijheid betekende. Toen Spijkers in 1999 vertrok naar de hogere regionen van PCM, benoemde hij haar, samen met Chris ten Kate, tot adjunct-directeur van de uitgeverij. In 1999 werd Van Albada directeur. Omdat de samenwerking niet goed liep, vertrok Ten Kate na enkele maanden.

In de periode 1998-2002 groeide Prometheus opnieuw flink. De omzet steeg – mede door de aankoop van kinderboekenuitgeverij Van Goor en de komst van Carry Slee – van ruim 7 naar bijna 14 miljoen euro. Het aantal medewerkers steeg van 25 naar bijna 40. Voor Van Albada betekende deze ontwikkeling dat zij steeds meer een manager werd, en minder een uitgever. ,,Ik hield me in toenemende mate bezig met functioneringsgesprekken, Arbo-vraagstukken, en moest uitvinden hoe je in zo'n groot bedrijf nog optimaal kunt samenwerken.''

Een zakelijk leider die Van Albada moest bijstaan kon het tij niet meer keren. Toen Jan-Geurt Gaarlandt in februari 2003 aan Van Albada vroeg of zij hem wilde opvolgen bij Uitgeverij Balans, koos ze uiteindelijk voor deze kleinere uitgeverij. Ze belde Spijkers op, en vertelde hem dat ze Prometheus na twaalf jaar ging verlaten. ,,Ik kan me nu weer meer richten op boeken en auteurs'', zegt ze daarover. En waarom Balans? ,,Balans is erg gericht op kwaliteit en duurzaamheid.'' Gevraagd naar een vergelijkbare typering van uitgeverij Prometheus, is Van Albada even stil. ,,Ik heb met veel plezier bij Prometheus gewerkt, vooral omdat er zoveel mogelijk was.''

Hafid Bouazza, sinds 1998 auteur bij Prometheus, hoorde van het vertrek van Van Albada in Portugal, waar hij aan zijn in oktober te verschijnen roman Paravion werkte. ,,Ik was erg verbaasd en vind het jammer dat ze na drie jaar van hard werken, waarin het steeds beter ging, niet de toewijding had om door te bijten.'' Bouazza heeft achtereenvolgens Van Albada, Annette Portegies en Josje Kraamer als redacteur gehad. Allen zijn nu vertrokken. ,,Ik merk dat ik niet te veel moet hechten aan een redacteur. Ik heb soms het gevoel dat ik meer luister naar de sores van bepaalde medewerkers op de uitgeverij, dan dat de uitgeverij zich met mijn romans bezighoudt.'' Toch is Bouazza verder tevreden over Prometheus. ,,Ik ben een trouwe auteur. De mensen die er blijven, doen het werk formidabel.''

De fondsen Prometheus en Bert Bakker gaven de afgelopen jaren samen ongeveer 180 nieuwe titels per jaar uit. Inclusief kinderboekenfonds Van Goor en de pockets komt de uitgeverij op 355 titels per jaar. Daarmee is Prometheus de uitgeverij met veruit de meeste titels per zittende redacteur. Maar heel lang houden die redacteuren het meestal niet uit. Het verloop onder het personeel van Prometheus is vanaf het begin groot geweest. ,,Voor een deel is dat te wijten aan de kleurrijke persoonlijkheid van Spijkers, voor een deel ook aan de hoge werkdruk op de uitgeverij'', stelt Annette Portegies, voorheen redacteur van Prometheus en nu directeur-uitgever bij Meulenhoff. Van Albada voegt daar aan toe: ,,Er vertrokken ook mensen om andere redenen, bijvoorbeeld omdat ze een kind kregen.''

Het vertrek, afgelopen jaar, van drie van de vier redacteuren, Maaike le Noble (naar Arena), Bertram Mourits en Josje Kraamer (beiden naar Contact), was een ernstige aderlating. Een van de prioriteiten van Spijkers is dan ook om de redactie weer op sterkte te krijgen. Tom van Eck (27), afkomstig van het Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds, komt binnenkort de redactie versterken. Publiciteitsmedewerker Hella Jansen is redacteur geworden en rechtenspecialist Hedda Sanders springt bij. Voor de auteurs die door Plien van Albada werden begeleid zijn noodoplossingen bedacht. Zo wordt Bas Heijne begeleid door inval-redacteur Adriaan Jaeggi, die lang redacteur was bij Thomas Rap en De Bezige Bij. Bouazza wordt begeleid door hoofd bureauredactie Vincent Schmitz (27) en Connie Palmen valt voorlopig onder de hoede van Mai Spijkers zelf.

Redacteur Job Lisman (36) werkt al sinds vier jaar bij Prometheus. ,,Een mensenleven, voor Prometheus-begrippen'', aldus Jaeggi, een van zijn auteurs. Lisman ervaart het verloop onder zijn collega's als lastig, maar niet als onoverkomelijk. ,,Het kost veel energie om de lopende projecten van een vertrekkende redacteur over te nemen. Het boekenvak is al hard werken, en hierdoor kan het soms een zware baan zijn.'' De oud-medewerkers hielden het uitgeef-vak overigens niet voor gezien. Prometheus-redacteuren kwamen terecht op soms cruciale plekken in de Nederlandse uitgeefwereld. Zo is Lidewijde Paris nu uitgever bij Querido, Portegies bij Meulenhoff en Van Albada bij Balans.

Door het grote verloop krijgen de auteurs wel erg vaak te maken met een nieuw gezicht. Jaeggi, zelf bij ieder Prometheus-boek voorzien van een nieuwe redacteur: ,,Vooral voor schrijvers die wekelijks met een redacteur overleggen is dat lastig.'' Voor auteur Bas Heijne, sinds de oprichting van Prometheus auteur in het fonds, telt vooral de hoogste functie, uitgever, zwaar. ,,De eindredactie en de productie bij Prometheus lopen goed, maar ik heb behoefte aan iemand die mijn werk een richting geeft.'' Heijne betreurt het vertrek van Van Albada nog steeds. ,,Ik hoop maar op een goede vervanger, dat wordt niet makkelijk.''

Wanneer een boek geschreven, geredigeerd en gedrukt is, dan begint het uitgeven pas, is een stelregel van Mai Spijkers. Maar juist die laatste fase, de promotie van de titels, loopt bij Prometheus de laatste tijd stroef. Midden jaren negentig was de uitgeverij uiterst succesvol in het hypen van titels. Zo scoorde Bert Bakker in 1996 met de poëzie van Paul van Ostaijen in een fraaie cassette. Ook Palmen en Krabbé verkochten in die tijd beter dan nu.

De verkoopcijfers tonen aan dat Prometheus de laatste jaren geen echte bestseller meer heeft gehad. De as van mijn moeder van Frank McCourt (1997, 300 duizend exemplaren) en Moederkruid van Carry Slee (2001, 125 duizend exemplaren) zijn de laatste echte knallers. Over 2002 was Geheel de uwe van Connie Palmen het bestverkochte fictieboek van Prometheus. Het staat op de 22ste plaats in de CPNB top-100, wat betekent dat er tussen de vijftigduizend en vijfenzeventig duizend exemplaren in Nederland van zijn verkocht. Ter vergelijking: God's gym van Leon de Winter (Uitgeverij De Bezige Bij) kwam ongeveer gelijktijdig uit en verkocht over 2002 meer dan vijfenzeventigduizend exemplaren. Ook bleef de roman van De Winter langer doorverkopen.

In totaal heeft Prometheus maar vijf titels in de top-100 over 2002. Bridget Jones. Het nieuwe dagboek van Helen Fielding bezet de 49ste plaats. De andere, lager geplaatste boeken, zijn Dochter van Eva en Hebbes van kinderboekenschrijfster Carry Slee en Kathy's dochter van Tim Krabbé. En de trend zet zich voort. De afgelopen maanden zijn de titels van Prometheus in geen enkele literaire of non-fictie top-10 terug te vinden.

Het lijkt de uitgeverij de afgelopen jaren dus meer moeite te kosten om de uitgaven aan de man te brengen. Volgens literair agent Paul Sebes, van 1992 tot 1999 werkzaam als publiciteitsmedewerker en assistent van Spijkers, ligt dat aan de vele titels die Prometheus uitgeeft, maar ook aan de onervarenheid van de publiciteitsafdeling. ,,Wat zij nu met zijn vijven doen deed ik toen alleen.'' Jaeggi: ,,Zonder ervaring heb je geen netwerk in de media en dat is essentieel als je een boek wil promoten.''

Een ander zwak punt van Prometheus is dat er weinig nieuwe Nederlandse talenten worden ontdekt. En als het wel gebeurt en een debutant goed verkoopt of goed wordt besproken, dan vertrekken ze te snel naar een concurrerende uitgever. Maya Rasker (Met onbekende bestemming) ging naar Augustus en Floor Haakman (Oneetbaar brood) naar Querido. Literair agent Sebes verkoopt de manuscripten van zijn debutanten dan ook niet aan Prometheus. ,,Ik had het heel leuk gevonden om ze bij mijn oude werkgever onder te brengen, maar ik denk dat ze bij andere uitgeverijen beter worden begeleid.''

Het verloop onder het personeel is te groot en er zijn geen bestsellers. Hoe gaat Spijkers dit oplossen? Door de opzet van uitgeverij Meulenhoff over te nemen. ,,Bij Meulenhoff is Annette Portegies uitgever, en daarnaast is ze directeur-uitgever van Meulenhoff, Vassallucci en Arena. Die laatste twee hebben ieder afzonderlijk ook nog eens een eigen uitgever'', vertelt Spijkers. ,,Voor Prometheus zoek ik een uitgever die daarnaast directeur wordt van zowel Prometheus, Van Goor en Bert Bakker. Op dit moment heeft alleen Van Goor een eigen uitgever.''

Door aparte uitgevers voor Prometheus en Bert Bakker aan te trekken ondervangt Spijkers een ander probleem. ,,De afgelopen jaren zijn de fondsen van Prometheus en Bert Bakker veel te veel op elkaar gaan lijken. Ze moeten weer meer smoel krijgen'', aldus Portegies. Spijkers erkent dat: ,,Ik wil de twee fondsen meer profiel geven. Bert Bakker moet zich gaan toeleggen op de non-fictie, Prometheus meer op de fictie.'' Maar misschien nog wel belangrijker is dat Prometheus een wat speelser fonds moet hebben, en Bert Bakker een wat serieuzer. ,,Een non-fictiewerk van Jort Kelder past dan meer bij Prometheus, een nieuwe H.L. Wesseling bij Bert Bakker'', aldus Spijkers. Spijkers wil bovendien het lezerspubliek van Prometheus beter in kaart brengen. ,,We moeten als uitgevers in het algemeen gerichter te werk gaan. Op dit moment vormt veertig procent van de uitgaven slechts één procent van de omzet. Dat is overproductie.''

Een onderzoek dat uitwijst wat lezers willen lezen, heeft tot gevolg dat uitgevers beter naar de wensen van lezers gaan luisteren. Betekent dat dan ook dat redacteuren hun auteurs gaan adviseren waarover ze moeten schrijven? Redacteur Job Lisman: ,,Bij non-fictie auteurs is dat natuurlijk allang het geval. Spijkers: ,,Het kan tot gevolg hebben dat een uitgever meer op zoek gaat naar een bepaald type boek en dan auteurs in zijn fonds opneemt die dat type boek schrijven. Je moet als fictie-auteur ook schrijven voor een publiek.''

En wie wordt nu de nieuwe directeur van Prometheus? Jaeggi: ,,Er zijn veel auteurs in het fonds, onder wie ikzelf, die het zouden toejuichen als Mai Spijkers terugkeert.'' Spijkers heeft echter aangegeven dat hij dat niet wil. ,,Ik heb in een brief aan de auteurs geschreven dat ik blijf totdat ik iemand heb gevonden'', vertelt Spijkers. Maar hoe lang dat nog gaat duren wil hij niet zeggen. Mirjam Bonting is inmiddels uitgeefster bij Van Goor. Voor Bert Bakker hoopt Spijkers binnen enkele weken iemand aan te nemen.

Met het vertrek van de directeur en drie redacteuren, de verhuizing naar een groter pand aan de Herengracht, en de onervarenheid van veel medewerkers, beleeft Prometheus een chaotische periode. Literair agent Paul Sebes is dan ook somber. ,,Het zou me niet verbazen als er auteurs gaan weglopen.''