Buurland: geen gedwongen spreiding

Gedwongen spreiding van kansarmen bestaat in België niet. Hoewel steden als Brussel, Antwerpen en Luik wel degelijk probleemwijken kennen, heeft de overheid – volkshuisvesting is in België een zaak van de gewesten, niet van de federale overheid – nog nooit geëxperimenteerd met bewuste spreiding.

Eén van de redenen hiervoor is dat de Belg, zoals hij zelf zegt, een baksteen in z'n maag heeft: ook in de steden kopen de mensen een huis. De speling die de sociale huisvestingsmaatschappijen met goedkope huurhuizen hebben is dus beperkt. Wel volgen medewerkers van deze maatschappijen in Antwerpen het Nederlandse debat op de voet.

Ook Duitsland heeft geen ervaring met de gedwongen spreiding van kansarmen. Een dergelijke maatregel staat op dit moment ook niet ter discussie, aldus Bernd Knopf, woordvoerder van de regeringscommissaris voor vluchtelingen, migranten en integratie, Marieluise Beck (de Groenen). Wel zijn asielzoekers beperkt in de keuze van hun woonplaats: zij worden volgens een bepaalde sleutel verdeeld over deelstaten en steden. In de jaren zeventig is in de Berlijnse wijk Kreuzberg kortstondig geëxperimenteerd met een vestigingsverbod, met het oog op grote instroom van Turken. Dat bleek juridisch niet houdbaar en stuitte ook op verzet van verhuurders in de wijk.

Knopf wijst er op dat een gedwongen spreiding snel stuit op juridische obstakels. Ook is het volgens hem maar zeer de vraag of een dergelijke maatregel praktisch uitvoerbaar is. ,,U moet mij eens vertellen welke gegoede Rotterdamse wijk een Familie Flodder met open armen zal ontvangen?''

In Frankrijk is het idee van spreiding van allochtonen nooit geopperd, zelfs niet door een extreem-rechtse politicus als Jean-Marie Le Pen. Het is tegen de grondwet om onderscheid te maken tussen burgers op grond van hun afkomst. Bovendien hanteert Frankrijk, al meer dan honderdvijftig jaar immigratieland, een rigoureus assimilatiemodel. Eenmaal genaturaliseerd is de gewezen immigrant Frans staatsburger en wordt er principieel geen rekening gehouden met zijn afkomst of achtergrond. In de officiële papieren wordt de afkomst ook niet vastgelegd.

Volgens immigrantenspecialist André Lebon, werkzaam op het ministerie van Binnenlandse Zaken en schrijver van enkele boeken over immigratie, betekent dat niet dat er geen problemen zijn die worden veroorzaakt door concentratie van bevolkingsgroepen. Integendeel, de buitenwijken van de grote steden waar veel immigranten wonen zijn berucht wegens de hoge werkloosheid en criminaliteit.

,,Uiteraard wordt gepoogd die problemen tegen te gaan, maar spreiding is geen optie. De eerste generatie immigranten bepaalt de woonplaats van de volgende. In het beste geval is dat een plaats waar werk te vinden is. Maar zelfs asielzoekers worden slechts ten dele gespreid. Er wordt rekening gehouden met hun wensen en dan gaat het nog maar om de helft van hen. Vijftig procent van de asielzoekers wacht de uitslag van hun aanvraag niet af in opvangcentra en zorgt voor eigen opvang'', aldus Lebon.

Groot-Brittannië beraadt zich nog op extra stappen tegen `neighbours from hell', zoals de meest helse buren heten, met een verwijzing naar een populair tv-programma. Onderscheid naar ras is daar in elk geval niet bij, noch deportatie. De eerste bewindsman die het voorstelt zou vermoedelijk een fascist genoemd worden. Niettemin publiceerde David Blunkett, de minister van Binnenlandse Zaken, in maart een witboek met een reeks maatregelen tegen `anti-sociaal' gedrag. Zo wil hij vaste boetes invoeren tegen herrieschoppers en graffitispuiters. Huiseigenaren en gemeentelijke woningbouwverenigingen zouden onverbeterlijke asocialen gemakkelijker uit hun huis kunnen zetten. Bovendien zou hun recht om een huurhuis te kopen vervallen. Ook neemt hij huisjesmelkers op de korrel.

(M.m.v. Caroline de Gruyter, Michel Kerres, Pieter Kottman en Hans Steketee.)