Economie sinds 20 jaar niet zo snel gekrompen

De Nederlandse economie is in de eerste helft van 2003 met 0,4 procent gekrompen. Zo hard is de economie in twintig jaar niet gekrompen. Nederland heeft daarmee de laagste economische groei van de EU. Zonder de extra overheidsuitgaven in zorg, onderwijs en openbaar bestuur zou de daling nog groter zijn geweest.

Dat maakte het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vandaag bekend in zijn verslag van de Nederlandse economie in 2002 en de eerste helft van 2003. Het CBS noemt 2002 een ,,zeer mager jaar''. De economische neergang die in 2001 begon, zette zich in 2002 en 2003 onverminderd door. De investeringen daalden, de werkloosheid steeg en het beschikbaar inkomen en de consumptie stegen licht.

De werkgelegenheid daalde met 0,7 procent, de uitvoer met 0,1 procent en de consumptie van de huishoudens met 0,4 procent. Het scherpst was de daling van de bedrijfsinvesteringen: min 4,6 procent. Als een van de weinige bedrijfstakken wist de chemische industrie met 3 procent te groeien. De elektro-technische industrie kromp het sterkst: met 10 procent. Het vertrouwen van het bedrijfsleven in de economie blijft laag.

Over 2002 bedroeg de economische groei nog 0,2 procent, maar ook dit was volledig toe te schrijven aan de overheidsuitgaven. De zwakte van het bedrijfsleven heeft volgens het CBS te maken met de lage arbeidsproductiviteit en hoge loonkosten.

Door personeel te ontslaan, verhogen bedrijven de arbeidsproductiviteit per werknemer en raken zij overcapaciteit kwijt. De loonstijging neemt volgens het CBS echter langzaam af. Het CBS doet, anders dan het Centraal Planbureau, geen voorspellingen, maar voorziet nog geen herstel op korte termijn. Door de dure euro profiteert Nederland maar matig van het economisch herstel in de VS. ,,We zijn vooral afhankelijk van het herstel van de Duitse economie, en zolang die blijft kwakkelen zal de Nederlandse economie geen duidelijk herstel laten zien'', aldus M. Vergeer, specialist nationale rekeningen.

Het beschikbare inkomen nam in 2002 nog toe met 1 procent. De consumptie hield daarmee geen gelijke tred, want die steeg met 0,6 procent.

Het CBS vergeleek de huidige situatie met die van 1993, toen de economie eveneens in recessie verkeerde. Het inkomen per hoofd van de bevolking is sindsdien gestegen, de werkloosheid is lager dan toen, en de arbeidsparticipatie van vrouwen is aanzienlijk gestegen. De overheidsschuld daalde spectaculair, van 80 procent van het bruto binnenlands product (BBP) tot 52,4 procent.