Privacy-ruzie EU en VS

De VS verlangen de persoongegevens van Europese reizigers die het land aandoen. Europa is verdeeld en aarzelt.

,,Voor elk complex probleem bestaat een antwoord dat helder, simpel en verkeerd is.'' Met die quote van de Amerikaanse schrijver Henry Lewis Mencken begon Eurocommissaris Frits Bolkestein gisteren zijn repliek aan de Commissie Vrijheden en Rechten van de Burger van het Europese Parlement, die hem had gevraagd om uit te leggen waarom hij toelaat dat Europese luchtvaartmaatschappijen persoonsgegevens van reizigers aan de Verenigde Staten verstrekken, terwijl dit in strijd is met de Europese privacy-wetgeving.

,,De huidige situatie mag niet doorgaan'', vertelde Bolkestein de parlementariërs. Hij zei duidelijk dat hij hun zorgen deelt over de dagelijkse inbreuken op de privacyregels. Maar hij liet zich niet intimideren door het plan van de parlementaire rapporteur in deze kwestie, de Nederlandse D66'er Johanna Boogerd, om de Europese Commissie voor het Europese Hof van Justitie in Luxemburg te dagen als de Commissie de overdracht van gegevens niet stopt.

Volgens Boogerd moet de Commissie ervoor zorgen dat luchtvaartmaatschappijen zich aan de Europese regels houden, punt uit. Hoewel de onderhandelingen tussen de Commissie en de VS gaande zijn, is er nog weinig vooruitgang geboekt. Tijd, zegt Boogerd, om de maatschappijen te dwingen om geen gegevens meer naar Amerika te sturen. ,,Dat mes is mij te scherp'', zei Bolkestein. Hij vroeg, en kreeg, tot eind dit jaar de tijd om te proberen met de Amerikanen tot een vergelijk te komen.

Bolkestein zit in een dilemma. Enerzijds willen de Amerikanen alles doen om terreuraanslagen te voorkomen. Hun onderhandelaars zeggen steeds dat de aanslagen op het World Trade Center, morgen twee jaar geleden, voorkomen hadden kunnen worden als ze tóen al persoonsgegevens hadden gecontroleerd. Anderzijds zijn er de Europese regels ter bescherming van de privacy, die verbieden dat die gegevens (namen, adressen, credit-cardnummers, maaltijdvoorkeuren en dergelijke) de oceaan over worden gestuurd.

Bovendien spelen er politieke en economische motieven mee. Handelsconflicten, de oorlog in Irak en andere zaken hebben de transatlantische betrekkingen verzuurd. Op een felle vete over persoonsgegevens zit de Europese Commissie niet te wachten. Daarbij hebben de VS de luchtvaartmaatschappijen op de knieën gedwongen: als zij geen persoonsgegevens verstrekken, krijgen ze hoge boetes en kunnen ze hun landingsrechten in de VS kwijtraken. Als de Commissie nu op haar strepen gaat staan, is de financiële ravage niet te overzien. En reizigers staan dan uren in de rij, want de Amerikaanse douane en grensbewaking willen hun gegevens toch hebben.

Maar het grootste probleem ligt binnen de EU zelf. Het zijn namelijk de vijftien EU-lidstaten die hun nationale `carriers' tot de orde moeten roepen. Maar een aantal lidstaten heeft daar geen zin in. Finland, Groot-Brittannië en Ierland overwegen zélf persoonsgegevens van passagiers op te gaan vragen. Ook Nederland staat niet onwelwillend tegenover de verlangde gegevensoverdracht.

Als Bolkestein actie wil ondernemen tegen de maatschappijen, dan zullen sommige lidstaten dat niet uitvoeren. Dan is er geen `Europees blok' meer, en wordt zijn onderhandelingspositie ondergraven. ,,De Amerikanen weten dat'', zegt een ingewijde. ,,Ze wachten tot het EU-ballonnetje knapt. Ze hebben geen haast, en willen geen concessies doen.''

Wie dan nog bedenkt dat veel Europarlementariërs nu graag punten scoren (er zijn verkiezingen volgend jaar), begrijpt dat elk helder en simpel antwoord op dit probleem, om met Mencken te spreken, de Eurocommissaris in een lastig parket kan brengen.