Een loflied op een Libanese zangeres

Nadat we ten slotte eindelijk de zangeres zelf hebben zien optreden, op een zwoele avond in Baalbek, gaat het beeld op zwart en staan daar de woorden `Met dank aan Fairuz'. En terwijl de slottitels afrollen, denk je: wat zie ik toch? Het is de silhouet van Fairuz, zoals ze in de laatste seconden roerloos als een madonna in beeld stond, fluisterzingend alleen jij, jij alleen, alleen jij, jij alleen, alleen jij...

Optisch bedrog, natuurlijk. Maar aan het eind van een film over een zangeres die de maan tevoorschijn kon zingen, die in de Libanese burgeroorlog onverzoenlijke vijanden verzoende en wier fans hopen dat ze eerder mogen sterven dan zij, hebben rationele verklaringen domweg minder overtuigingskracht.

Fairuz - we hielden zoveel van mekaar is een film vol dwepers, maar het is geen dweperige film. Fairuz (spreek uit `feehroes') was al legendarisch toen Libanon nog gelukkig was en Beiroet een mondaine stad van christenen, sji'ieten, soennieten en druzen, waar niemand elkaar naar zijn geloof vroeg – als we een van de geïnterviewden mogen geloven.

De Nederlandse documentairemaker Jack Jansen probeert aan de hand van enkele van Fairuz' fans zowel haar betekenis als de Werdegang van dat Libanon te laten zien. Dat lukt een heel eind.

De betekenis van Fairuz voor Libanon is tegen het eind wel duidelijk. Ze maakt muziek die in Nederland niet bestaat. Als je deze woorden hoort: `Helaas, de liefde bleek een leugenaar', krijg je de neiging om het lied weg te zetten naast onze `vuile huichelaar, pak jij je koffers maar'. Maar dit gaat verder: `Helaas, de liefde bleek een leugenaar, hij speelde met je als de wind'. En daar kan onze Renee de Haan toch niet aan tippen.

We horen haar overal, uit de radio, van de pick-up, haar fans zingen af en toe mee. Dat vergroot de ontroering die toch al van haar liederen uitgaat. De bonkige, ziedend-bittere taxichauffeur zingt met haar B'hibbak ya Libnaan (ik heb je lief, mijn Libanon), en probeert daarmee heel zijn christelijk-Libanese ideaal nog eens leven in te blazen. Maar dat verhaal is na een minuut of veertig wel verteld en Fairuz duurt twee uur.

De rest van de aandacht gaat uit naar de Libanese burgeroorlog. En daar overtuigt Jansen minder. Het waren uitermate ingewikkelde tijden, waarin christelijke milities, Druzen, gevluchte Palestijnen, Syriërs en Israëliërs een rol speelden. Dat laat zich vanuit het strikt-persoonlijke perspectief van deze film domweg niet goed genoeg vertellen. Het blijven gescheiden verhalen. Een Palestijn zegt: ,,Ik dacht dat ik voor de goede zaak vocht, maar de christenen in Oost-Beiroet dachten precies hetzelfde.'' Een christenvrouw vertelt over de dag dat de Druzen haar broer vermoorden. De taxichauffeur zegt: ,,Er zijn 177.000 mensen vermoord en er is nog steeds geen oplossing.'' Maar daarna verlang je van een documentairemaker context en duiding. Worden christenen in Libanon nu onderdrukt, zoals de taxichauffeur zegt? Of overdrijft hij? Zijn de Druzen nu aan de macht? Of de moslims? De lijnen uit het verhaal van Fairuz vloeien mooi samen, die van de oorlog hangen los.

Jansen houdt de levende Fairuz zorgvuldig buiten beeld. We mogen wel foto's van haar zien, die als stilistisch bindmiddel dienen. En dus pas op het eind de zangeres zelf, dea ex machina. De bedoeling laat zich raden: na urenlange loftuitingen over de zangeres, moet en zal Jansen bewijzen dat zijzelf de gewekte verwachtingen nog overtreft. En dat doet ze. Eerlijk is eerlijk.

Fairuz - we hielden zoveel van mekaar. Regie: Jack Jansen. In: 20 bioscopen (Docuzone).