Minister Peijs: infrastructuur aanpakken

Minister K. Peijs (Verkeer en Waterstaat) wil het komende jaar voorrang geven aan onderhoud van de infrastructuur boven nieuwe projecten.

Dat maakte ze gisteren bekend tijdens een bijeenkomst met de parlementaire pers op haar ministerie.

Peijs wil niet zeggen hoeveel geld in 2004 voor achterstallig onderhoud aan spoor en wegen wordt uitgetrokken. Eerder liet Prorail, beheerder van de infrastructuur voor het spoor, weten dat daar ruim 2 miljard euro nodig is. Volgens de minister zal het motto de komende tijd zijn ,,eerst houwen, dan bouwen'' en moet zorgvuldig worden onderzocht hoe de forse achterstand kon ontstaan. ,,Onderhoud en beheer is niet erg sexy, maar het wordt er allemaal wel beter van'', aldus Peijs.

De minister wil ook de reikwijdte van de door haar voorganger ingediende spoedwet voor spitsstroken uitbreiden. De wet, met veel kritiek aangenomen door Tweede en Eerste Kamer, maakt aanleg van 150 kilometer aan extra verkeersstroken voor gebruik tijdens spitsuren mogelijk. Peijs wil daar meer van. Wel zal ze deze keer meer rekening houden met de geluidsoverlast die de wegverbredingen met zich meebrengen, zo beloofde ze. In deze kabinetsperiode hoeft de automobilist, zoals de minister eerder aankondigde, niet te vrezen voor beprijzing. Maar daarna ,,zullen we niet kunnen ontkomen aan zoiets als de kilometerheffing'', aldus Peijs.

Ze kondigde aan te willen bezuinigen op de aanleg van de HSL-Zuid (Amsterdam-Brussel-Parijs). Die kan volgens haar best zonder glimmende metaalrand, zoals nog in de huidige plannen staat. De `design'-rand kost volgens haar ,,ettelijke tientallen miljoenen'' euro's. De minister kondigde aan de HSL-regio's ,,desnoods te willen dwingen van de luxe rand af te zien''. De rand was een idee van de Landelijke Welstandscommissie, die de vormgeving voor het traject coördineert. Die commissie is volgens Peijs echter verder gegaan dan nodig was om de HSL-Zuid een fatsoenlijk uiterlijk te geven. Volgens de meest recente berekeningen kost de rand tussen de 70 en 80 miljoen euro.