Geen sporen van antrax in brief uit Irak, maar steengruis

De `poederbrief' uit Irak die gisteren door een inwoner van Gorinchem is ontvangen, bevat geen antrax, een bacterie die de dodelijke ziekte miltvuur kan veroorzaken.

Waarschijnlijk gaat het om een stukje vergruisd pleisterwerk. Dat hebben de gemeente Gorinchem en het ministerie van Defensie vanmorgen bekendgemaakt.De brief was afkomstig van een Defensiemedewerker, een bekende van de Gorinchemer, die deel uitmaakt van de Nederlandse vredesmacht in Irak. De politie heeft daarom het onderzoek naar de zaak inmiddels in handen gelegd van de Koninklijke Marechaussee. Die is inmiddels in Irak op zoek naar de verzender van de brief, zo meldde een woordvoerder van het ministerie van Defensie vanmorgen.

Gisteren belde een 20-jarige inwoner van Gorinchem de alarmcentrale met de mededeling dat hij uit Irak een brief had ontvangen die een geel poeder bevatte. De man had het poeder op zijn hand gekregen en maakte zich zorgen. De gemeente zette daarop meteen het calamiteitenplan in werking. Politie en brandweer rukten uit, het huis van de man werd afgezet, omwonenden moesten ramen en deuren gesloten houden. Een speciaal `gaspakkenteam' stelde de brief veilig en verzegelde de woning. De 20-jarige Gorinchemer werd medisch onderzocht. De brief werd opgestuurd naar het onderzoekslaboratorium CIDC in Lelystad, dat later op de dag vaststelde dat het poeder geen bacteriologisch materiaal bevatte. Na de aanslagen van 11 september en de antrax-paniek in de Verenigde Staten werden in Nederland in 2001 verschillende poederbrieven verstuurd. Alle brieven bleken afkomstig van grappenmakers.

De Defensiemedewerker die de brief heeft opgestuurd is inmiddels opgespoord. Onduidelijk is nog wat zijn precieze functie is en of het gaat om een militair of een burger. Het marechaussee-detachement dat is toegevoegd aan de troepen in Irak heeft morgenochtend een gesprek met betrokkene. Het detachement wacht nog op justitiële stukken uit Nederland.