Commissaris Kok

Wat mag een bedaard en verstandig mens als Wim Kok, twee jaar geleden zelf nog premier, vorige week toch hebben bewogen om zijn opvolger Balkenende wegens het Nederlandse Irak-beleid in een vooraf opgenomen radio-interview te typeren als iemand die ,,het schoothondje van Bush'' wil zijn?

Onaannemelijk is dat Kok met zijn verwijt dat Nederland zich ,,kritiekloos'' aan de kant van de VS heeft geschaard Bush of Balkenende, die net in Washington op bezoek was, alsnog tot de orde heeft willen roepen. Onaannemelijk is ook dat Kok niet zou hebben beseft dat hij met zijn kritiek niet alleen Balkenende persoonlijk maar ook de functie van de Nederlandse premier en misschien ook nog wel het aanzien van het koninkrijk enige schade toebracht. Daargelaten de vraag of het Nederlandse Irak-dossier Koks kritiek naar haar inhoud steekhoudend maakt, staat het immers vast dat de term ,,schoothondje'' uit zijn mond hier en elders een vreemde indruk maakt.

Is Kok dan gezwicht voor de verleiding om eindelijk eens iets te zeggen, over zijn opvolger en Irak dan maar, dat in de PvdA en bij links Nederland nu eens wél goed zou vallen? Anders gevraagd: had de man die in 1986 Den Uyl opvolgde als PvdA-leider, die tussen 1989 en 2002 minister van Financiën en vice-premier en premier was, en die sindsdien verbazend snel op afstand van de veranderende PvdA geraakt lijkt, er eenvoudig behoefte aan heeft zijn geestverwanten duidelijk te maken dat hij hun zorgen en opvattingen begrijpt en deelt? En dat dan ,,via Balkenende'', als het ware? Zo ja, dan was het wel extra pijnlijk dat men zich in de PvdA-fractie in de Tweede Kamer eigenlijk geen raad wist met Koks scherpe oordeel. Wat een tegenvaller moet dat voor hem zijn geweest: de vereniging van heel bezonken staatslieden én de PvdA-fractie trokken samen de neus op voor zijn kritiek op Balkenende. Wij zeggen hem veel dank, maar kunt u deze man niet wat meer bij ons uit de buurt houden?, lijkt de vernieuwde PvdA van Wouter Bos soms over Kok te fluisteren.

Zeker, er zaten sinds begin 2002 Fortuynse en andere (economische) stormen tussen, maar de mate waarin Kok nu al, na zestien jaar leiderschap, politiek afgebladderd is, heeft iets unieks. Voor zulke dingen heeft, en niet sinds gisteren, de vroegere PvdA-voorzitter en huidige Europarlementariër Max van den Berg een scherpe neus. Van den Berg opende deze week in Brussel de aanval op Kok wegens diens instemming als commissaris met de voorgenomen salaris- en andere inkomensstijgingen in de ING-top. Stijgingen die Kok als premier een paar jaar geleden nog als `exhibitionistische zelfverrijking' kritiseerde maar nu verdedigt omdat topmanagement bij te lage betaling naar het buitenland zou kunnen vertrekken, een argument dat je een paar jaar geleden trouwens ook wel eens hoorde. Van den Berg, zei vorige week donderdag tegen het Algemeen Dagblad dat hij over de kwestie geen contact met Kok of andere partijgenoten had gehad. ,,Ik zie wel de brieven in dagbladen en de verontruste reacties van mensen. Net als ik stellen zij vast dat de klappen wel erg aan één kant vallen. Mensen in de verpleging hoeven bij schaarste niet te rekenen op zulke loonstijgingen.''

Pang. Van den Berg is het nog niet verleerd. Want wat zegt hij? Commissaris Kok is niet alleen vergeten wat hij als premier vond, maar hij laat als commissaris ook nog eens de kleine inkomens in de zorgsector in de steek. En wat zegt Van den Berg nog meer? Er kan en mag vanaf nu op Kok worden geschoten, zonodig met scherp.

Ooit, vóór 1986, toen Den Uyl nog een handvol mogelijke kroonprinsen in competitie hield, was hun volgorde veelal: Kok, Van Kemenade, Van Thijn, Van Dam, Van den Berg. Zij zijn geen van allen slecht terecht gekomen, maar Kok toch wel het best, nadat hij het leiderschap had overgenomen en de partijkoers (van Den Uyl en voorzitter Van den Berg) naar het midden had verlegd. Het zijn maar mensen, kan het zijn dat Van den Berg, die Kok nu vrijgeeft voor openbare beschieting, nog wel eens aan die kroonprinsentijden terugdenkt?

Overigens is er nog een reden waarom Van den Berg langzamerhand weer wat vaker aan de bel trekt. Op 10 juni 2004, over tien maanden, wachten de Europese verkiezingen, die ook de eerste echte electorale test voor het tweede kabinet-Balkenende worden na wat de kiezers komend najaar (prinsjesdag) en volgend voorjaar te verwerken hebben gekregen. Het wordt voor de Europese verkiezingen dringen in Nederlandse partijen, waarin leden weer wat meer te zeggen krijgen over de samenstelling van de lijst en de persoon van de lijsttrekker.

In de PvdA moet Van den Berg zich bijvoorbeeld oud-minister Netelenbos, die zichzelf kandideert voor het lijsttrekkerschap, van het lijf zien te houden. Naar de eerste plaats bij de VVD dingt een heel groepje mensen. In het CDA is het Limburgse Tweede-Kamerlid Eurlings door de partijleiding op de eerste plaats gezet, volgens een enkeling mede omdat de Haagse carrière van de jonge Eurlings tot nu toe wel erg vlot verloopt.

In het Europese Parlement heeft Nederland nu 31 van de 626 zetels (CDA 9, PvdA en VVD elk 6, GroenLinks 4, ChristenUnie 3, D66 2, SP 1). Volgend jaar, wanneer veel Oost-Europese landen tot de Unie zijn toegetreden, vallen aan Nederland 27 zetels toe op een totaal van 682 (dat uiteindelijk, wanneer Roemenië met 33 en Bulgarije met 17 ook toegetreden zijn, 732 zal worden). Het CDA maakte in 1999 als oppositiepartij in Den Haag – en mede dankzij een net gewonnen restzetel – een mooie Europese score. Maar dit keer is het CDA de grootste partij in een coalitie die behoorlijk wat pijn moet verdelen terwijl in Straatsburg voor Nederland vier zetels minder te behalen zijn en een eventueel Europees referendum ook het `gewone' opkomstpercentage gunstig zou beïnvloeden, wat veelal niet in het voordeel van het CDA is.

Kortom: Eurlings, tot op zekere hoogte ook Van den Berg, wachten moeilijke verkiezingen. En Kok, nog steeds een gekend en geacht man in Europa, hoeft in de campagne niet te komen helpen. Hoe zegt U, Kok? Heel aangenaam, maar blijft U zitten.