Brabants dirigent

Hein Jordans, eind vorige week op 88-jarige leeftijd overleden, werd het bekendst als chef-dirigent van het door hem opgerichte Brabants Orkest. Het nieuwe orkest werd gefinancierd door kapitaalkrachtige Brabantse muziekliefhebbers. De kordate Jordans begon in januari 1950 te repeteren met minder dan twintig musici en begin mei kon hij zijn eerste concert geven. In 1979, toen Jordans 65 was, vertrok hij bij het Brabants Orkest, waar bij repetities nogal eens een ongemakkelijke sfeer heerste en waar de dirigent wel eens kwaad wegliep als hij niet voor elkaar kreeg wat hij wilde.

Voor zijn Brabantse tijd had Hein Jordans een carrière die meer voorspelde dan hij uiteindelijk realiseerde. Jordans werd geboren op 24 sept 1924 in Venlo in een muzikaal gezin: zijn vader kreeg vioolles van een leerling van Brahms en werkte onder dirigenten als Mahler, Reger en Strauss. Als zesjarige stond Jordans al voor het radiotoestel te dirigeren met mes en vork. Jordans studeerde aan het Amsterdams Conservatorium, bij Henri Hermans in Maastricht en bij Clemens Krauss in Salzburg.

In 1940 werd Jordans pianoleraar in Eindhoven, hij dirigeerde er de Philips Orkestvereniging en in 1942 werd hij tweede dirigent in Arnhem. In 1945 werd hij assistent-dirigent en later tweede dirigent van het Concertgebouworkest onder Van Beinum, tot hij in 1952 definitief naar Brabant ging.

Onomstreden was de autoritaire Jordans zeker niet en dat vertelde hij ook in een tv-documentaire die zijn dochter Manja in 1989 maakte voor de NOS. ,,In mijn geboorteplaats Venlo trok ik met het Concertgebouworkest nooit een volle zaal en had ik ook niet meer succes dan elders. In Eindhoven wilden ze iemand met meer niveau.'' Uiteindelijk begeleidde Jordans met het Brabants Orkest ook beroemdheden als Jehudy Menuhin, Arthur Grumiaux, Isaac Stern, Herman Krebbers, Aafje Heynis en Elly Ameling. In de tv-documentaire vond Jordans Brabant ook ,,even belangrijk'' als Amsterdam.