`Beschermde' natuur bedreigd

Twaalf procent van het aardoppervlak staat officieel geregistreerd als `beschermd' natuurgebied, bijna 100.000 gebieden met een oppervlakte van in totaal 18,8 miljoen vierkante kilometer. Dat is meer dan heel Rusland, inclusief Siberië. De World Conservation Union (IUCN) concludeert, aan het begin van een door haar georganiseerd congres in het Zuid-Afrikaanse Durban over natuurreservaten, dat daarmee de hoeveelheid beschermd gebied is verdubbeld sinds haar vorige congres, 10 jaar geleden.

Volgens de IUCN is het ontstaan van dit immense netwerk een van de grootste successen op het gebied van natuurconservering in de twintigste eeuw. Bovendien bieden de natuurparken wereldwijd ook nog eens werk aan meer dan 80.000 mensen als toezichthouders en voor onderhoud. Daarnaast zijn de parken voor veel landen een belangrijke bron van inkomsten doordat ze toeristen aantrekken. Uit onderzoek naar zee-reservaten blijkt dat in die gebieden twee keer zoveel vis voorkomt als erbuiten en dat de vissen die er leven gemiddeld bijna een kwart groter zijn dan hun soortgenoten in `gewoon' water.

Tot zover het goede nieuws. De IUCN constateert dat de tien meest kwetsbare bossen, zoals de mangrove bossen in Oost-Afrika, nog steeds onbeschermd zijn. Hoewel 70 procent van het aardoppervlak uit water bestaat, is slechts één procent daarvan beschermd.

Veel gebieden – zowel op het land als in het water – zijn op papier weliswaar beschermd, maar in werkelijkheid blijkt daar vaak weinig of niets van terecht te komen. Ook is officiële natuurparken worden planten en dieren bedreigd door ingrijpen van de mens. De druk op veel parken neemt toe door mijnbouw en door olie- en gaswinning. Ook moet in veel parken natuur plaatsmaken voor landbouw, vaak met dramatische gevolgen voor de diversiteit van planten en diersoorten.

De IUCN pleit daarom voor een betere definiëring van de beschermde status van reservaten. Alleen zo kunnen omstandigheden worden vergeleken en kunnen overheden op hun verantwoordelijkheid worden aangesproken.

Vaak worden natuurgebieden behandeld als een soort eilandjes voor milieubehoud en beschouwd als een rem op de vooruitgang. In het ouderwetse economisch denken vertegenwoordigen ze, volgens de IUCN ten onrechte, nauwelijks enige waarde.

De IUCN bepleit een betere samenwerking met de plaatselijke bevolking. Ook milieuorganisaties zagen in het verleden de bewoners van de gebieden vaak als tegenstanders, die door de jacht of doordat ze planten uit het gebied gebruikten de natuur aantastten. Volgens de IUCN hebben natuurgebieden hun goede conservering vaak aan de lokale bevolking te danken en zouden natuurbeschermers die kennis moeten inzetten voor het behoud.