Worstelen met balans tussen wonen en werken

De gemeenten Almere en Haarlemmermeer zijn tegenpolen. In Almere wonen veel meer mensen dan er werken, in Haarlemmermeer is dat precies andersom.

Almere en Haarlemmermeer, beide groeigemeenten, kennen bijna net zulke grote overeenkomsten als verschillen. In Haarlemmermeer, met Hoofddorp als centraal punt, stromen dagelijks ruim 80.000 werknemers de regio in. Zij werken op Schiphol of in de kantoor- en bedrijfsterreinen rond Hoofddorp, Badhoevedorp en Nieuw-Vennep. Overdag is het er druk – op de wegen, maar ook in de stad en de winkelcentra. 's Avonds gaan de lichten uit in kantoren en bedrijven en speelt het leven zich af in de woonkernen.

In Haarlemmermeer, dertig jaar geleden nog een plattelandsgemeente met veel land- en tuinbouw en 26 kleine dorpen, woonden in 2002 ruim 118.000 mensen. En dat aantal blijft groeien. In 2003 en 2004 bouwt de gemeente 3.000 woningen per jaar, 1.000 meer dan normaal. In de gemeente Haarlemmermeer werkten in 2002 ruim 120.000 mensen, waarvan 75 procent van buiten de gemeente komt.

Zo'n vijftig kilometer naar het oosten, in Almere, is de situatie precies andersom. De polderstad groeide in 27 jaar uit van een zandvlakte tot de negende gemeente van Nederland. In 2002 woonden een krappe 160.000 mensen in Almere. De werkgelegenheid groeit er echter niet mee met de bevolking. In datzelfde jaar telde Almere ongeveer 48.000 banen, op 1 april dit jaar lag dat weer ruim 1.000 hoger. zeker eenderde van de Almeerders verlaat elke ochtend de stad om elders aan het werk te gaan. Overdag is het stil in de nieuwe, groene en brede straten van de polderstad, 's avonds keert de levendigheid met de pendelaars terug over de Hollandse Brug.

Hoewel de woon-werkbalans in de twee gemeenten als dag en nacht van elkaar verschilt, zijn de problemen vergelijkbaar. ,,Bereikbaarheid'', verzuchten wethouder Milo Schoenmaker (Ruimtelijke Ordening) van Haarlemmermeer en Wim Faber (Economische Zaken) van Almere. ,,De Haarlemmermeer is nu nog wel goed bereikbaar te noemen, al hoor ik hier en daar ondernemers wel zeggen dat het minder wordt'', zegt Schoenmaker. En dat is een bedreiging voor de florissante ontwikkeling van de werkgelegenheid in de bollenstreek. Almere is prima bereikbaar; andersom belanden Almeerders die in de Randstad werken steevast in de file.

Vanaf de jaren zeventig is de regio in hoog tempo veranderd van een landbouwpolder in een gebied waar (grote) bedrijven zich graag vestigen. Schiphol is dichtbij, net als Amsterdam – bovendien doorkruisen spoorverbindingen en snelwegen het gebied. ICT-bedrijven zorgen voor werkgelegenheid, net als vestigingen van buitenlandse bedrijven en de nationale luchthaven waar dagelijks alleen al zo'n vijftigduizend mensen werken. Rond de bestaande dorpen verrezen in dezelfde tijd nieuwbouwwijken en Vinex-locaties. Niet iedereen wil (of kan) zich echter in de gemeente vestigen.

,,Wij zien graag dat meer mensen die overdag in Haarlemmermeer verblijven, omdat ze er werken, ook hier gaan wonen. Daarom blijven we ook bouwen, de komende jaren leveren we gemiddeld drieduizend woningen per jaar af. We hebben een achterstand op dat gebied en dus nog veel in te halen'', legt Schoenmaker uit. ,,We moeten wel'', gaat hij verder, ,,want de inkomende pendel blijft groeien. De economische recessie heeft wel gezorgd voor een afvlakking van de groei van het aantal arbeidsplaatsen, maar het blijft toenemen. Waar je werkt, zou je ook moeten kunnen wonen. Dat maakt een regio aantrekkelijk, ook voor werkgevers. Aan de andere kant: als je niet dichtbij je werk woont, moet je er wel makkelijk kunnen komen.''

Bereikbaarheid is niet de enige reden waarom Haarlemmermeer een balans wil vinden in de verhouding tussen wonen en werken. ,,Er is te weinig binding met de dorpen. Mensen komen hier met de auto, trein of bus aan. Ze gaan naar hun werk, doen hun boodschappen misschien nog hier of eten wat in een brasserie, maar daar blijft het bij. Ook mensen die er wel voor hebben gekozen in bijvoorbeeld Hoofddorp te gaan wonen, hebben daar te weinig gevoel bij. Het is een snel gegroeid stadje met te weinig sociale samenhang. We proberen daar iets aan te doen door het winkelhart aantrekkelijker te maken en te zorgen voor een uitgaansleven met kroegen en cultuurvoorzieningen. Ook dat is belangrijk voor het trekken van arbeidskrachten én nieuwe bedrijven.''

In Almere klinken ongeveer dezelfde geluiden. Wethouder Faber schetst de situatie. Almere is door de overheid aangewezen als groeigemeente, om de woningnood in Amsterdam maar ook die van het Gooi op te vangen. Elk jaar levert de gemeente zo'n drieduizend woningen op, net als Haarlemmermeer. Die groei is volgens Faber echter op andere vlakken nauwelijks bij te benen. ,,Als het gaat om scholen, medische voorzieningen maar ook buurthuizen en uitgaansmogelijkheden, ontstaat er een achterstand. Maar ook op het gebied van werkgelegenheid. Mensen komen hier graag wonen vanwege de lagere grond- en huizenprijzen, de rust en de ruimte, maar werk is er lang niet voor iedereen.''

Ongeveer 45.000 mensen pendelen volgens Faber elke dag van Almere naar hun werk in de Randstad. Er is wel werkgelegenheid in de polderstad, maar dat zou nog veel meer ontwikkeld moeten worden. ,,De huizenbouw levert veel werk op. Daarnaast zijn Almeerders bezige en avontuurlijke mensen. Veel mensen hebben een klein bedrijfje.'' Almere wil echter veel meer grote bedrijven trekken, om de werkgelegenheid te stimuleren en de pendelstroom in te dammen.

Ruimte hebben we, somt Faber op, net als arbeidskrachten en een goede bereikbaarheid. ,,Toch kiest niet elk bedrijf voor vestiging in Almere. Ik snap ook best dat bedrijven hun hoofdkantoor liever in Amsterdam zien staan.'' Toch zet de gemeente hoog in. ,,Per jaar willen we er vijfduizend arbeidsplaatsen bij. Dat aantal halen we op het moment niet, maar het is wel nodig om de woon-werkbalans meer in evenwicht te krijgen.''

De gemeente Almere kiest ervoor de komende tijd vooral te investeren in de `bestaande stad'. ,,Als we dat niet doen, raakt de bevolking terecht ontevreden. En dat is altijd slecht. Ook voor toekomstige werkgelegenheid. Almere heeft goede voorzieningen nodig, een goede verbinding met Amsterdam en een bruisend stadshart. Daarom willen vanaf 2005 ongeveer 1.000 woningen minder per jaar opleveren. Meer kan wel, maar dan moet er stevig worden gesproken met de overheid. Den Haag heeft gestimuleerd dat er duizenden mensen over de brug zijn gestuurd – de polder in – maar daarna is het heel stil geworden.''

Ook in Haarlemmermeer is behoefte aan een Haags prioriteitenlijstje. ,,De komende dertig jaar moeten er nog 150.000 woningen bijkomen in de noordvleugel van de Randstad, dan heb je het dus over Amsterdam, Haarlemmermeer en Almere. De uiteindelijke verdeling is van groot belang. Hoe zorg je ervoor dat mensen prettig kunnen wonen én werken?'' De beide gemeenten hebben elkaar gevonden in het overlegorgaan voor gemeenten in de noordelijke Randstad. Op 19 september praten ze met elkaar over de mogelijke verdeling van woningen en werkgelegenheid. ,,We denken aan een tussenvariant. Eerst bouwen in Haarlemmermeer, en Almere de tijd geven om zich te ontwikkelen en de bereikbaarheid te verbeteren. En daarna verder bouwen in Almere. Een lobby voeren gaat nu eenmaal makkelijker als je zelf weet wat je wilt'', zegt Schoenmaker.