Tachtigers

Als iemand besluit voor de eerste keer van zijn leven sportief in beweging te komen, zal hij de day after zo stijf zijn als een plank. Toch zal het lichaam het ervaren als een verfrissing, als een klam kussen dat eens goed is opgeschud. Dat is ook zo voor een complete maatschappij die voor de eerste keer in beweging komt na een lange stilstand.

H.A. Meerum Terwogt legde in 1927 in het Nationaal Sport Gedenkboek uit hoe dat werkte. Want toen de jeugd van Nederland rond 1880 de sport ontdekte, gebeurde dat precies in een tijd dat verfrissing het centrale begrip was. De gezapige negentiende eeuw werd er wel even heel stram van.

De Tachtigers waren opgestaan vernieuwende schrijvers die begonnen bij het letterkundig gezelschap `Flanor'. Meerum Terwogt schreef over die jaren: `Wij zien die periode thans als een van krachtig opbruisend jong leven op bijna elk gebied. Het was of een verfrisschende stroom energie onze natie doorvloeide; want niet alleen op literair gebied, maar ook op muzikaal gebied kwam de herleving. De oprichting van het Concertgebouw te Amsterdam dagteekent die tijd.'

Herman Gorter was zo'n Tachtiger. Hij was echter ook vaak op de Koekamp in Haarlem, het eerste voetbalveld in Nederland. Om te discussiëren over literatuur, en om eens een potje te voetballen met zijn kornuiten, onder wie sportpionier Pim Mulier. `Wel merkwaardig', verbaasde Meerum Terwogt zich, `dat in datzelfde tijdsgewricht de sport ontbloeide.'

Het was een boeiende tijd met de ontluikende sport, de opening van het Concertgebouw en een nieuwe literaire stroming. De maatschappij reageerde echter fel op deze nieuwlichterij. Ze werd stijf van al deze inspanningen. Meerum Terwogt: `De tegenstand was enorm. We kunnen ons dien (...) niet meer voorstellen.' Als een sportieveling faalde bij een proefwerk, was het allemaal de schuld van de sport. `Men deed net alsof er vóórdat het voetbal ingevoerd werd, nooit jongens onvoldoende hadden, nooit studenten sjeesden.'

Meerum Terwogt lijkt in 1927 een jeugdfrustratie van zich af te schrijven, want hij was ongemeen fel. `Opgehitste ouders', `redelooze critici'; hij oogt echt boos. Maar hij heeft het dan ook zelf meegemaakt: eind negentiende eeuw was hij bestuurslid van de Amsterdamse voetbalclub RAP. Het is voor hem goed geweest dat na de eerste maatschappelijke verstramming deze overging in een meer ontspannen houding. Zodat de opstandige jeugd van 1880 Nederland een nieuwe impuls gaf sportief, cultureel en maatschappelijk.

jurryt@xs4all.nl