Slaapstad bron van nieuwe banen

. Voormalige groeikernen als Capelle aan den IJssel, Nieuwegein en Houten, vooral bekend als `slaapsteden', ontpoppen zich in hoog tempo als werksteden. Sinds 1996 kregen deze gemeenten er tienduizenden banen bij, vooral in de zakelijke dienstverlening.

Dit blijkt uit een analyse die deze krant heeft uitgevoerd op gedetailleerde gegevens uit het zogeheten Lisa-bestand over de ontwikkeling van de werkgelegenheid van 1996 tot en met 2002. In die jaren groeide het aantal banen met 1,2 miljoen. Dat is in absolute zin meer dan het aantal nieuwe banen in Duitsland en gelijk aan bijna tweederde van dat in Frankrijk. Sinds midden vorig jaar is het aantal banen overigens met 22.000 gedaald, berichtte het Centraal Bureau voor de Statistiek deze week.

De nieuwe werkgelegenheid is ongelijkmatig verspreid. De groei was het grootst in de stadsgewesten van Amsterdam, Rotterdam en Utrecht, waar het aantal banen met 25 procent steeg. In de rest van Nederland bedroeg de toename gemiddeld 15 procent. Binnen de stadsgewesten waren het de randgemeenten die het sterkst profiteerden van de florerende economie. Capelle aan den IJssel bijvoorbeeld zag het aantal banen met 75 procent toenemen. Ook in absolute zin was de toename hier met 17.000 banen indrukwekkend: groter dan de banengroei in steden als Tilburg, Nijmegen of Eindhoven. De spectaculairste groei van de werkgelegenheid deed zich voor in Haarlemmermeer, dat er bijna 37.000 banen bij kreeg. Daardoor telt deze gemeente nu als enige in Nederland meer banen dan inwoners. De regio Haaglanden blijft duidelijk achter bij de andere stadsgewesten. Dit komt vooral door de relatief geringe groei van de werkgelegenheid in de gemeente Den Haag, 13 procent.

De verhoudingen tussen de belangrijkste sectoren van de economie veranderden in de onderzochte zes jaar ingrijpend. De handel blijft de grootste sector, maar de industrie – decennialang de belangrijkste bron van werkgelegenheid, in 1996 de tweede – werd in 2000 ingehaald door de zakelijke dienstverlening en in 2003 door de zorg. De groei van de werkgelegenheid in de zorg was groter dan de totale werkgelegenheid in het voortgezet onderwijs. Waar de groei van het aantal banen in de meeste sectoren in 2002 afvlakte of verdween, nam deze in de zorg verder toe.

De zakelijke dienstverlening was met 350.000 nieuwe banen de grootste groeier. Hierbinnen nam de ICT-dienstverlening er meer dan 100.000 voor haar rekening. Vooral deze sector vestigde zich in de voormalige groeikernen. Haarlemmermeer, Nieuwegein, Zoetermeer en Capelle aan den IJssel staan alle in de ICT-groei-toptien. Amsterdam is met afstand de ICT-hoofdstad van Nederland geworden. In 1996 was het verschil met Den Haag en Utrecht klein, nu is het aantal banen bij ICT-bedrijven in Amsterdam (32.000) net zo groot als in deze twee steden bij elkaar.

THEMA: pagina 49-53