Powell: VS staan open voor suggesties inzake Irak

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Colin Powell, heeft gisteren opnieuw gezegd dat de Verenigde Staten bereid zijn te luisteren naar de meningen van andere landen over de manier waarop de democratie in Irak moet worden bewerkstelligd. Maar hij liet ook blijken dat Washington niet van plan is de leiding over een internationale troepenmacht in Irak uit handen te geven.

In een toespraak op de George Washington University, waar Powell meer dan dertig jaar geleden heeft gestudeerd, leek de minister te verwijzen naar de zorgen van Duitsland en Frankrijk toen hij zei dat het ,,ons enige doel'' is Irak weer in handen te geven van de bevolking van Irak. ,,Zoals u uit de krant heeft vernomen, zijn wij de afgelopen dagen het overleg begonnen met onze collega's van de Veiligheidsraad over een nieuwe VN-resolutie met betrekking tot Irak. Overeenkomstig deze resolutie zullen we de Iraakse regeringsraad uitnodigen een plan en een tijdsschema in te dienen voor het opstellen van een grondwet, de ontwikkeling van politieke instellingen en het houden van vrije verkiezingen. Dat alles moet leiden tot de teruggave van de soevereiniteit aan het [Iraakse] volk.''

Met name Duitsland en Frankrijk hebben met grote reserve gereageerd op het Amerikaanse voorstel. Beide landen zijn van mening dat de Amerikaanse ontwerpresolutie niet ver genoeg gaat en dat de soevereiniteit veel sneller moet worden overgedragen aan het Iraakse volk. In reactie op die wens zei Powell: ,,We zullen alle commentaar beoordelen, en we zullen ons best doen ons daar naar te richten, zolang het maar in lijn is met de doelstellingen die ik zojuist heb beschreven.''

Volgens Powell is de Amerikaanse wens de leiding over een internationale troepenmacht te willen behouden niet ongewoon. ,,Een troepenmacht van deze omvang waarvan de meerderheid afkomstig is uit een land – dan voorziet dat ene land in een commandant. Zo heeft dat in het verleden vaak gefunctioneerd en we hebben er alle vertrouwen in dat het ook nu werkt.'' Momenteel bevinden zich ongeveer 140.000 Amerikaanse militairen in Irak, veel meer dan uit enig ander land.

Powell, die multilateraler is ingesteld dan de Amerikaanse minister van Defensie Donald Rumsfeld, deed, zonder dat hij beide landen noemde, zijn uiterste best een verzoenend gebaar te maken naar Duitsland en Frankrijk. Zo zei hij dat niemand er aan mag twijfelen dat het bondgenootschap met ,,onze Europese vrienden'' een ,,stevig bondgenootschap'' is. ,,Het transatlantische bondgenootschap is zo sterk gebaseerd op gemeenschappelijke belangen en waarden, dat tegengestelde persoonlijkheden en meningen het niet kunnen doen ontsporen. We hebben nieuwe vrienden en oude vrienden in Europa. Ze zijn uiteindelijk allen vrienden, beste vrienden.''

Die welwillende houding van Powell is opmerkelijk. Tot begin deze week weigerde de VS nog internationale betrokkenheid (in de vorm van VN-steun) in Irak. Maar de VS hebben die steun inmiddels hard nodig. Zo kampt Washington met het Amerikaanse dodental, de stijgende kosten van aanwezigheid in Irak, een gebrek aan voldoende troepen, aanhoudende bomaanslagen en (met zicht op de presidentscampagne) politieke tijdnood.