Nederlander wil stemmen over EU-wet

Ruim 80 procent van de Nederlanders is voorstander van een referendum over een Europese grondwet. Dat blijkt uit de zogeheten `belevingsmonitor'.

Deze monitor, die gisteren in het kabinet besproken is, is een onderzoek dat het kabinet-Balkenende met enige regelmaat laat verrichten naar opvattingen onder kiezers.

Juist volgende week bespreekt het kabinet zijn standpunt over een referendum over de invoering van een Europese grondwet, die de EU-lidstaten momenteel voorbereiden. In de Tweede Kamer hebben GroenLinks, PvdA en D66 een initiatiefwetsvoorstel voor zo'n referendum, dat niet bindend is, ingediend. Deze week bleek dat Raad van State er positief over adviseert. In Nederland is niet eerder een nationaal referendum gehouden.

Gisteren constateerde de premier op de wekelijkse persconferentie na de ministerraad dat de vraag over het referendum in de enquête ,,een hoog getal'' opleverde. In de Kamer is het CDA tegen en is de VVD verdeeld. Een grote minderheid (72 zetels) is vóór. De volksraadpleging zou komend jaar juni gehouden moeten worden, met de verkiezingen voor het Europees parlement.

Uit de belevingsmonitor blijkt dat de belangstelling voor ontwikkelingen in de Europese Unie bij de bevolking ,,niet groot'' is. 62 procent van de Nederlanders vindt dat Turkije op termijn lid kan worden van de EU. Deze kwestie is volgend jaar aan de orde, als Nederland EU-voorzitter is.

Uit het onderzoek, dat in juli is verricht, blijkt verder dat driekwart van de bevolking ontevreden is over de wijze waarop gemeenten aanvragen en verzoeken van burgers behandelen.

Over het regeringsbeleid voor ontwikkelingssamenwerking en over het natuur- en milieubeleid is de helft wel tevreden en de helft niet.

Uit de monitor blijkt ook dat het vertrouwen in het kabinet naar 41 procent gedaald is (was 43 procent). Dit sluit aan op een opiniepeiling van het bureau Interview/Nss, die gisteren in het televisieprogramma Nova is gepresenteerd. Het CDA zou elf van zijn huidige 44 zetels verliezen, als nu verkiezingen voor de Tweede Kamer zouden worden gehouden. De PvdA zou nu de grootste partij worden, met 48 zetels.

De PvdA-winst van zes zetels is hoger dan die van andere oppositiepartijen, die elk twee zetels zouden winnen. Opvallend is dat de coalitiegenoten van het CDA in de regering, VVD en D66, niet verliezen. De VVD zou licht stijgen, van 28 naar 29 zetels, D66 zou op zes blijven. Sinds de Kamerverkiezingen in januari was het voorspelde zetelverlies van het CDA niet eerder zo groot.