STRIPBOEKEN Verder verschenen:

Van de veelzijdige Joann Sfar verscheen bijna tegelijk met Donjon De kat van de rabbijn 1, Het bar mitswa (Atlas, €16,50), een vertaling van een door hemzelf getekende strip, waarin hij teruggrijpt op zijn joodse wortels. De kat van de rabbijn kan, nadat hij een papagaai heeft opgegeten, opeens praten. Dat zorgt voor spitsvondige dialogen over religie met de rabbijn, die zijn kat opeens met heel andere ogen bekijkt.

Bij Les Éditions Albert René verscheen van Goscinny en Uderzo Asterix, Het pretpakket (€5,99), een bundel met veertien oude Asterix-verhaaltjes die eigenlijk alleen interessant is voor verzamelaars die hun collectie compleet willen hebben. Het is goed te merken dat het tussendoortjes zijn, ook al werden ze allemaal door de in 1977 overleden René Goscinny geschreven.

Paul Has a Summer Job (Drawn & Quarterly, €18,–) van de als veelbelovend geldende Canadees Michel Rabagliati is langverwacht, maar valt een beetje tegen. Rabagliati beheerst de sierlijke stijl die kenmerkend is voor veel tekenaars uit het D&Q-fonds (Seth, Adrian Tomine), maar zijn autobiografisch getinte relaas over een baantje in een zomerkamp is te mager om van een geslaagd debuut te kunnen spreken.

In het alweer dertiende avontuur van Canardo (De dronkaard met de witte baard, Casterman, €9,50), geschreven en getekend door Sokal, bewijst de cynische detective-eend helemaal terug te zijn. Hij onderzoekt een moord op een gehate wijncriticus, maar belangrijker dan het vinden van de moordenaar lijkt het ridiculiseren van de snobistische wijnwereld. En passant krijgen de Nederlanders ook een veeg uit de pan, als ze op hun terugweg naar Nederland hun jerrycans volgooien met goedkope azijnwijn.