Polarisatie rond ontkoppeling

De uitkeringen zullen volgend jaar waarschijnlijk achterblijven bij de lonen. Eerder was minister de Geus van Sociale Zaken fel tegen het ontkoppelen van lonen en uitkeringen. Nu mag dat van hem.

Minister De Geus (Sociale Zaken, CDA) heeft sinds zijn aantreden in 2002 een aantal uitspraken gedaan over de koppeling tussen lonen en uitkeringen. Tijdens de verkiezingscampagne van 2002 zei hij in Trouw: ,,Een besluit tot bevriezing van de uitkeringen zal zonder De Geus worden genomen en wat mij betreft ook zonder het CDA''. Diezelfde dag zei voor hij voor Radio 1, zo blijkt uit de weergave van de Rijksvoorlichtingsdienst: ,,De koppeling tussen lonen en uitkeringen ligt voor mij heel principieel. Ik vind voor mezelf dat ik geen verantwoordelijkheid kan dragen in een kabinet als daar aan de koppeling gerommeld zou worden, dus dat doe ik niet.''

Op 1 april dit jaar, toen de ontkoppeling in de formatiebesprekingen tussen CDA en PvdA aan de orde was, zei De Geus bij Den Haag Vandaag: ,,Koppeling van de uitkeringen aan de lonen in de markt en de collectieve sector is voor mij wezenlijk om beleidsverantwoordelijkheid te dragen.'' Tijdens een CDA-partijraad op 24 april zei hij: ,,Aan ontkoppelen, daar werk ik niet aan mee''.

De Geus heeft nu laten weten de uitkeringen van de lonen wel te willen ontkoppelen. Hij beklemtoont hierbij dat de uitkering wel gelijke tred zullen houden met de lonen in de collectieve sector. Het kabinet gaat er evenwel vanuit dat de lonen van ambtenaren volgend jaar niet zullen stijgen. En als de vakbonden en werkgevers zich in de CAO-onderhandelingen weten in te houden, dan zal defacto ook geen sprake zijn van ontkoppeling, aldus De Geus. Maar als in de marktsector de lonen wel enkele procenten zullen stijgen, zullen de uitkeringen achterblijven.

Daarvoor wil De Geus aanpassingen doen in de Wet `koppeling met afwijkingsmogelijkheid' (WKA) uit 1991. Hij stelt daarbij niet de wet zelf te willen aanpassen maar een afwijkingsmogelijkheid die in de memorie van toelichting op deze wet wordt omschreven. Hierin staat namelijk dat er ontkoppeld kan worden als op het aantal van honderd werkenden er meer dan 82,6 niet-werkenden zijn (de zogenoemde inactieven/actieven-ratio).

Dit percentage is volgens De Geus niet ,,meer van deze tijd'', zoals hij gisteren na afloop van een gesprek tussen hem en vakbonden en werkgevers verklaarde. ,,Als je naar de actualiteit kijkt, slaat dat percentage nergens meer op. (...) Wat ik nu zeg is dat we dat getal voor deze kabinetsperiode op 70 stellen.'' Daarmee wordt het per 2004 mogelijk de uitkeringen te laten achterblijven bij de lonen, omdat de i/a-ratio volgend jaar op 72,5 wordt voorzien. Nu ligt dit getal volgens Sociale Zaken op 69,5.

Minister Zalm (Financiën) heeft al op 25 juni dit jaar bij de behandeling van de Voorjaarsnota aangegeven van het percentage van 82,6 af te willen. Zalm stelde het genoemde percentage achterhaald te vinden. ,,We zijn nu 20 jaar verder. Het moet mogelijk zijn die wet anders in te vullen'', zei hij destijds.

Sinds de WKA van kracht is, kan niet gemakkelijk meer van de koppeling worden afgeweken. Alleen als sprake is van ,,een onverantwoorde loonstijging'' en ,,een te hoog percentage uitkeringsgerechtigden'' kan het kabinet er toe besluiten de uitkeringen te laten achterblijven. De eerste afwijkingsgrond is niet met een exact percentage of getal omschreven. Ook hierover zou de komende jaren discussie kunnen ontstaan. De tweede afwijkingsgrond is de verhouding actieven-inactieven. Deze is dus wel exact omschreven in de memorie van toelichting.

In het regeerakkoord lieten CDA, VVD en D66 al opnemen dat de uitkeringen in principe gekoppeld worden aan de salarissen in de collectieve sector. Minister De Geus beklemtoont steeds dat hij zich hier aan zal houden.

Oppositiepartijen GroenLinks en SP vinden dat De Geus zich al ongeloofwaardig heeft gemaakt. GroenLinks vindt dat De Geus moet aftreden. De SP wil volgende week een spoeddebat houden in de Tweede Kamer.

Ook De Geus' partijgenoot Doekle Terpstra, voorzitter van vakbond CNV, begint te twijfelen aan diens geloofwaardigheid. ,,We zitten nog in de fase van de plannenmakerij. Hij heeft nog een week om hier op terug te komen. Doet hij dit niet, dan vindt Tersptra dat de minister zichzelf ,,de gewetensvraag moet stellen''.

Maar hanteert De Geus niet de tactiek om nu zwaar in te zetten, zodat op Prinsjesdag de werkelijke voorstellen meevallen? Terpstra: ,,Van dat soort diepere tactieken verdenk ik het kabinet helemaal niet.''