Telefoneren vanuit een zijstraat van een zijstraat

Goedkoop bellen wint snel aan populariteit. KPN ziet door de toegenomen concurrentie het aantal telefoontjes `aanzienlijk' afnemen. Tele2 als de Easyjet van de telecomindustrie.

Ze zitten in een zijstraat van een zijstraat op een onooglijk industrieterrein in Amsterdam-Zuid. Laagbouw domineert, waarin vooral loodsen zijn gevestigd. Wie zou vermoeden dat de sterkste concurrent van KPN op het gebied van vaste telefonie, het Zweedse bedrijf Tele2, hier kantoor houdt?

Vorige week maakte KPN, heer en meester op de Nederlandse telecommarkt, bekend dat er bij het binnenlandse telefoonverkeer de afgelopen drie maanden een vijfde minder lang via KPN gebeld is (1,38 miljard belminuten) dan een jaar eerder. Als belangrijkste oorzaak wijst het telecomconcern naar de volledig opengestelde lokale telefoniemarkt. Een terrein waar concurrenten actief zijn als UPC, Scarlet en Tele2. De laatste is, gemeten naar marktaandeel, het meest succesvol door de lage telefoontarieven – zo'n 10 tot 15 procent lager dan KPN.

Tele2 zit niet voor niets in een goedkoop gehuurd kantoorpand. Het bedrijf heeft een obsessie met kosten. Business-class vliegen? Gebeurt niet. Met de taxi naar Schiphol? Geen sprake van, de trein is prima. Er zijn een paar leaseauto's – maar daar mag het voltallige personeel gebruik van maken. Hoge salarissen? Een groot deel daarvan is variabel. En als doelen niet worden gehaald, gaat dat ten koste van het vaste salaris.

Directeur van Tele2 Nederland Per Borgklint ziet de jacht op lage kosten als de rode draad van zijn bestaan. ,,Alleen door voortdurend gespitst te zijn op lage kosten kunnen we de concurrentie aan'', zegt de 30-jarige Zweed. Maar een goedkoop huurpand en besparen op taxikosten is slechts een eerste stap van kostenbesparing. De crux van Tele2 als Zweeds concern zit volgens Borgklint in het uitbesteden van diensten die geen kernactiviteit zijn. Telefoonrekeningen printen en versturen verzorgt Cendris, een onderdeel van TPG. Vragen van klanten zijn uitbesteed aan twee callcenters in Eindhoven en Groningen, die overigens onderdeel zijn van de grootaandeelhouder van Tele2, het Zweedse Kinnevik. Het bepalen en bijhouden van gesprekskosten gebeurt in Düsseldorf en juridisch advies, niet onbelangrijk bij een liberaliserende markt, wordt ingekocht.

Borgklint leidt sinds mei vorig jaar de Nederlandse vestiging. Tele2 Nederland draaide verlies, en Borgklint moest daar een einde aan maken, luidde de opdracht vanuit het hoofdkantoor in Stockholm. De directeur en zijn financiële man werden buiten de deur gezet. Volgens Borgklint is het afgelopen kwartaal voor het eerst winst geboekt. Onder zijn bewind is het aantal werknemers dankzij uitbesteden verminderd van 45 naar 23. Ter vergelijking: bij het vaste net van KPN werken ruwweg 14.000 mensen.

De reorganisatie die Borgklint doorvoerde kwam op het moment dat het laatste obstakel voor de lokale telefoniemarkt werd opgeruimd. Sinds augustus vorig jaar hoeven consumenten niet eerst een code in te tikken om via Tele2 lokaal te bellen. Eén keer aanmelden is voldoende om voortaan via het Zweedse bedrijf te telefoneren. Volgens Borgklint begon toen een dubbelcijferige groei die inmiddels naar eigen zeggen heeft geleid tot een marktaandeel even boven de 20 procent. ,,We hebben nu 1,5 miljoen abonnees, waarvan 90 procent particulier is. De rest is midden- en kleinbedrijf.'' Borgklint wil niet zeggen welk marktaandeel hij nastreeft. Tele2 moet verder groeien, stelt Borgklint, door aanverwante producten. Naast vaste telefonie biedt het bedrijf sinds het najaar van 2001 ook mobiele telefonie aan, via Telfort. Naar schatting heeft Tele2 Nederland nu circa 275.000 mobiele abonnees. En sinds een week is met Tele2 ook goedkope internettoegang mogelijk. De klanten worden vooral geworven uit het bestand van 1,5 miljoen vaste abonnees.

Maar helemaal tevreden is Borgklint niet. De vaste telefonieklanten krijgen twee rekeningen op de deurmat: een van KPN voor de abonneekosten en een van Tele2 voor de gesprekskosten. Tele2 wil de abonneekosten voor KPN graag innen, maar daar wil KPN niet aan. ,,Het is alsof iemand die boodschappen doet in een Albert Heijn voortdurend wordt geconfronteerd met aanbiedingen van C1000.'' Want, geeft Borgklint toe, klanten stappen soms toch weer over naar het duurdere KPN – de oude, vertrouwde naam.