Plan museum `Vertriebene' maakt emoties los

Moet er een museum komen voor de miljoenen Duitsers die na 1945 uit Oost-Europa werden verdreven? En zo ja, waar moet het komen? Het zijn vragen die overal veel emoties losmaken.

Het leek zo'n onschuldig idee. Een museum voor het lot van de twaalf miljoen Duitsers die na de val van het Derde Rijk vanuit Midden- en Oost-Europa gedwongen werden in westelijke richting te vertrekken. In Berlijn willen de zogenoemde Heimatvertriebene een permanente expositie wijden aan hun eigen lotgevallen en aan die van de slachtoffers van andere volksverhuizingen uit het Europa van de 20ste eeuw.

Het initiatief liep mooi in de pas met de tijdgeest. In Duitsland was de afgelopen jaren steeds meer aandacht voor de ontheemden. Günter Grass schreef er een prachtige novelle over (Im Krebsgang), Der Spiegel deed de geschiedenis nog eens gedetailleerd uit de doeken en een tv-serie van ZDF bracht het leed in zwart-wit tot leven. In het land van de daders, heette het niet zonder trots, is nu ook aandacht voor de slachtoffers.

Het museum, voluit Zentrum gegen Vertreibung, stuit echter op fel verzet. Een officiële gedenkplaats in de Duitse hoofdstad is net een tikkeltje te veel Duits zelfvertrouwen, oordelen politici aan beide zijden van de Oder-Neisse grens. Het museum is onderwerp geworden van een ongemakkelijke twist over Duitse schuld en de omgang met de Tweede Wereldoorlog, een debat dat in Duitsland en de buurlanden Polen en Tsjechië wrevel en emotie opwekt. Aan de vooravond van de uitbreiding van de EU heeft het verleden zich toch weer tussen Duitsland en zijn buren gewurmd.

Vooral in Polen slaan de golven hoog. De Duitse Vertriebene zien zichzelf als ,,slachtoffers van Pools imperialisme'', hoonde een weekblad. Leszek Miller, de Poolse premier, repte maandag van ,,Duits nationaal egoïsme''. Het tijdstip voor zijn kritiek was bewust gekozen: op 1 september 1939 begon de oorlog met de Duitse aanval op Polen.

Drie jaar geleden kostte het Erika Steinbach, voorzitter van de Bund für Vertriebene (BfV), nauwelijks moeite een comité van aanbeveling voor het museum samen te stellen, met namen als de Hongaarse schrijver György Konrád en de Groene Europarlementariër Daniel Cohn-Bendit. De Vertriebene behoren van oudsher tot de achterban van de Duitse christen-democraten. Links is er niet gerust op dat de ontheemden hun aanspraken op verloren bezittingen hebben laten varen en verdenkt ze ervan dat ze de geschiedenis stiekem een beetje willen herschrijven. De brede belangstelling voor het lot van de ontheemden leek die traditionele politieke scheidslijnen uit te wissen. Tot deze zomer.

In juli keerden zich zeventig intellectuelen en politici uit Duitsland, Tsjechië en Polen tegen Steinbachs initiatief. Het moest geen Duits maar een Europees project worden. Berlijn moest vervangen worden door het Poolse Wroclaw, voorheen het Duitse Breslau, vonden ze. Wroclaw is een symbool van volksverhuizingen: nadat de Duitsers gedwongen waren vertrokken, werd de stad bevolkt met Polen uit het oosten, die zelf ook waren verdreven uit gebieden die na de oorlog aan Oekraïne waren toegevoegd.

Bondskanselier Gerhard Schröder (SPD) en minister van Buitenlandse Zaken Joschka Fischer (Groenen) hebben zich inmiddels faliekant tegen Steinbachs plannen gekeerd. ,,De bond van ontheemden deugt niet als museumdirecteur'', zei Fischer. Een Duits museum zou de historische schuld van de Duitsers relativeren. De conservatieve oppositie steunt het initiatief. ,,Voor mij hoort de gedwongen verhuizing en ook het onrecht dat ermee verbonden was tot de Duitse geschiedenis'', zei Angela Merkel, fractievoorzitster van de CDU.

Voor de regering in Berlijn komt de controverse op een ongelukkig moment. Schröder reist morgen naar Tsjechië om een bezoek in te halen dat anderhalf jaar geleden plotseling werd afgezegd omdat de Tsjechen weigerden afstand te nemen van de wetten die indertijd de verdrijving van Sudeten-Duiters regelden. Die controverse is net zover ingedamd dat een bezoek weer kan, prompt dringt zich een nieuwe kwestie aan. Schröders gastheer in Praag, premier Vladimir Špidla, zei deze week een centrum voor Vertreibung ,,werkelijk geen goed idee'' te vinden. In Polen barstte de bom toen Steinbach medio augustus haar zaak bepleitte in dagblad Rzeczpospolita. Ze eiste erkenning voor de Duitse slachtoffers van de oorlog. De Polen reageerden geschokt, vooral over de suggestie dat de Duitsers veel onrecht is aangedaan door de Polen. Vorige week nam het Poolse parlement unaniem een motie aan met een oproep aan Europese staten en het Europese parlement om ,,speciaal respect [te tonen] jegens de historische waarheid en verzet [te leveren] tegen pogingen om de verantwoordelijkheid voor WOII te relativeren''.

Longin Pastusiak, voorzitter van de Poolse Senaat, beschuldigde Steinbach van misleiding. Volgens hem doet zij alsof er geen verschil is tussen de verdrijving van miljoenen mensen door Hitlers legers en de herhuisvesting van Duitsers na de oorlog als gevolg van internationale afspraken. De verplaatsing van Duitsers werd door de geallieerden overeengekomen op de conferentie van Potsdam, in 1945. Het ergert de Senaatsvoorzitter dat er over `verdrijven' wordt gesproken, waar `herhuisvesten' wordt bedoeld.

Ook politiek commentator Katarzyna Kolodziejczyk hekelt de taalvervuiling. Ze belde onlangs het Duitse persbureau DPA omdat in één van hun persberichten gesproken werd over het Poolse concentratiekamp Auschwitz. Maar DPA vond het niet nodig om dat te veranderen. De Polen willen dat de juiste woorden worden gebruikt. En het liefst grote woorden. Fischer maakte zich met zijn kritiek op Steinbach bijzonder populair. Adam Michnik, ex-dissident en hoofdredacteur van Polens grootste krant, Gazeta Wyborcza, publiceerde op zijn voorpagina zelfs een bedankje aan Fischer. Want ,,het zou een postmortale triomf zijn van Hitlers propaganda als vandaag de leugen, uitgerust met arrogantie en laarzen, wint en de waarheid zou worden gekneveld en vertrapt''.

Deze week sprak ook president Aleksander Kwasniewksi zich uit tegen het museum. Hij vreest dat het een obstakel wordt in de Pools-Duitse verzoening. ,,De tragedie van Duitse bannelingen is ontroerend en mag zeker geen taboe zijn. Maar men moet het verschil tussen oorzaak en gevolg inzien, beseffen wie de oorlog is begonnen, wie de agressor was en wie het slachtoffer.''