Nog veel hobbels voordat het EU-referendum komt

De Raad van State adviseert positief over een referendum over de nieuwe Europese Grondwet. Maar het eerste nationale referendum stuit nog op veel bezwaren.

Er zit venijn in de staart van het vandaag bekend geworden positieve advies van de Raad van State over een referendum over de goedkeuring van een Europese Grondwet. Eén lid van de Raad van State, de Europees rechtsgeleerde R. Lauwaars, kan zich er niet mee verenigen.

Zo'n afwijkend standpunt is op zich al een unicum bij de initiatiefwetgeving die hier aan de orde is. Want het organiseren van een raadplegend referendum, waarin de Staten-Generaal een niet bindend advies vragen aan de bevolking, vereist een aparte wet, waartoe de Kamerleden Karimi (GroenLinks), Dubbelboer (PvdA) en Van der Ham (D66) nu het initiatief hebben genomen. In dit geval geven de argumenten van staatsraad Lauwaars aan hoe vergaand de consequenties kunnen zijn van het eerste nationale referendum dat mogelijk in Nederland wordt gehouden.

Lauwaars meent namelijk dat in het advies van de Raad ,,de indruk wordt gewekt'' dat het niet goedkeuren van het EU-verdrag dat de invoering van de Europese Grondwet regelt ,,hoewel juridisch mogelijk, ook beleidsmatig tot de mogelijkheden behoort''. Hij meent dat afwijzing Nederland echter ,,in een volledig isolement'' zou brengen en ,,grote schade berokkenen.'' De bevolking kan het zich dus eigenlijk niet veroorloven tegen te stemmen. De initiatiefnemers brengen daar echter tegenin dat dit bezwaar ook zou gelden voor een beslissing van beide Kamers zonder referendum.

Dit `debatje' geeft de reikwijdte aan van het dilemma waar de politieke partijen voor staan bij dit referendum. Hoeveel ruimte zien zij eigenlijk voor een onverwachte beslissing, als de bevolking, die zich nooit zo direct heeft uitgesproken over de Europese Unie, onverhoopt tegen stemt terwijl de partijen voor zijn?

Met name in de VVD woedt daarover discussie. Sommige voorstanders in de fractie wijzen erop dat een referendum in dit geval te verdedigen is omdat invoering van een Europese grondwet te vergelijken is met een grondwetswijziging. Anderen, zoals fractievoorzitter Van Aartsen, zijn voorstander van het referendum als instrument.

Maar de tegenstanders, aangevoerd door Europa-woordvoerder Van Baalen, willen geen aantasting van de eigen afweging die zij als volksvertegenwoordiging hebben te maken. Ook ChristenUnie-voorman Rouvoet heeft laten blijken voor deze tegenstrijdige argumenten gevoelig te zijn.

De keuze van VVD en ChristenUnie is van doorslaggevend belang voor een meerderheid in de Tweede Kamer. Alleen het CDA en de SGP zijn ronduit tegen. Maar daar geldt weer dat het CDA nog gevoelig zou kunnen zijn als het kabinet, dat verdeeld is, onder invloed van het advies van de Raad van State voor het referendum kiest.

De Raad onderstreept overigens dat er goede argumenten zijn voor de Tweede en Eerste Kamer om de grondwet ,,ook na een negatieve uitslag van een referendum goed te keuren.'' Zo is de grondwet ,,op brede wijze'' voorbereid door de recentelijke Europese Conventie, waarin ook de nationale parlementen vertegenwoordigd waren. Ook kunnen de Staten Generaal volgens de Raad ,,het risico van stagnatie van de Europese integratie meewegen'' als de bevolking zich per referendum tegen de grondwet uitspreekt.

GroenLinks, D66, PvdA, SP, LPF zijn verdeeld over de mate waarin de uitslag ervan gevolgd moet worden. PvdA-leider Bos heeft zich al eens onomwonden uitgesproken voor het volgen van de uitslag van het referendum, ook als de kiezers nee zeggen.

Zijn fractiegenoot Dubbelboer, mede-initiatiefnemer van het voorstel, vindt dat zijn partij wel rekening moet houden met de opkomst en de mate waarin de uitslag duidelijk is 51 procent tegen en 49 voor is minder bindend dan 80-20. De initiatiefnemers van het referendum betogen overigens dat alle partijen eigenlijk tevoren zouden moeten aangeven hoe ze met de uitslag zullen omgaan.

Dat levert iets tamelijk ongebruikelijks op bij een wetsvoorstel: een erbij geleverde politieke gebruiksaanwijzing.