Ik wil mijn huis terug!

Na een brand bij de buurman zit alles in huis onder het roet. Vier Brabantse mannen met mokers en breekijzers komen de schade herstellen. `Mevrouwtje, d'r môg natuurlijk altiet wa tege zitte.'

Heeft u ooit een échte man ontmoet? Zo'n man met een stoppelbaardje, tatoeage op de bovenarm, bergschoenen, een sleutelbos aan de broekriem en zweet op het voorhoofd? Nee? Dan moet u bij mij thuis komen kijken. Maar liefst vier exemplaren zijn er in het wild te bewonderen.

Het begon met een brand. De benedenbuurman had al enkele maanden zijn huur niet betaald en werd door de deurwaarder gesommeerd zijn appartement te verlaten. Het gerucht wil dat hij uit protest zijn strijkijzer aan liet staan, waarop zich volgens het Brabants Dagblad ,,in zeer korte tijd een grote temperatuuropbouw voltrok''. Het vuur likte al aan de plinten van onze woonkamer toen de brandweer – die met een tankautospuit, een ladderwagen en acht man was uitgerukt – arriveerde. De schade bleef beperkt tot een lugubere zwarte roetlaag – op de muren, het parket, de antieke stoeltjes en alle boeken. De brandweer had de voordeur geforceerd, waardoor wij ons huis bij terugkomst nauwelijks meer herkenden. Er lag een plasje bluswater in de gang en een spoor van zwarte voetstappen leidde naar onze Jack Russell, die gelukkig was gered door een nieuwsgierige overbuurvrouw die vermoedde dat `het paar zonder de hond met vakantie was gegaan'.

Maar het paar was in den lande en werd dankzij een uitstekende inboedelverzekering met hond en al in een plaatselijk hotel ondergebracht.

Hoe lang het zou gaan duren wist ook de welwillende verzekeringsagent niet, maar we mochten hem dag en nacht bellen. Zes weken zitten we nu al in een kamer van 3 bij 5 meter, en al die tijd sjouwen we bij het ochtendgloren met plastic tassen vol kleding en schoenen van hotel naar huis. We wassen onze kleding op de hand en ruziën over verloren spullen. Van de overbuurvrouw hoorden we dat `de buurt' ons met argusogen volgt, want `het paar' zit toch maar mooi in een luxe Best Western-hotel. De bofkonten!

En nu die vier kerels. Op last van de huisbaas maakten ze enkele weken geleden hun opwachting – met mokers, breekijzers en een gigantische vuilcontainer. Ze stroopten hun mouwen op en rolden die alleen tijdens het schaftuur weer naar beneden. Dankzij hun noeste arbeid werd op dag één een kooiconstructie rond onze opgang naar de bovenverdieping gebouwd. ,,Voor de prievacy'' aldus de aannemer met Brabantse tongval. ,,Zo kunt u wêr ant werk.'' Er werd wat gezaagd, getimmerd en gemeten, en zie daar: een houten hok met slot er op. Met een groots gebaar overhandigde de aannemer ons de sleutels. Vervolgens maande hij zijn manschappen een gat te graven in de woonkamer.

Na amper twee dagen keken wij recht in een zwarte krater, eens de woonkamer van onze benedenbuurman; de man zelf was inmiddels met de noorderzon vertrokken. Zijn spullen waren door de deurwaarder in een laadbak gezet: een doorgezeten bank, een boeddabeeld, een degen en een ontplofte muziekinstallatie. Zo zonder balken en cementen dekvloer leken onze levens opeens wel erg nauw met elkaar vervlochten.

Op dag vier – ik werkte toevallig thuis – hoorde ik plots mannenstemmen op de trap. Er werd gelachen, geboerd en... gepiest. Zich van geen kwaad bewust waren twee échte mannen de kooiconctructie binnengedrongen met een duplicaatsleutel. Luidruchtig pratend stonden ze in de deuropening hun blaas te legen. Een derde voegde zich even later bij hen om zijn spierballen voor de spiegel aan een onderzoek te onderwerpen. Bij het horen van een vrouwenstem liet het drietal zich ijlings in het gat terugzakken.

,,Nog twee weken'', zei de huisbaas vandaag, in antwoord op de vraag hoe lang het allemaal nog ging duren. Eerst het vloertje, dan het parket, dan het schilderwerk en wellicht ook nog een nieuwe keuken – maar daarover moet worden onderhandeld met de verzekeringsagent. ,,Maar mevrouwtje, d'r môg natuurlijk altiet wa tege zitte.''

Ligt het aan mij of schalt Corry Konings' Huilen is voor jou te laat de laatste dagen extra hard door de badkamer, die intussen ontoegankelijk is verklaard door echte mannen met peuken en modderpoten?

Ik wil mijn huis terug!