Europa steeds negatiever over VS

Aan weerszijden van de oceaan groeit het onbegrip. De Irak-oorlog deed het imago van de VS in Europa geen goed en de VS snapt Europa's reserves niet.

Makelaar in de Amerikaans-Europese betrekkingen. Dat is wat William Drozdiak drie jaar geleden werd. Toen werd de chef Europa van The Washington Post, die in een vorig leven prof-basketballer was geweest, directeur van het Transatlantic Center in Brussel. Deze denktank, die deel uitmaakt van het German Marshall Fund of the United States (een onafhankelijk fonds dat `leeft' van het geld dat Duitsland na de Tweede Wereldoorlog aan Amerika terugbetaalde), organiseert uitwisselingen tussen Europeanen en Amerikanen, houdt seminars en sponsort studies.

In drie jaar tijd zag Drozdiak de transatlantische betrekkingen steeds meer verzuren. Europeanen en Amerikanen denken, mede gevoed door de pers, steeds meer in karikaturen over elkaar – zeker nu, door de oorlog in Irak. Zijn indrukken worden bevestigd door een opiniepeiling van het Marshall Fund (GMF) die vandaag wordt gepubliceerd: Amerika en Europa drijven steeds verder uit elkaar.

De peiling, `Transatlantic Trends', werd uitgevoerd onder 8.000 Europeanen en Amerikanen. In Europa deden zeven landen mee: Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Nederland, Italië, Polen en Portugal. De belangrijkste conclusie is dat de gemiddelde Europeaan steeds kritischer wordt over de buitenlandse politiek van de Verenigde Staten (behalve in de notoir atlantische landen Nederland en Groot-Brittannië, waar de appreciatie lichtjes steeg). Vooral Duitsers en Fransen laten de VS als een baksteen vallen.

Op de vraag of sterk Amerikaanse leiderschap in de wereld wenselijk is, zei 45 procent van de Europeanen ja (bijna 20 procentpunt minder dan in 2002). Tegelijkertijd wil een record-aantal Amerikanen (77 procent) dat de VS een actieve rol op het wereldtoneel spelen – liefst in EU- of VN-verband, desnoods zonder. Slechts 15 procent zegt `stay out'.

Drozdiak (53), die aardig wortel heeft geschoten in Europa – hij studeerde aan het Europa-college in Brugge, trouwde met een Belgische diplomate en zat voor de `Post' in Bonn en Parijs – heeft de peiling deze week al aan VN-secretaris-generaal George Robertson en de voorzitter van de Europese Commissie, Romano Prodi, overhandigd. Gisteren was hij bij de Britse premier Blair. Die entrees zeggen iets over het gezag van de peiling, maar ze tonen ook de ambities van Drozdiak: terwijl zijn medewerkers seminars organiseren met wetenschappers of door Europa reizen met Amerikaanse young leaders, netwerkt hij op hoog niveau. Eurocommissarissen of permanente vertegenwoordigers in Brussel noemen hem `Bill'.

Van de boodschap dat Europeanen steeds negatiever over Amerika denken, sloegen de politici niet achterover. Zelfs een kind weet dat de Irak-oorlog de Europese waardering voor de regering-Bush geen goed heeft gedaan. Dat Amerikanen sneller dan Europeanen geneigd zijn om internationale bedreigingen – terrorisme, massa-vernietingswapens of moslimfundamentalisme – militair te lijf te gaan, verbaasde hen evenmin.

Wat ze wèl opmerkelijk vinden, is dat 80 procent van de Amerikanen een sterke EU wenst. 37 procent wil de EU zelfs als supermacht – vorig jaar was dat 33 procent. ,,Europeanen hebben het gevoel dat de Verenigde Staten het eten willen koken en de EU vervolgens de afwas laat doen. Dan verwijzen ze naar Bosnië, het Midden-Oosten, Afghanistan, Irak. Ze snappen niet dat de Amerikaanse perceptie anders is. Amerikanen vinden juist dat Europa hen alles alleen laat opknappen. Dat Europa veiliger is dan ooit, en alles wil doen om niet in oorlogen verwikkeld te raken, en dat Amerikanen zich na 9/11 kwetsbaarder voelen dan ooit, heeft daar alles mee te maken.''

De peiling werd in juni gedaan, toen minder duidelijk was in wat voor moeras de Amerikanen in Irak verzeild waren geraakt. Nu de doorsnee-Amerikaan beseft dat de VS Irak niet de baas kunnen, dat Amerikaanse soldaten schietschijven zijn geworden en dat dit peperdure avontuur (1 miljard dollar per week) binnenslands offers gaat vergen, zegt Drozdiak, zou het best kunnen dat hun waardering voor een sterke EU als sparring partner nu nog hoger ligt dan in juni.

,,De peiling komt op een mooi moment'', erkent Drozdiak. ,,Bush gaat met hangende pootjes naar de Verenigde Naties om een deel van het Amerikaanse gezag over Irak in te leveren, opdat andere landen, en vooral ook Europese, óók troepen sturen. Ik ben verbijsterd dat Bush nu pas begrijpt dat dit nodig is. Hij zit gevangen in wat Europeanen en een grote minderheid van de Amerikanen, die vaak over het hoofd wordt gezien, met afschuw het `Rumsfeldisme' noemen. Hoe ver Bush Europa en de VN tegemoet komt, is nog de vraag. Dit zijn cruciale weken voor de transatlantische betrekkingen. Eén ding blijkt wel uit onze peiling: als Bush het gezag in Irak wil delen, heeft hij zijn volk achter zich.''

De transatlantische malaise, erkent Drozdiak, bemoeilijkt zijn werk. Mensen verkopen soms de grootst mogelijke onzin over elkaar. ,,En ze gelóven er echt in. Aan de andere kant is het juist nu nuttig om dit soort types te laten discussiëren. En laten we het ook niet overdrijven: we mogen ruzie maken over de buitenlandse politiek, maar Amerikaanse directe investeringen in Europa zijn zes keer zo groot als in 1995. Veertien miljoen mensen zijn in dienst van een bedrijf aan de andere kant van de oceaan – Nederlandse bedrijven alleen al hebben 561.000 Amerikanen in dienst.''

William Drozdiak grijnst, raapt wat papieren bij elkaar, en weg is hij. Even de Amerikaanse ambassadeur in België briefen.