Balkenende's keepersgeluk in Washington

Het bezoek van Balkenende had een element van keepersgeluk. Niemand kon weten dat president Bush net dinsdag zijn draai zou maken richting VN. Balkenende en De Hoop Scheffer konden oogsten.

,,Thank you for the good contacts'', zei hij tegen zijn gastheer, die hem een van de `echte leiders in Europa' had genoemd. Na afloop hield premier Balkenende zijn gezicht bekwaam in de plooi, maar het was een grote dag voor hem. Wie zou niet genieten van een audiëntie bij de president van de wereld, onverwachts geassisteerd door diens hele A-team en dan worden getrakteerd op relevantie.

Er zat een element van keepersgeluk in. Het bezoek was al vóór de zomervakantie gepland. Niemand kon toen weten dat president Bush net dinsdag zijn draai zou maken en actief gaan lobbyen voor een nieuwe Veiligheidsraadresolutie die de weg moet openen naar meer buitenlandse troepen en geld om een potentiële ramp in `bevrijd Irak' af te wenden. Het was ook oogstdag voor het Binnenhofse buitenlandduo. De Nederlandse Irak-politiek was in de Amerikaanse publieke opinie het afgelopen jaar niet steeds zichtbaar. Den Haag werd door opinievormers nu eens bij het loyalistenkamp ingedeeld, dan weer bij het Frans-Duitse afwijzingsfront. Maar het Witte Huis weet dat twee kabinetten-Balkenende de oorlog steunden en dat 1.100 Nederlandse militairen van de partij zijn in Zuid-Irak.

De afspraak voor een ontbijtvisite was vooral een dankritueel, goed voor de klantenbinding. Aardig en opwindend. Tot vice-president Cheney en minister Powell zich opeens bij het matineuze gezelschap voegden. Nationale Veiligheidsadviseur Condoleezza Rice zou er altijd al bij zijn. Plaats van handeling werd het Oval Office, van zeven tot kwart over acht. Niks zoete broodjes. Amerika zoekt steun, desnoods bij West-Europa, al moet de VN-resolutie vooral India, Pakistan en Turkije verleiden manschappen te sturen. Nederland leek opeens een bruikbare postduif om de coalitie van de onwilligen in het `Oude Europa' persoonlijk het nieuwste multilateralisme van Washington over te brengen.

De premier en minister De Hoop Scheffer waren na afloop van hun dageraad-top voorzichtig met het typeren van het besprokene, in de stromende regen voor de westvleugel van het Witte Huis. Maar zij erkenden met enige graagte dat zij met beide kampen in gesprek waren gebleven en dus inderdaad een brugfunctie konden vervullen. Zonder te zeggen of de president hun dat met zoveel woorden had gevraagd.

De bewindslieden spoedden zich vervolgens naar afspraken met vooraanstaande Congresleden. De ambassade had voor een eersteklas programma gezorgd. The Hill kreeg te horen dat Nederland niets ziet in protectionistische wetsontwerpen, zoals de `Buy American Act', die de export schaden en substantiële orders voor het Nederlandse bedrijfsleven in de toekomstige Joint Strike Fighter tot een illusie zouden maken. [Vervolg BEZOEK: pagina 3]

BEZOEK

Gastheren lieten nuttige dag intact

[Vervolg van pagina 1] Nog vóór minister De Hoop Scheffer 's middags van zijn ambtgenoot Powell het fijne kon horen over de ontwerp-resolutie die de regering-Bush aan de Veiligheidsraad voorlegt, gaf de Amerikaanse bewindsman er al een persconferentie over. Amerika's Eerste Diplomaat wist de – gezien de vergaande Amerikaanse zelfredzaamheid van de afgelopen maanden – knieval voor de oppositie in eigen land én het kritische buitenland te brengen als een vorm van continuïteit. ,,Dit heeft niets te maken met Amerikaanse slachtoffers.'' Het was Powell op zijn best, loyaal aan de president én aan zijn eigen voorkeur voor een dialoog met de rest van de aardbevolking.

De Amerikaanse bewindsman maakte duidelijk dat de Verenigde Naties in Irak het uitzendbureau voor democratie en rechtsstatelijkheid mogen worden. Zonder een lelijk woord aan het Pentagon te wijden tekende Powell het ambtelijk doodvonnis over Rumsfelds claim van dit voorjaar dat zijn mensen Irak wel even op poten zouden zetten. Tegelijk werd onderstreept dat ook een multinationale troepenmacht onder Amerikaans commando moet opereren.

De eerste reacties op de ontwerp-resolutie met een meer uitgebreide rol voor de internationale gemeenschap waren hoopgevend, zei Powell. Hij had 's ochtends al gebeld met zijn Russische, Franse en Duitse collega's. De hoge Nederlandse bezoekers van dezelfde morgen werden niet genoemd. Was hun missie in Europa te geheim of te bescheiden om te worden vermeld? Misschien maar goed dat zoiets niet snel bekend wordt. Om een dag van nuttigheid niet nodeloos te beschadigen.