`Wij hebben Anthony Godett gebaard'

De Nederlandse parlementariërs begonnen hun bezoek aan de Antillen vol scepsis over de nieuwe regering-Godett. Ze vertrokken in het besef dat de werkelijke problemen veel ernstiger zijn.

Nooit, verzekert fractievoorzitter Wouter Bos (PvdA), was armoede op de Antillen een issue als hij, nog als staatssecretaris van Financiën in het tweede Kabinet-Kok, in de ministerraad deelnam aan discussies over de bezuinigingsoperaties onder auspiciën van het IMF op de Antillen. ,,We hebben nooit onderkend dat die bezuinigingen dit soort zware consequenties hadden voor de lokale bevolking. Daardoor hebben we met zijn allen Anthony Godett gebaard.'' Godett won als aanvoerder van Frente Obrero Liberashon de verkiezingen eerder dit jaar op de Antillen, maar kon geen premier worden omdat Justitie hem verdenkt van fraude en corruptie.

Bos, zijn collega Boris Dittrich (D66) en Marijke Vos (GroenLinks) erkennen volmondig dat zij geschrokken zijn van de armoede op de Antillen, tijdens hun werkbezoek de afgelopen anderhalve week. Ze constateren dat de rechtshandhaving er faalt en de invloed van het zwarte circuit explosief is toegenomen. ,,Die sociaal-economische situatie op de Antillen was een `ver-van mijn-bed-show'', zegt Bos nu. ,,Nederlandse cokesnuivers moeten weten wat zij met hun gebruik de bevolking van de herkomstlanden aandoen'', vindt Dittrich. ,,Dat is een moreel appèl dat een deel van mijn achterban me niet in dank zal afnemen. Maar ik doe het toch.''

Toen de fractievoorzitters op Curaçao aankwamen, werd hun werkbezoek getekend door de weerzin om FOL-leider Godett te ontmoeten. Het was ook de vraag of zijn net als premier beëdigde zus Mirna Godett tien, vijftien of dertig minuten de tijd zou hebben voor de Nederlandse delegatie. En bij het eerste bezoek aan de Staten, het parlement van de Nederlandse Antillen, stelden de Nederlanders op hoge toon vragen over plannen om de bodyscanner op het vliegveld van Curaçao te verwijderen.

Antilliaanse parlementariërs toonden zich verbaasd over die preoccupatie met de bolletjesslikkers, met Anthony Godett. De Nederlanders maakten zich bijvoorbeeld druk over de vraag of hij in het parlement wel Papiaments mocht praten. De explosief groeiende armoede op het eiland, uit de hand gelopen financieringstekorten, kapitaalvlucht en een mislukte IMF-operatie om de economie weer uit het slop te halen waren volgens de Antilliaanse politici relevantere kwesties.

Vlak voor hun vertrek naar Nederland gaven de fractievoorzitters toe. ,,Ondernemers vertellen me dat ze kapotgaan. Dat Nederland té lang afwezig is geweest'', zei CDA-fractievoorzitter Maxime Verhagen. ,,De tijd van het doormodderen is absoluut voorbij.'' VVD-fractievoorzitter Jozias van Aartsen had het over een ,,verlopend tij''. ,,Nederland kan de Antillen niet verder laten verloederen. We worden nu al aangesproken door de VS en de Europese collega's over de manier waarop de drugsmaffia steeds meer greep krijgt op de Antillen. Dat is enorm reputatieverlies voor hier, maar ook voor ons.''

Scepsis over de partij van Anthony Godett, de grootste partij van de Antillen, is er nog steeds. De deze week uitgelekte regeringsverklaring biedt weinig basis voor samenwerking om de schuldenlast van bijna vier miljard Antilliaanse guldens (twee miljard euro) te saneren. Sterker nog, de fractievoorzitters toonden hun ergernis dat de tekst van de verklaring hen, ondanks herhaald aandringen, nooit had bereikt. Terwijl de druk die het kabinet-Godett op de Nederlandse regering uitoefent, groot is. Schulden moeten worden kwijtgescholden en er moeten op korte termijn overbruggingskredieten komen om acute betalingsproblemen voor de Antilliaanse overheid te voorkomen, zo stelt het kabinet-Godett. Zonder die steun kan de staat op korte termijn ambtenarensalarissen, pensioenuitkeringen en renteaflossing niet meer betalen. ,,De financiële situatie is rampzalig'', zegt Dittrich. ,,Er dreigt een neerwaartse spiraal te ontstaan van chaos. En het ontbreekt aan een sense of urgency bij Antilliaanse politici. Nederland treft blaam dat we het zover hebben laten komen. Minister Thom de Graaf (Koninkrijksrelaties, D66, red.) krijgt één jaar om orde op zaken te stellen. De tijd van praten en commissies is voorbij.''

Dittrich verwijst naar het vorige Antilliaanse kabinet, onder leiding van premier Pourier, dat orde op zaken stelde en voldeed aan de normen van het IMF. ,,Vervolgens heeft Nederland financiële steun voor sociale programma's getraineerd en daarmee Anthony Godett in het zadel geholpen. Met alle gevolgen van dien. Kijk naar de paragraaf over het openbaar ministerie, waarin gepleit wordt voor vervanging van Nederlandse officieren van justitie. Nederland stuurt blanke mensen om zwarte mensen in de gevangenis te helpen, roept Godett. Dat is zo'n griezelige gedachte waar hij de verkiezingen mee won. Maar het gaat om de rechtshandhaving.''

De fractievoorzitters voelen niets voor de roep om onafhankelijkheid die in de regeringsverklaring staat verwoord. Sint Maarten mag nog deze regeerperiode uit het constitutioneel verband van de Antillen stappen, zo staat er. En andere eilanden mogen zich per referendum uitspreken over `heroverweging' van hun constitutionele status. ,,Die referenda kunnen er komen'', zegt Van Aartsen. ,,Maar is het dan niet zinvol om ook uit te leggen wat daarvan de consequenties zijn? Wat de betrokkenheid is van de Nederlandse regering? De Nederlandse Antillen bestaan niet. Daarom is het zinvol om het debat met de afzonderlijke eilandbesturen zelf aan te gaan.''

Oplossing van de financieringsproblematiek op de Antillen vergt juist grotere bemoeienis vanuit Nederland, vindt Verhagen. ,,En dan mag niet alleen naar de macht van Curaçao gekeken worden. De Antilliaanse bevolking moet duidelijk worden gemaakt dat er niet alleen offers worden gevraagd, maar dat er ook in hen geïnvesteerd wordt.'' Want het tweede kabinet-Kok heeft daarin gefaald, vindt ook Van Aartsen. ,,Mijn partijgenoot, voormalig staatssecretaris De Vries, hield terecht de lijn aan van niet zomaar over de brug komen. Nederland moet zich duidelijk teweerstellen. Maar hebben we de afgelopen jaren de juiste prioriteiten gesteld? Waarom is er bijvoorbeeld niet meer geïnvesteerd in volkshuisvesting?''