Polen beleeft de zomer van de ontslagen

De Poolse politiek is een reeks van grote en kleine, echte, opgeklopte of vermeende schandalen. Vooral de regerende SLD moet het ontgelden.

Het is nog twee jaar wachten op verkiezingen. Maar in gedachten – en opiniepeilingen – heeft iedereen Leszek Miller al naar huis gestuurd. De Poolse premier leeft in een nachtmerrie. Geen dag gaat voorbij zonder affaire. En in al die affaires speelt zijn partij, de sociaal-democratische SLD, een hoofdrol.

Andrzej Lepper, leider van de nationaal-populistische boerenpartij Samoobrona (Zelfverdediging), probeert al weken olie op het vuur te gooien met duizend over het hele land verspreide billboards. Dzwon do CIA, staat er met koeienletters op. Bel de CIA, het door Lepper opgerichte Centrum voor Informatie over Affaires. Maar de aansporing is volstrekt overbodig. De pulp komt vanzelf bovendrijven.

Het grootste schandaal deze zomer was de onthulling dat raadsleden van de SLD in het stadje Starachowice nauwe banden onderhielden met de lokale maffia. Extra saillant: de mannen bleken door een hoge partijgenoot uit Warschau te zijn ingelicht over het lopende politieonderzoek.

Verder was dit de zomer van de ontslagen: de onderminister van Financiën trad af omdat hij tijdens de privatisering van staalfabrieken smeergeld zou hebben gevraagd. Anderen vlogen de laan uit wegens het aannemen van geld. Functionarissen van SLD-huize moesten opstappen, omdat zij nevenfuncties bij commerciële bedrijven hadden verzwegen. Onder hen twee adviseurs van premier Miller. ,,Ik durf de krant niet open te slaan uit angst om wat ik ga zien'', verzuchtte minister Grzegorz Kurczuk van Justitie onlangs.

Ondertussen suddert het allergrootste schandaal in Polen, de zogeheten Rywin-affaire, ook nog door. Vorig jaar klopte filmproducent Lew Rywin, van onder meer The Pianist, aan bij Agora, de grootste uitgever van Polen. Rywin, die sprak namens een ,,machthebbende groep'', stelde Agora een gunstige mediawet in het vooruitzicht, in ruil voor 17,5 miljoen dollar en de toezegging dat de Agora-kranten premier Miller en de SLD niet meer zouden aanvallen. Iedereen breekt zich nu al maanden het hoofd over de vraag wie Rywin bedoelde met `machthebbende groep'. Rywin zwijgt, Miller ontkent.

Dat de SLD steeds in het middelpunt staat van alle affaires is geen toeval, schreef Bronislaw Wildstein, de belangrijkste commentator van dagblad Rzeczpospolita, vorige week. Het is de erfenis van het communistische verleden van de partij. In de tweede helft van de jaren tachtig konden de communisten hun absolute macht nog aanwenden voor het verwerven van gunstige posities en mooie bedrijven. ,,Politieke macht werd omgesmolten in bezit.'' Partijleden hielpen elkaar daarbij en op die manier werd de basis gelegd voor het systeem van diensten en wederdiensten dat zo kenmerkend is voor de huidige SLD.

De SLD is een banenmachine. En het is niet voor niets dat deze partij zich altijd het felst heeft verzet tegen de `depolitisering' van de ambtenarij. Nu is het zo dat de regerende partij belangrijke ambtenaren mag benoemen. Ook veel lagere ambtenaren worden vervangen. Het maakt de bureaucratie tot een broeinest van vriendjespolitiek en – veel erger – inefficiënt.

De SLD – Polen – kan alleen worden geholpen als het verleden onder ogen wordt gezien, meent Wildstein. Maar dat zal niet snel gebeuren. ,,De invloed van het communisme op het heden blijft een taboe-onderwerp. Dit taboe doorbreken ondermijnt de politieke legitimiteit van de post-communisten.''

De schandalenreeks is des te pijnlijker voor Miller, omdat de zomer zo mooi begon: begin juni stemde een meerderheid van de Polen vóór toetreding tot de Europese Unie. Maar dat is verleden tijd. De corruptie werpt nu een lelijke schaduw op alles wat de afgelopen twaalf jaar in Polen is bereikt, zoals de pijnlijke omvorming van de planeconomie in een vrije markt. De Polen zijn het zat. In een recente peiling verklaarde 84 procent van de Polen dat Miller slecht werk levert. Het is het laagste rapportcijfer dat ooit aan een regering is gegeven. Zondag schaarden de Poolse bisschoppen zich ook bij de critici. Zij riepen in een brief de regering op zich te laten leiden door ,,het gemeenschappelijke goed, niet door het zelfzuchtige belang van individuen of groepen''.

Miller zegt keer op keer dat hij de corruptie hard zal aanpakken. Het toegenomen aantal schandalen, zeggen zijn medestanders, moet in dat licht worden bezien: de harde aanpak werkt kennelijk. Maar het is een wat holle redenering: alle affaires tot nu zijn door de media aan het licht gebracht, niet door Miller of zijn partij.

De corruptiewetgeving is wel verscherpt: wie een ambtenaar omkoopt, maar meteen naar de politie stapt, wordt zelf langer niet gestraft. De straf voor het accepteren van smeergeld is verhoogd van drie naar acht jaar. Bovendien moeten alle 150.000 SLD-leden verplicht een lijst invullen met vragen over hun nevenactiviteiten. Mogelijk zullen ongeveer 30.000 leden de screening niet overleven. Maar hoe ver kan Miller gaan? ,,Als de kracht van de partij gebaseerd is op gemeenschappelijke belangen, op een mengsel van politieke, zakelijke en persoonlijke banden, dan kan dit niet zomaar worden veranderd'', schrijft Jerzy Baczynski in het tijdschrift Polityka. De zwakke Miller kan zich geen muiterij veroorloven.

,,Wat hoop geeft, is dat de tolerantie voor corruptie in Polen is verdwenen'', zei Miroslaw Sekula, hoofd van de rekenkamer, de waakhond van de overheid, in een recent interview. ,,Toetreding tot de Europese Unie zal helpen het fenomeen te bestrijden doordat regels en procedures transparanter zullen worden.'' Brussel kan wellicht slagen, waar Leszek Miller tot nu toe faalt.