Nieuwe popzaal is biersmijtbestendig

Na een verbouwing van vier jaar opent op 4 september het Haagse popcentrum Het Paard van Troje. Het werd ontworpen door het architectenbureau OMA van Rem Koolhaas.

De jaren voor en na de laatste eeuwwisseling hebben Nederland een nieuw type gebouw gebracht: de popzaal. In deze jaren werden voor het eerst in de geschiedenis in verschillende Nederlandse steden speciaal voor popmuziek nieuwe zalen gebouwd. Opvallend is dat ze vaak worden ontworpen door bekende architecten. Zo namen de Schiphol-architecten Benthem & Crouwel de zwarte gecapitonneerde doos van 013 (1996) in Tilburg voor hun rekening en was het vroegere Mecanoo-lid Erick van Egeraat verantwoordelijk voor de koperen MEZZ-blob in Breda (2002). Het Paard van Troje in Den Haag, dat op 4 september na een vier jaar lange en 12,2 miljoen euro kostende verbouwing weer open gaat, ging zelfs in zee met Nederlands beroemdste architectenbureau: het Office for Metropolitan Architecture (OMA) van Rem Koolhaas.

De eerste contacten tussen OMA en het Paard van Troje dateren al van 1996, vertelt Pim Jonker, directeur van het Paard: ,,Koolhaas had toen net dat dikke boek SMLXL uitgebracht. Daar komen strips, reclames, porno en andere uitingen van populaire cultuur in voor en dat vond ik wel passen bij een popcentrum.''

Grootste moeilijkheid bij de verbouwing van de panden aan de Prinsegracht waar het Paard van Troje al sinds het begin van de jaren zeventig is gehuisvest, was dat Monumentenzorg niet alleen bepaalde dat de 18de-eeuwse gevels behouden moesten blijven, maar ook grote delen van de direct daarachter gelegen ruimtes. Aan de gevels van de Prinsegracht is dan ook niet veel veranderd door OMA. Weliswaar zijn er zes toegangsdeuren in de plint van het gebouw aangebracht, maar die zijn gemaakt van dezelfde natuursteen als het onderste deel van de gevel. Des te opvallender is gevel om de hoek, aan de Lange Beestenmarkt, waarachter de laad- en losruimte en de kleedkamers zijn gelegen. Deze bestaat, op de ramen en deuren na, helemaal uit bruin verroest platen van cortenstaal, die omgekeerd zijn gepotdekseld.

Achter de zes deuren aan de Prinsegracht bevindt zich de foyer. De route links van de houten kassa en garderobe voert naar de grote zaal voor 1100 mensen, de rechter route gaat naar de kleine zaal van 300. Opvallendste onderdeel van de foyer is de vloer van boliet, een slijtvaste kunststof, in een grillig rood-geel patroon. ,,Het patroon is detail uit een druipschilderij van Jackson Pollock'', legt Jonker uit. ,,Maar ze zijn zo extreem uitvergroot dat ook een Pollock-kenner dit nooit zou zien.''

Zoals in veel popcentra is de foyer niet al te ruim bemeten. ,,Een popzaal is anders dan een theater'', zegt Jonker. ,,In een theater willen de bezoekers in de foyer rondlopen om te kijken en gezien te worden. In een popzaal kunnen ze daar ook de zalen voor gebruiken die al lang voor het concert open zijn. Bovendien is het niet erg, als mensen buiten op straat in de rij staan om binnen te komen. Dat geeft voorbijgangers het gevoel dat er iets gaande is in het Paard van Troje.''

Hoewel Rem Koolhaas zich nauwelijks heeft bemoeid met het ontwerp voor het nieuwe Paard van Troje en het werk heeft overgelaten aan Floris Alkemade en andere OMA'ers, is het handelsmerk van OMA wel al in de foyer zichtbaar: de verschillende materialen botsen hier uitbundig op elkaar. De bolieten vloer, de kassa van hout, tegen het betonnen plafond is het woord paard in reuzenletters van zwart isolatiemateriaal geplakt, de trappen zijn van staal, wanden van goedkoop chipwood, en grote delen van de muren zijn afgebikt en verder onbewerkt gelaten, zodat ze een staalkaart vormen van de verschillende soorten stenen die in de loop van de eeuwen zijn gebruikt in de panden.

De twee zalen zijn, zoals het hoort in een popcentrum, pogo-, stagedive- en biersmijtbestendig. Het zijn losse betonnen dozen die rusten op kolommen met stootkussens die wel worden gebruikt voor gebouwen in aardbevingsgebieden. Soberheid overheerst in de zalen: de muren zijn van grijsgeschilderd beton, de bars van betonplex en het hekwerk van zwart metaal. De kleine zaal heeft een vlakke vloer en een inklapbare zittribune, de grote zaal heeft wel een vast podium en is voorzien van een novum in Nederlandse popzalen: twee verschuifbare balkons. ,,Dit maakt een flexibel gebruik van de zaal mogelijk'', aldus Pim Jonker. ,,Je kunt bijvoorbeeld een balkon in het midden van de zaal plaatsen en daar hoog boven het publiek een dj laten draaien.''

Het nieuwe Paard van Troje wordt op 4 september geopend met een `supersessie' van Haagse popmuzikanten, gevolgd door een dansfestijn o.l.v. Wipneus en Pim.