Inzicht in de Antillen

IN ÉÉN OPZICHT kan de reis van de fractievoorzitters uit de Tweede Kamer naar de Nederlandse Antillen die gisteren eindigde, nu al geslaagd worden genoemd. Er is vanuit Nederland tenminste weer politieke aandacht voor dit deel van het Koninkrijk. Dat wil zeggen: als de Nederlandse politici de komende tijd ook echt werk maken van de bij hun vertrek uitgesproken bezorgdheid. De reis heeft pijnlijk duidelijk gemaakt hoe slecht de Nederlandse Antillen ervoor staan. In sociaal, financieel en bestuurlijk opzicht is sprake van een nagenoeg failliete boedel. Maar bijna even pijnlijk is het dat de fractievoorzitters deze reis nodig hadden om van de ernst van de situatie te worden doordrongen. Het is opnieuw een illustratie van het chronisch gebrek aan interesse voor het eilandenrijk in het Caraïbisch gebied. Wat dat betreft kan de Nederlandse politiek zichzelf ook wel het nodige aanrekenen na deze reis.

Hoogconjunctuur maakt lui, aldus een bekende wet. Dat gaat zeker ook op voor de Antillen. In de `rijke' jaren van Paars zijn de Antillen vergeten. Een duidelijk beleid was er niet, behalve dan dat de autonome status buitengewoon werd gerespecteerd. Daarmee werd het verantwoordelijkheidsaspect, dat eveneens voortvloeit uit het Koninkrijksstatuut, geheel genegeerd. De fractievoorzitters hebben de afgelopen tien dagen nu met eigen ogen kunnen aanschouwen waar deze laisser faire-politiek toe heeft geleid. De reis kreeg een extra politieke lading als gevolg van het aantreden van de regering-Godett. Zowel de opvattingen als het gedrag van zus Godett (de premier) en broer Godett (de FOL-aanvoerder) waren uitgesproken. Daar mogen de Nederlandse gasten zich weliswaar aan gestoord hebben, maar het heeft eveneens verhelderend gewerkt. De urgentie van de problemen op de Antillen wordt nu wel onderkend. Dat daarnaast ook de familie Godett zelf een probleem vormt, is inmiddels zonneklaar.

HET EERSTE VERZOEK van de Antillen aan Den Haag om meer geld is alweer onderweg. Maar onvoorwaardelijk geld in de eilanden pompen staat een fundamentele aanpak van de problemen in de weg. Er liggen aanbevelingen van een commissie onder leiding van president-directeur Tromp van de Antilliaanse Centrale Bank om de overheidsfinanciën te saneren. Met de uitvoering daarvan moet allereerst een begin worden gemaakt. Dan is het de hoogste tijd dat in Den Haag het besef doordringt dat de Antillen niet in staat zijn de bestuurlijke en financiële chaos zelf aan te pakken. Het Koninkrijkstatuut biedt de ruimte voor actief optreden. Minister De Graaf van bestuurlijke vernieuwing doet er dan ook goed aan zich ten aanzien van de Antillen nu eerst eens als minister van bestuurlijke daadkracht te manifesteren.