Europese zonden

DE EUROPESE MINISTERS van Financiën zullen de inspirerende omgeving van Stresa aan het Lago Maggiore volgende week hard nodig hebben om het Groei- en Stabiliteitspact van de Europese Unie van de ondergang te redden. Het pact is op sterven na dood nu Frankrijk onverdroten doorgaat met het verhogen van zijn begrotingstekort. Dat staat inmiddels op 4 procent van het bruto binnenlands product, een punt meer dan officieel toegestaan. Maar Frankrijk is niet het enige land dat overschrijdt. Duitsland bijvoorbeeld staat op 3,8 procent. De Europese Commissie houdt er rekening mee dat de begrotingstekorten van alle eurolanden samen dit jaar dichtbij of zelfs boven de 3 procent uitkomen, de kritische grens die iedere Europese politicus kent en waartegen nu zo massaal wordt gezondigd. Het is net als met de Tien Geboden, heeft een minister van Financiën van een minder welvarend EU-land eens gezegd, ,,iedereen weet dat je je eraan moet houden, maar iedereen is een zondaar''.

Ziedaar het dilemma. In tijden van nood zondigen politici graag en veel. De Fransen doen dat met de minste gêne. Zowel president Jacques Chirac als zijn minister van Financiën Francis Mer heeft de afgelopen tijd meermaals openlijk gezegd dat de regels van het Pact versoepeld moeten worden, dat zìj primair verantwoordelijk zijn voor de Franse economie, en niet Brussel, en dat ze lak hebben aan de waarschuwingen en boetes die volgen op overschrijding van de drieprocentsnorm. In deze uitlatingen is goed een ander tekort te zien: het tekort aan politieke wil om van Europa meer te maken dan een economische- en muntunie. In een politieke unie zouden sluitende afspraken kunnen worden gemaakt die nationale regeringen dwingen de regels na te leven. Zeven jaar geleden is afgesproken dat de landen met de euro zich binden aan de strenge Europese begrotingsdiscipline. Eén keer forse economische tegenwind en van een band lijkt geen sprake meer. Wat is Europa dan meer dan los zand, vooralsnog bijeengehouden door een munt die sterk lijkt maar nota bene van binnenuit wordt uitgehold door de zwakke wil van sommige staten?

EUROPESE POLITICI verwijzen dezer dagen graag naar de Amerikaanse economie. Ook Washington bouwt een enorm tekort op, zoals wel vaker is gebeurd in het verleden. Maar er zijn verschillen. De VS zijn verwikkeld in een dure oorlog. De Amerikaanse economie is bovendien veel flexibeler en tot groeien geneigd dan de Europese. Die vitaliteit zorgt ervoor dat tekorten snel ongedaan kunnen worden gemaakt. Hoe anders is het in Europa. Overschrijdingen worden hier doorgaans door politici gebruikt om impopulaire bezuinigingsmaatregelen te omzeilen. Het gevolg is dat Frankrijk en Duitsland, de twee grootste Europese economieën, de uitgaven mondjesmaat snoeien en de begrotingsnorm maximaal schenden.

Steeds luider zal de roep om soepeler toepassing van de regels van het Stabiliteitspact klinken. Tegelijkertijd zal steeds duidelijker worden dat `flexibiliteit' – een politiek eufemisme voor lamlendigheid en onmacht om echte oplossingen aan te dragen – geen panacee is voor het Grote Europese Budgetvraagstuk. Regels zijn regels en voorlopig is het het beste om die vast te houden. Dat ze geschonden worden is een politiek probleem van de eerste orde. Wegduiken en toegeven is wel het slechtste dat Europa kan doen.