Australië bepleit meer vrije handel landbouw

Kleine veranderingen in het wereldhandelssysteem op de top in Cancún kunnen voor agri-exporteurs Australië en Nieuw-Zeeland grote gevolgen hebben.

Voor Australië en Nieuw-Zeeland is veel te winnen bij de conferentie van handelsministers van de Wereldhandelsorganisatie (WTO), volgende week in het Mexicaanse Cancún. De geavanceerde en ongesubsidieerde agrarische sector in beide landen produceert veel meer dan de binnenlandse vraag rechtvaardigt. Zo voert Nieuw-Zeeland twintig keer meer zuivelproducten uit dan de binnenlandse consumptie.

Al decennia lang, sinds de toegang van de voormalige vanzelfsprekende afzetmarkt Groot-Brittannië tot de EEG in 1975, vechten beide landen daarom voor toegang tot lucratieve markten. Ze willen ook een eind aan marktverstorende subsidies in de landen die met hen concurreren, vooral de Europese Unie en Verenigde Staten.

Een recente studie in Nieuw-Zeeland berekende dat het aantal banen daar door de beperkte liberalisering onder de Uruguay-ronde, de voorganger van de huidige Doha-ronde van de WTO, met 17.600 was toegenomen. ,,Zelfs kleine aanpassingen kunnen voor onze kleine economie van enorm belang zijn'', zegt een Nieuw-Zeelandse onderhandelaar op voorwaarde van anonimiteit.

Binnenlands economisch voordeel voor Australië en Nieuw-Zeeland, beide rijke landen, is echter geen doorslaggevend argument in de gecompliceerde onderhandelingen in de Doha-ronde. Daarom leggen de twee landen graag de nadruk op de politiek aantrekkelijke voordelen voor ontwikkelingslanden van verdere liberalisering van handel in landbouwproducten.

,,Vergeet bovendien niet de belangen van de consumenten in Europa en de VS. Zij betalen momenteel veel te veel voor onze producten'', zegt econoom Tim Harcourt van de exportpromotor Austrade in Sydney. Australië was de initiatiefnemer van de oprichting van de Cairns-groep van landen die op grote schaal landbouwproducten uitvoeren. De groep is genoemd naar de stad in Queensland waar in 1986 vijftien landen uit Oceanië, Azië en Latijns-Amerika samenkwamen. De groep wilde de importbarrières voor landbouwproducten en landbouwsubsidies slechten. Andere leden zijn onder meer Argentinië, Brazilië, Indonesië en Zuid-Afrika.

,,Australië is een klein land. We zullen daarom in Cancún vooral als lid van het Cairns-blok opereren'', zegt Tim Harcourt. Toch probeert Australië buiten de WTO om ook op bilateraal vlak te scoren. In de maak zijn handelsakkoorden met de VS en China.

Lang zag het er naar uit dat landbouwproducten buiten de overeenkomst met de Amerikanen zouden worden gehouden, omdat president Bush de machtige boerenlobby, hoeksteen van zijn conservatieve aanhang, niet voor het hoofd wilde stoten. De Amerikaanse boeren zijn bang voor concurrentie met uit Australië ingevoerde tarwe en rundvlees. ,,De meest recente signalen van de Amerikaanse handelsvertegenwoordiger Robert Zoellick wijzen er echter op dat landbouwproducten toch deel kunnen uitmaken van een overeenkomst tussen Australië en de Verenigde Staten'', zegt Harcourt. Hij zegt dat de bilaterale akkoorden uiteindelijk ook druk op de WTO leggen om verdere liberalisering van handel in agrarische producten te bewerkstelligen.

In Australië en Nieuw Zeeland is optimistisch gereageerd op het raamakkoord over landbouw eerder deze maand tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie. Het wordt gezien als een nieuwe impuls voor Cancún. Eerder was er vrees dat de ronde juist een impasse had bereikt. ,,Ik ben opgelucht dat we de juiste richting opgaan. De harde besluiten die nodig zijn, moeten echter nog worden genomen'', zegt de Nieuw-Zeelandse minister van Landbouw en Handelsonderhandelingen, Jim Sutton. Harcourt beaamt dat, maar waarschuwt: ,,De duivel heeft zich in de details verscholen''.

Sutton zegt dat de weg in Cancún nog lang is. ,,Exportsubsidies voor landbouwproducten moeten worden afgeschaft. Ons land heeft verbeterde toegang nodig tot de markten van de ontwikkelde landen. De voorstellen die nu op tafel liggen, zijn te tweeslachtig. We willen fundamentele hervormingen die goed zijn voor alle leden van de WTO en vooral voor ontwikkelingslanden.''

Maar de in Australië en Nieuw-Zeeland graag geziene koppeling tussen liberalisering van handel in landbouwproducten en de belangen van ontwikkelingslanden levert in de praktijk risico's op, erkent Tim Harcourt. In de recente voorstellen van EU en VS is sprake van speciale concessies ten aanzien van markttoegang voor ontwikkelingslanden. ,,Het zou voor ons land enorme gevolgen kunnen hebben, wanneer de liberalisering niet op Australische landbouwproducten van toepassing is.''

Harcourt ontkent overigens het verwijt dat de strenge Australische quarantainevoorschriften een verkapte tariefmuur zijn om de invoer van buitenlandse landbouwproducten te belemmeren. ,,Australië is een geïsoleerd eilandcontinent, waar veel ziektes niet voorkomen, maar waar die zich razendsnel kunnen verspreiden. Onze quarantaineregels hebben allemaal een wetenschappelijke basis.''

Dit is de vierde aflevering van een serie verhalen over wereldhandel naar

aanleiding van de WTO-ministersconferentie in Cancún, 10-14 september.

Eerdere afleveringen verschenen op 23 en 29 augustus en 2 september.

Zie ook www.nrc.nl